- Centraal examen (CE) — Leesvaardigheid
- Eén schriftelijk examen waarin alleen leesvaardigheid (domein A) wordt getoetst. Je leest een aantal authentieke Duitse teksten (artikelen, columns, betogen, advertenties, fragmenten) en beantwoordt meerkeuzevragen, open vragen (in het Nederlands), citeervragen en gatvragen (Lückentexte). Getoetst worden onder andere: hoofdgedachte en tekstdoel bepalen, tekststructuur en tekstverbanden herkennen, en woordbetekenis uit de context afleiden. Het streefniveau voor lezen ligt op ERK B1/B2. De duur staat in het examenrooster van dat jaar (HAVO Duits: 2,5 uur). Het CE telt mee voor de helft van het eindcijfer.
- Normering (N-term)
- Het CE wordt landelijk afgenomen en nagekeken met een bindend correctievoorschrift van het CvTE. De omzetting van de behaalde score naar een cijfer verloopt via de N-term, die per jaar en per examen wordt vastgesteld op grond van onder andere de moeilijkheid; de N-term is geen vast getal en kan dus niet vooraf worden voorspeld.
- Schoolexamen (SE) — luisteren, spreken, gesprekken, schrijven, literatuur
- Het SE wordt door de eigen school samengesteld en toetst de overige vaardigheden volgens het ERK: kijk- en luistervaardigheid (domein B, vaak de Cito Kijk- en Luistertoets), gesprekken voeren en spreken (domein C), schrijfvaardigheid (domein D, formele en informele teksten) en literatuur (domein E). Voor HAVO Duits lees je ten minste drie literaire werken en leg je je leeservaring vast in een leesdossier. Het SE telt mee voor de andere helft van het eindcijfer.
- Het Europees Referentiekader (ERK/GER)
- Alle vaardigheden worden beschreven met de niveaus van het Europees Referentiekader (A1, A2, B1, B2, C1, C2; in het Duits het Gemeinsamer Europäischer Referenzrahmen, GER). Voor HAVO Duits liggen de streefniveaus rond B1 en B2: lezen en luisteren richting B2, spreken, gesprekken voeren en schrijven rond B1. Het ERK maakt zichtbaar wat je op elk niveau met de taal moet kunnen.