- Centraal examen (CE) — schriftelijk met grafische rekenmachine
- Het CE toetst de centraal-examenstof uit de domeinen A (Vaardigheden), B (Algebra en tellen), C (Verbanden), D (Verandering), E (Statistiek en kansrekening), F (Logisch redeneren) en G (Vorm en ruimte). Het is een schriftelijk examen waarbij de grafische rekenmachine (GR) een toegestaan hulpmiddel is; de opgaven zijn ingekleed in realistische, vaak maatschappelijke of culturele contexten en vragen zowel om berekeningen als om uitleg, interpretatie en redeneren in woorden.
- Schoolexamen (SE) — inclusief keuzeonderwerpen
- Het schoolexamen wordt door de school vastgesteld volgens het PTA (programma van toetsing en afsluiting) en toetst onder meer de keuzeonderwerpen (domein H) die niet in het CE zitten, naast (delen van) de verplichte domeinen. Het eindcijfer is het (afgeronde) gemiddelde van het CE-cijfer en het SE-cijfer, die elk ongeveer even zwaar meetellen.
- Beoordeling en normering (N-term)
- Elke opgave levert scorepunten op volgens een correctievoorschrift; deelscores worden toegekend voor correcte tussenstappen, juiste uitvoer met de GR en heldere toelichting. De omzetting van scorepunten naar het CE-cijfer verloopt via de N-term, die het CvTE per jaar en per vak achteraf vaststelt — die normering ligt niet van tevoren vast.
- Vaardigheden die het examen doorsnijden (domein A)
- Domein A (algemene, wiskundige en vaktaalvaardigheden, ICT-gebruik, modelleren en redeneren) wordt niet los getoetst, maar in samenhang met alle andere domeinen: correct rekenen en algebraïsch bewerken, de grafische rekenmachine doelmatig inzetten, resultaten op de juiste manier afronden, en antwoorden in de context van de opgave interpreteren, onderbouwen en kritisch beoordelen.