- Centraal examen (CE) — schriftelijk
- Het CE biologie is een schriftelijk examen van 3 uur waarin de CE-stof uit de syllabus wordt getoetst. Het programma is concept-context van opzet: elke opgave start met een authentieke context (een onderzoek, een ziektebeeld, een ecosysteem, een technologische toepassing) waaruit vragen volgen die een beperkt aantal biologische kernconcepten toetsen. De vraagwerkwoorden zijn overwegend kwalitatief (leg uit, verklaar, beredeneer, noem, beschrijf), aangevuld met reken- en afleesvragen (bereken, bepaal, leid af).
- Weging CE en SE
- Het eindcijfer is het gemiddelde van het cijfer voor het centraal examen (CE) en het schoolexamen (SE), elk voor de helft. Het SE toetst de niet-CE-domeinen (waaronder een deel van de vaardigheden, practicum en het profielwerkstuk-onderdeel) volgens het PTA van de school; de biologische denkwijzen en onderzoeksvaardigheden worden zowel in het CE als in het SE getoetst.
- Getoetste denkwijzen en vaardigheden
- Het examen toetst de vier biologische denkwijzen — systeemdenken (schaalniveaus molecuul→cel→orgaan→organisme→ecosysteem→biosfeer), vorm-functiedenken, ecologisch denken en evolutionair denken — plus de algemene vaardigheden: informatie halen uit tekst, tabellen, grafieken en afbeeldingen, biologisch redeneren en concluderen, rekenen (verhoudingen, vergroting, kansen, verdunningen) en het beoordelen van onderzoek (betrouwbaarheid en validiteit).
- Hulpmiddelen en normering
- Toegestane hulpmiddelen bij het CE zijn BINAS (informatieboek met onder meer de basenvolgorde-tabel, de genetische code, schema's van organen en stofwisselingsroutes) en een rekenmachine. De omzetting van score naar cijfer verloopt via de N-term, die het CvTE per jaar per vak vaststelt; exacte scoregrenzen zijn dus niet vooraf bekend.