- Centraal examen (CE) — schriftelijk met bronnen
- Het CE toetst twee dingen samen. Ten eerste de oriëntatiekennis: de tien tijdvakken met hun kenmerkende aspecten, die je als chronologisch kader paraat moet hebben. Ten tweede een aantal historische contexten die het CvTE per examenjaar aanwijst (voor het VWO doorgaans enkele van de vastgestelde contexten). De opgaven bevatten schriftelijke en visuele bronnen; je moet vooral historisch redeneren: bronnen plaatsen in tijd en plaats, oorzaken en gevolgen benoemen, continuïteit en verandering aanwijzen, en standpunten beoordelen. Er is geen los feitenrepetitie-examen — kennis is altijd in dienst van een redenering.
- Schoolexamen (SE)
- Het SE wordt door de school vastgesteld volgens het PTA en toetst de eindtermen en historische vaardigheden die niet (volledig) in het CE aan bod komen, zoals het zelfstandig onderzoeken van een historisch probleem, het werken met historiografie en het beoordelen van de representativiteit en betrouwbaarheid van bronnen. Het eindcijfer is het (afgeronde) gemiddelde van het CE-cijfer en het SE-cijfer, die elk ongeveer even zwaar meetellen.
- Beoordeling en normering
- Elke opgave levert scorepunten op volgens een correctievoorschrift. Punten worden toegekend voor een juiste, op de bron of de context gebaseerde redenering: het correct koppelen van een verschijnsel aan een tijdvak of kenmerkend aspect, het aanwijzen van een aannemelijke oorzaak of gevolg, of het onderbouwen van een standpunt met het juiste tijd- en plaatsbesef. De omzetting van scorepunten naar het CE-cijfer verloopt via de N-term, die het CvTE per jaar en per vak vaststelt; die normering staat niet van tevoren vast.
- Historisch redeneren als rode draad
- De historische denk- en redeneervaardigheden worden niet los getoetst, maar doorsnijden de hele stof. Bij elk tijdvak en elke context moet je feiten kunnen onderscheiden van standpunten, anachronisme en teleologie vermijden, rekening houden met de standplaatsgebondenheid van bron én historicus, en de representativiteit van een bron wegen. Historisch redeneren — niet reproduceren — bepaalt of een antwoord punten oplevert.