Dit onderwerp behandelt drie standaardverbanden. Het lineaire verband f(x)=ax+b hoort bij een rechte lijn met helling a en snijpunt b. Het tweedegraads (kwadratische) verband f(x)=ax²+bx+c hoort bij een parabool met top, symmetrieas en nulpunten. En het machtsverband f(x)=a·xⁿ omvat onder meer de evenredige en omgekeerd evenredige verbanden. Je leert ze herkennen aan formule, tabel of grafiek en de invloed van de kengetallen en van transformaties beschrijven. Dit onderwerp hoort tot de centraal-examenstof (domein C).
4 Onderdelen~15 min leestijd4 VaardighedenNiveau Basis 1 · Standaard 3
basisniveau
Lineaire en kwadratische verbanden vormen de kern van domein C; ze komen in vrijwel elke contextopgave terug.
verhoogd niveau
Verdieping: het herkennen van machts- en omgekeerd evenredige verbanden en het beschrijven van transformaties helpen om onbekende grafieken snel te doorzien.
Leesdiepte: Verdieping
Tekstgrootte: Standaard
Afb. 1 — Helling en snijpunt van een rechte lijn
Lineair verband
a is de helling (richtingscoëfficiënt), b de startwaarde en het snijpunt met de y-as.
Helling uit twee punten
De verticale verandering gedeeld door de horizontale verandering tussen twee punten op de lijn.
Een lijn gaat door de punten en . (a) Bereken de helling. (b) Bepaal de startwaarde en de formule. (c) Welke hoort bij ?
Verticale verandering gedeeld door horizontale.
Vul een punt in : . Dus .
Vul in.
Resultaat: (a) helling ; (b) ; (c) .
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Een lijn gaat door en . Bepaal de helling, de formule en het snijpunt met de -as.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenblad.nl — syllabus wiskunde C (VWO), domein C: Verbanden (CvTE / DUO)
Afb. 2 — Parabool met top en nulpunten
Tweedegraads verband
a bepaalt de opening (a>0 dal, a<0 berg); c is het snijpunt met de y-as.
Symmetrieas / top
De x-coördinaat van de top; vul deze in de formule in voor de y-coördinaat.
Aantal nulpunten
D>0: twee nulpunten; D=0: één (raken); D<0: geen.
Gegeven . (a) Bepaal de coördinaten van de top. (b) Bereken de nulpunten. (c) Is de top een minimum of een maximum, en wat is de minimale functiewaarde?
; .
Twee getallen met som en product : en .
Omdat opent de parabool naar boven: de top is een minimum. De minimale functiewaarde is .
Resultaat: (a) top ; (b) nulpunten en ; (c) minimum, met minimale waarde .
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Gegeven . Bepaal de opening, de top, de nulpunten en het snijpunt met de -as, en schets de parabool.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenblad.nl — syllabus wiskunde C (VWO), domein C: Verbanden (CvTE / DUO)
Afb. 3 — Machtsfuncties x² en x³
Afb. 4 — Omgekeerd evenredig verband y = 6/x
Machtsverband
De exponent n bepaalt de grondvorm van de grafiek; a bepaalt de schaal en de richting.
Evenredig en omgekeerd evenredig
Evenredig: y/x constant (lijn door O). Omgekeerd evenredig: x·y constant (hyperbool).
Voor een vaste afstand van km geldt dat de reistijd (uur) omgekeerd evenredig is met de snelheid (km/u): . (a) Bereken de reistijd bij en bij km/u. (b) Toon aan dat het verband omgekeerd evenredig is. (c) Bij welke snelheid duurt de rit uur?
uur en uur.
en : het product is telkens , dus omgekeerd evenredig.
Los op: km/u.
Resultaat: (a) uur en uur; (b) het product is constant, dus omgekeerd evenredig; (c) bij km/u.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
De oppervlakte van een vierkant is evenredig met het kwadraat van de zijde: . Hoeveel keer zo groot wordt de oppervlakte als de zijde verdrievoudigt? En bij een omgekeerd evenredig verband : welke hoort bij ?
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenblad.nl — syllabus wiskunde C (VWO), domein C: Verbanden (CvTE / DUO)
Afb. 5 — De parabool verschuiven
Verticaal verschuiven
c>0: omhoog; c<0: omlaag.
Horizontaal verschuiven
c>0: naar rechts; c<0: naar links (tegengesteld aan het teken in x−c).
Verticaal vermenigvuldigen
|a|>1: steiler; 0<|a|<1: platter; a<0: gespiegeld in de x-as.
Gegeven de standaardparabool . (a) Geef de formule na een verschuiving van naar rechts en omlaag. (b) Waar ligt dan de top? (c) Beschrijf de grafiek van ten opzichte van .
Rechts: . Omlaag: erbij.
Bij de vorm ligt de top in , dus hier .
De factor maakt de parabool steiler (factor ) én spiegelt hem in de -as, dus is een smallere, naar beneden geopende parabool met dezelfde top .
Resultaat: (a) ; (b) top ; (c) is steiler en op de kop t.o.v. .
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Beschrijf hoe je de grafiek van uit krijgt en geef de top. Geef daarna de formule van na spiegeling in de -as en een verschuiving van omhoog.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenblad.nl — syllabus wiskunde C (VWO), domein C: Verbanden (CvTE / DUO)
Referenties en bronnen