- Geen centraal examen — uitsluitend schoolexamen (SE)
- Wiskunde D kent op de HAVO geen centraal examen. Het vak wordt volledig afgesloten met het schoolexamen (SE), dat de school zelf samenstelt en afneemt over alle domeinen van het examenprogramma. Het SE-cijfer is daarmee meteen het eindcijfer voor wiskunde D; er is geen N-term en geen landelijke normering zoals bij de CE-vakken. De school bepaalt de vorm (schriftelijke toetsen, praktische opdrachten, een keuzeonderwerp of een onderzoek) en de weging van de onderdelen in het PTA (programma van toetsing en afsluiting).
- Profielkeuzevak in het profiel Natuur & Techniek
- Wiskunde D is een profielkeuzevak: je kiest het naast het verplichte wiskunde B, vrijwel altijd binnen het profiel Natuur & Techniek (en op sommige scholen als extra vak). Het bouwt voort op de vaardigheden en functies van wiskunde B en verbreedt de stof met kansrekening en statistiek en met ruimtemeetkunde. Wiskunde D is uitstekende voorbereiding op bèta-, technische en sommige economische vervolgopleidingen, waar kansrekening, statistiek en ruimtelijk redeneren veel worden gebruikt.
- Domeinen van het examenprogramma
- Het programma kent vier domeinen. Domein A (Vaardigheden) omvat de algemene, wiskundige en vakspecifieke vaardigheden: modelleren, redeneren, exact rekenen, en het gebruik van ICT en de grafische rekenmachine. Domein B (Kansrekening en statistiek) behandelt het visualiseren en interpreteren van data, combinatoriek, het kansbegrip met de kansregels, de binomiale en normale verdeling, en statistische verwerkingsmethoden (hypothesetoetsen, correlatie en regressie). Domein C (Ruimtemeetkunde) gaat over oppervlakte en inhoud van ruimtefiguren, aanzichten, uitslagen en doorsneden, de onderlinge ligging van punten, lijnen en vlakken, en coördinaten en vectoren in 2D en 3D. Domein D (Toepassingen en keuzeonderwerpen) laat de wiskunde in technologie en in een vrij te kiezen verdiepingsonderwerp zien.
- Toegestane hulpmiddelen en werkwijze
- Bij het schoolexamen wiskunde D mag je doorgaans een grafische rekenmachine gebruiken (volgens de regeling toegestane hulpmiddelen). Die is onmisbaar bij de statistiek: het tekenen van histogrammen en spreidingsdiagrammen, het berekenen van binomiale kansen (binompdf, binomcdf), normale kansen en grenswaarden (normalcdf, invNorm), en het bepalen van een regressielijn en correlatiecoëfficiënt. Tegelijk verwacht het vak exact en algebraïsch werk: vectorberekeningen met inproduct, lengte en hoek, en het afleiden en redeneren met formules. Reken zo lang mogelijk exact en rond pas in de laatste stap af.