Hoe het leven op aarde is ontstaan en zich in de diepe tijd heeft ontwikkeld. Je bestudeert de chemische evolutie op de vroege aarde (met het Miller-Urey-experiment), het ontstaan van de eerste cellen (protobionten en de RNA-wereld), de endosymbiosetheorie voor het ontstaan van de eukaryote cel, en de geologische tijdschaal met de grote overgangen in de geschiedenis van het leven.
4 Onderdelen~13 min leestijd4 VaardighedenNiveau Standaard 2 · Verdieping 2
basisniveau
Voor het CE beschrijf je de hoofdlijnen van het ontstaan van het leven en de endosymbiosetheorie.
verhoogd niveau
Verdieping ligt in de moleculaire hypothesen (RNA-wereld) en de details van de vroege evolutie.
Leesdiepte: Verdieping
Tekstgrootte: Standaard
Chemische evolutie
Leg uit wat het Miller-Urey-experiment aantoonde en waarom de afwezigheid van zuurstof daarbij van belang was.
Miller en Urey bootsten de zuurstofarme oeratmosfeer (methaan, ammoniak, waterstof, waterdamp) na en lieten er elektrische ontladingen (bliksem) doorheen gaan.
Er vormden zich organische moleculen, waaronder aminozuren — de bouwstenen van eiwitten — uit uitsluitend anorganische uitgangsstoffen.
Zuurstof zou de gevormde organische moleculen weer hebben afgebroken (geoxideerd); juist doordat er geen zuurstof was, konden ze zich vormen en ophopen.
Resultaat: Miller-Urey toonde dat de bouwstenen van het leven spontaan uit anorganische stoffen kunnen ontstaan bij voldoende energie; de zuurstofarme atmosfeer was nodig omdat zuurstof die moleculen zou hebben afgebroken.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Leg uit wat het Miller-Urey-experiment aantoonde over het ontstaan van de bouwstenen van het leven, en waarom het feit dat de oeratmosfeer geen zuurstof bevatte hierbij van belang was.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma biologie VWO — ontstaan van het leven (College voor Toetsen en Examens (CvTE))
Van moleculen naar de eerste cel
Leg uit waarom de RNA-wereld-hypothese het ontstaan van zelf-replicerende cellen goed kan verklaren, met het kip-en-eiprobleem van DNA en eiwitten.
In de moderne cel heeft DNA eiwitten (enzymen) nodig om afgelezen te worden, maar die eiwitten worden juist door het DNA gecodeerd — geen van beide kan zonder de ander ontstaan zijn.
RNA kan zowel erfelijke informatie dragen als (in bepaalde vormen) als enzym reacties versnellen — het kan dus beide functies vervullen.
In een RNA-wereld verzorgde RNA zelf de informatie én de katalyse en kon het zichzelf kopiëren; DNA en eiwitten namen die taken pas later, efficiënter, over.
Resultaat: Omdat RNA zowel informatie draagt als katalyseert, doorbreekt het het kip-en-eiprobleem van DNA en eiwitten en kan het het ontstaan van de eerste zelf-replicerende systemen verklaren.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Leg uit waarom de hypothese van een RNA-wereld aantrekkelijk is om het ontstaan van de eerste zelf-replicerende cellen te verklaren, en gebruik daarbij het kip-en-eiprobleem van DNA en eiwitten.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma biologie VWO — de eerste cellen (College voor Toetsen en Examens (CvTE))
De endosymbiosetheorie
Noem drie waarnemingen aan mitochondriën die de endosymbiosetheorie ondersteunen en leg per waarneming uit waarom ze past bij een bacteriële oorsprong.
Mitochondriën bevatten een eigen, cirkelvormig DNA, los van het kern-DNA — net als bacteriën, die ook een ringvormig DNA hebben.
Ze hebben eigen ribosomen die sterk op die van bacteriën lijken, wat past bij een oorsprong als zelfstandige bacterie met eigen eiwitsynthese.
Ze zijn omgeven door een dubbele membraan (passend bij het inslikken van een cel) en delen zich zelfstandig binnen de cel, net als bacteriën.
Resultaat: Het eigen cirkelvormige DNA, de bacterie-achtige ribosomen en de dubbele membraan met zelfstandige deling wijzen er alle op dat mitochondriën ooit vrijlevende bacteriën waren — precies wat de endosymbiosetheorie voorspelt.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Noem drie waarnemingen aan mitochondriën die de endosymbiosetheorie ondersteunen, en leg per waarneming uit waarom ze past bij een oorsprong als vrijlevende bacterie.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma biologie VWO — endosymbiose (College voor Toetsen en Examens (CvTE))
De geologische tijdschaal
Zet in de juiste volgorde met hun ouderdom: eerste eukaryoten, ontstaan van de aarde, eerste prokaryote cellen, meercellig leven.
De aarde ontstond ongeveer 4,6 miljard jaar geleden; dat is het beginpunt.
De eerste prokaryote cellen verschenen ongeveer 3,5 tot 3,8 miljard jaar geleden, gevolgd door de eerste eukaryoten ongeveer 1,8 tot 2 miljard jaar geleden.
Meercellig leven kwam veel later op, ruwweg vanaf 600 miljoen jaar geleden.
Resultaat: Volgorde: ontstaan aarde (~4,6 mld) → eerste prokaryoten (~3,5-3,8 mld) → eerste eukaryoten (~1,8-2 mld) → meercellig leven (~600 mln jaar geleden).
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Zet de volgende gebeurtenissen in de juiste volgorde op de geologische tijdschaal en geef bij benadering hun ouderdom: eerste eukaryoten, ontstaan van de aarde, eerste prokaryote cellen, meercellig leven.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma biologie VWO — geologische tijdschaal (College voor Toetsen en Examens (CvTE))
Referenties en bronnen
College voor Toetsen en Examens (CvTE)