Vorm en ruimte gaat over het beschrijven en analyseren van vlakke en ruimtelijke figuren. Je leert de bouwstenen van een lichaam benoemen (hoekpunten, ribben, zijvlakken), werkt met veelhoeken en veelvlakken en de betrekking van Euler, en herkent lijn-, draai- en puntsymmetrie. Tot slot komen verhoudingen en patronen in vorm en ruimte aan bod, deels als verdieping. Dit onderwerp legt de meetkundige taal vast die je bij perspectief, aanzichten en het rekenen aan oppervlakte en inhoud nodig hebt. Het hoort tot de centraal-examenstof (domein G).
4 Onderdelen~15 min leestijd4 VaardighedenNiveau Basis 1 · Standaard 2 · Verdieping 1
basisniveau
De meetkundige taal van vorm en ruimte (bouwstenen, veelvlakken, symmetrie) is centraal-examenstof (domein G) van wiskunde C.
verhoogd niveau
Verdieping (deels buiten de kern-CE-stof): verhoudingen als de gulden snede en betegelingen laten zien hoe meetkunde in kunst, natuur en architectuur doorwerkt.
Leesdiepte: Verdieping
Tekstgrootte: Standaard
Afb. 1 — De bouwstenen van een balk
Bouwstenen van een balk
Een balk heeft 8 hoekpunten (h), 12 ribben (r) en 6 zijvlakken (z).
Een lichaam heeft twee evenwijdige driehoekige grondvlakken die door drie rechthoeken zijn verbonden. (a) Welk lichaam is dit? (b) Hoeveel hoekpunten, ribben en zijvlakken heeft het? (c) Hoeveel diagonalen heeft een rechthoekig zijvlak?
Twee evenwijdige, congruente grondvlakken met een mantel van rechthoeken: dat is een (driezijdig) prisma.
Twee driehoeken geven hoekpunten; ribben per driehoek plus verbindingsribben geeft ribben; grondvlakken plus mantelrechthoeken geeft zijvlakken.
Een rechthoek heeft diagonalen (die de tegenoverliggende hoekpunten verbinden).
Resultaat: (a) een driezijdig prisma; (b) hoekpunten, ribben, zijvlakken; (c) diagonalen per rechthoekig zijvlak.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Bekijk een vierzijdige piramide (met een vierkant grondvlak). Benoem het aantal hoekpunten, ribben en zijvlakken, en geef aan welke ribben in één top samenkomen.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenblad.nl — syllabus wiskunde C (VWO), domein G: Vorm en ruimte (CvTE / DUO)
Afb. 3 — De vijf regelmatige veelvlakken en Euler
Afb. 2 — Vierzijdige piramide en de betrekking van Euler
Betrekking van Euler
Voor elk convex veelvlak: aantal hoekpunten min aantal ribben plus aantal zijvlakken is 2.
Ribben uit zijvlakken
Elke ribbe grenst aan twee zijvlakken, dus tel je hem twee keer bij het optellen per zijvlak.
Een voetbal is gemodelleerd als een veelvlak met vijfhoeken en zeshoeken als zijvlakken (een afgeknotte icosaëder). (a) Hoeveel zijvlakken zijn er? (b) Hoeveel ribben, met de dubbeltelling? (c) Bepaal met Euler het aantal hoekpunten.
zijvlakken.
Som van de zijden: ; elke ribbe telt dubbel, dus .
Uit volgt .
Resultaat: (a) zijvlakken; (b) ribben; (c) hoekpunten (klopt met een echte voetbal).
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Een octaëder heeft driehoekige zijvlakken. Bepaal via de dubbeltelling het aantal ribben en daarna met de betrekking van Euler het aantal hoekpunten. Controleer je antwoord met de tabel.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenblad.nl — syllabus wiskunde C (VWO), domein G: Vorm en ruimte (CvTE / DUO)
Afb. 4 — Regelmatige zeshoek met een symmetrieas
Kleinste draaihoek
Een regelmatige n-hoek valt na een draai van 360°/n op zichzelf; hij heeft n-tallige draaisymmetrie.
(a) Hoeveel symmetrieassen heeft een gelijkzijdige driehoek, en wat is de kleinste draaihoek? (b) Heeft een parallellogram (geen ruit of rechthoek) lijnsymmetrie? (c) Welke symmetrie heeft de letter S?
Drie gelijke zijden geven symmetrieassen; de draaihoek is (drietallige draaisymmetrie).
Een algemeen parallellogram heeft geen spiegelas, dus geen lijnsymmetrie; wel is het puntsymmetrisch (halve draai om het snijpunt van de diagonalen).
De S valt op zichzelf na een halve draai, maar niet na spiegelen: puntsymmetrisch, niet lijnsymmetrisch.
Resultaat: (a) symmetrieassen, draaihoek ; (b) geen lijnsymmetrie, wel puntsymmetrie; (c) de letter S is puntsymmetrisch.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Onderzoek de symmetrie van een vierkant: hoeveel symmetrieassen heeft het, en welke draaisymmetrie? Onderzoek daarna de letter H en de letter N op lijn- en puntsymmetrie.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenblad.nl — syllabus wiskunde C (VWO), domein G: Vorm en ruimte (CvTE / DUO)
Afb. 5 — De gulden rechthoek
Gulden snede
Het verhoudingsgetal van de gulden snede; een gulden rechthoek heeft lengte : breedte = φ.
(a) Een gulden rechthoek is cm breed. Hoe lang is hij (verhouding )? (b) Waarom kun je het vlak niet betegelen met alleen regelmatige vijfhoeken?
Lengte = breedte maal .
De binnenhoek van een regelmatige vijfhoek is . Rond een knooppunt moet worden gevuld, maar is geen geheel getal, dus ze passen niet naadloos.
Resultaat: (a) ongeveer cm lang; (b) omdat niet netjes in deelt, laten regelmatige vijfhoeken gaten of overlap.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Bereken de binnenhoek van een regelmatige achthoek en leg uit of je het vlak kunt betegelen met alleen regelmatige achthoeken. Bepaal daarna de breedte van een gulden rechthoek die cm lang is.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenblad.nl — syllabus wiskunde C (VWO), domein G: Vorm en ruimte (CvTE / DUO)
Referenties en bronnen