EuraStudy
Samenvattingen/Handvaardigheid/Kunstgeschiedenis: negentiende eeuw (romantiek, realisme, impressionisme)
Samenvattingen · HandvaardigheidNL · HAVO

Kunstgeschiedenis: negentiende eeuw (romantiek, realisme, impressionisme)

Dit onderwerp behandelt de negentiende eeuw met de beeldhouwkunst op de voorgrond. Je leert de drie grote schilderstromingen — romantiek (gevoel en drama), realisme (het gewone leven) en impressionisme (licht en moment) — als tijdsbeeld kennen, maar de kern is de vernieuwing van de sculptuur door Auguste Rodin (1840-1917). Van 'De bronstijd' tot 'De burgers van Calais' en 'Balzac' zie je hoe Rodin met expressief modelleren, een ruw, lichtvangend oppervlak en het fragment de deur naar de moderne beeldhouwkunst opent.

4 Onderdelen·~20 min leestijd·4 Vaardigheden·Niveau Basis 1 · Standaard 2 · Verdieping 1

T·0888 / 13
Examenprofiel
De drie negentiende-eeuwse stromingen (romantiek, realisme, impressionisme) als tijdsbeeld herkennen en op stijl daterenDe vernieuwing van de beeldhouwkunst door Auguste Rodin beschrijven aan expressief modelleren, het ruwe oppervlak en het fragmentUitleggen hoe Rodin met 'De burgers van Calais' (1884-1889) het openbare monument vernieuwdeEen ruimtelijk beeld van Rodin beeldanalytisch beschouwen (voorstelling, vormgeving, betekenis, context) en in de kunstgeschiedenis plaatsen
Operatoren:benoembeschrijfleg uitverklaarvergelijkdateer op stijl

basisniveau

De negentiende-eeuwse stromingen en Rodins beeldhouwkunst horen tot de kunsthistorische stof van het centraal examen kunst beschouwen; je moet werken op stijl herkennen, dateren en beeldanalytisch beschrijven.

verhoogd niveau

In je eigen ruimtelijke werk kun je Rodins expressieve modelleren, het lichtvangende oppervlak en het autonome fragment als bewuste keuzes inzetten en in je werkdossier verantwoorden.

Diepte

Leesdiepte: Verdieping

Tekst

Tekstgrootte: Standaard

Inhoud · 4 onderdelen▾
  1. Kunstgeschiedenis: negentiende eeuw (romantiek, realisme, impressionisme)
    • 01De negentiende eeuw in vogelvlucht○
    • 02Rodin en de vernieuwing van de beeldhouwkunst◐
    • 03Het monument en de openbare sculptuur◐
    • 04Naar de moderne beeldhouwkunst●
§ 01

De negentiende eeuw in vogelvlucht#

●○○BasisLPexamenblad-nl

Kernpunten

De negentiende eeuw is een tijd van snelle maatschappelijke verandering, en die verandering weerspiegelt zich rechtstreeks in de kunst. De industriële revolutie verandert het landschap, de steden en het werk; de burgerij wordt de belangrijkste opdrachtgever; en de uitvinding van de fotografie (rond 1839) maakt een einde aan het monopolie van de kunst op de getrouwe weergave van de werkelijkheid. In de schilderkunst volgen de stromingen elkaar daardoor sneller op dan ooit: de romantiek, het realisme en het impressionisme reageren op elkaar en op hun tijd. Voor het examen kunst beschouwen vormt dit tijdsbeeld het raamwerk waarin je een werk plaatst: je dateert het op stijl, je benoemt op welke voorganger het reageert, en je verklaart de vorm vanuit de techniek en de samenleving van dat moment. Omdat handvaardigheid een ruimtelijk vak is, kijk je in dit onderdeel vooral naar wat er in diezelfde eeuw met de beeldhouwkunst gebeurt.
De drie schilderstromingen laten zich het makkelijkst ordenen naar hun houding tegenover de werkelijkheid. De romantiek (grofweg het begin van de eeuw, ongeveer 1800-1850) keert zich naar het gevoel en de verbeelding: hartstocht, drama, de overweldigende natuur en het verleden zijn haar onderwerpen. Het realisme (rond 1850) keert zich juist naar buiten, naar de nuchtere, ongeïdealiseerde werkelijkheid van gewone mensen en arbeid. Het impressionisme (met zijn eerste tentoonstelling in 1874) richt zich op de zintuiglijke waarneming: hoe het licht en de atmosfeer een tafereel op een vluchtig moment doen verschijnen. Zo verschuift de aandacht van het innerlijk gevoel, via de sociale werkelijkheid, naar de vluchtige lichtindruk. Deze stromingen lossen elkaar niet netjes af maar overlappen elkaar; op het examen moet je ze op hun kenmerken kunnen herkennen en een werk op stijl kunnen dateren.
Terwijl de schilderkunst zo de ene vernieuwing na de andere doormaakt, blijft de officiële, academische beeldhouwkunst het grootste deel van de eeuw juist behoudend (zie Afb. 1). Het beeld dat op de Salon en op de openbare pleinen verschijnt, volgt de klassieke, academische regels: gladde, geïdealiseerde figuren, allegorische personificaties en helden, keurig afgewerkt en meestal hoog op een sokkel geplaatst. Waar de schilders het gewone, het vluchtige en het persoonlijke ontdekken, houdt de beeldhouwkunst vast aan het verhevene en het tijdloze. Pas in het laatste kwart van de eeuw breekt Auguste Rodin (1840-1917) met die conventie en vernieuwt hij de sculptuur van binnenuit. Op de tijdlijn zie je dat mooi: de stromingen lopen als brede banden door de eeuw, terwijl Rodins sleutelwerken — van 'De bronstijd' (1877) tot 'Balzac' (1898) — zich juist in dat laatste kwart samenballen, precies wanneer ook het impressionisme de schilderkunst openbreekt.

Tijdlijn van de negentiende eeuw met Rodins beeldhouwwerken

De negentiende eeuw, 1800-1920Tijdlijn van 1800 tot 1920, 1810: Romantiek (gevoel, drama), 1850: Realisme (het gewone leven), 1874: Impressionisme, 1e tentoonstelling, 1877: Rodin, De bronstijd, 1880: Rodin, De Denker (ontworpen), 1889: Rodin, De burgers van Calais, 1898: Rodin, Balzac, 1800–1850: Romantiek, 1840–1880: Realisme, 1870–1900: Impressionisme18001920jaarRomantiekRealismeImpressionisme1810Romantiek(gevoel, drama)1850Realisme (hetgewone leven)1874Impressionisme,1e tentoonstell…1877Rodin, Debronstijd1880Rodin, De Denker(ontworpen)1889Rodin, Deburgers van Cal…1898Rodin, Balzac
Afb. 1Afb. 1 — De drie schilderstromingen lopen als banden door de eeuw; Rodins beeldhouwwerken ballen zich samen in het laatste kwart, gelijktijdig met het impressionisme.
Auguste Rodin is dus het scharnierpunt van dit onderwerp: hij is de grote beeldhouwer van de negentiende eeuw en tegelijk de wegbereider van de moderne beeldhouwkunst. Zijn vernieuwing zit niet in het onderwerp alleen, maar vooral in de manier van werken: hij modelleert expressief, laat het oppervlak ruw en levend, gebruikt het fragment als een volwaardig beeld en toont menselijke emotie en psychologie in plaats van een glad ideaal. In de komende secties bekijk je die vernieuwing stap voor stap. Eerst zie je zijn belangrijkste werken op een rij en de vormkenmerken die ze delen; daarna hoe hij met 'De burgers van Calais' (1884-1889) het openbare monument opnieuw uitvond; en ten slotte hoe hij daarmee de deur naar de twintigste-eeuwse sculptuur openzet. Houd bij dit alles de tijdlijn in gedachten: Rodin werkt in dezelfde jaren waarin de schilderkunst met het impressionisme haar eigen revolutie beleeft.
Uitgewerkt voorbeeld

De eeuw ordenen en Rodin plaatsen

Orden de romantiek, het realisme en het impressionisme op tijd en leg uit waarom de beeldhouwkunst pas laat in de eeuw vernieuwt.

  1. 01Orden de stromingen

    Romantiek aan het begin (ongeveer 1800-1850), realisme in het midden (rond 1850) en impressionisme in het laatste kwart (eerste tentoonstelling 1874).

  2. 02Kijk naar de beeldhouwkunst

    De officiële, academische beeldhouwkunst blijft het grootste deel van de eeuw behoudend: gladde, geïdealiseerde figuren, hoog op een sokkel.

  3. 03Plaats Rodin

    Rodin (1840-1917) vernieuwt de sculptuur pas in het laatste kwart: De bronstijd (1877), De Denker (ontworpen ca. 1880), De burgers van Calais (1884-1889), Balzac (1898).

  4. 04Verklaar

    De beeldhouwkunst zat vast aan de academische opdracht en het verheven monument; pas Rodins expressieve, van binnenuit vernieuwende aanpak brak die conventie open.

Resultaat: De stromingen lopen van romantiek via realisme naar impressionisme; de beeldhouwkunst bleef lang academisch en behoudend en vernieuwt pas met Rodin in het laatste kwart van de eeuw.

Eindexamen-focus

  • De drie stromingen (romantiek, realisme, impressionisme) als tijdsbeeld ordenen en een werk op stijl dateren.
  • Uitleggen dat de academische beeldhouwkunst het grootste deel van de eeuw behoudend bleef en pas door Rodin werd vernieuwd.

Veelgemaakte fouten

  • Denken dat de beeldhouwkunst de vernieuwingen van de schilderkunst gelijk op volgde; in werkelijkheid bleef het academische beeld lang behoudend, tot Rodin.
  • De stromingen als strikt gescheiden en elkaar netjes aflossend zien in plaats van als overlappende, op elkaar reagerende bewegingen.

Actieve herhaling

Plaats de romantiek, het realisme en het impressionisme op een tijdlijn en leg in het kort uit waarom de beeldhouwkunst van Rodin pas in het laatste kwart van de eeuw voor een vergelijkbare vernieuwing zorgt.

Actief ophalen

Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.

Bronnen: Examenprogramma beeldende vakken (handvaardigheid) havo — de negentiende eeuw (CvTE / Examenblad)

§ 02

Rodin en de vernieuwing van de beeldhouwkunst#

●●○StandaardLPexamenblad-nl

Kernpunten

Auguste Rodin brak internationaal door met 'De bronstijd' (in het Frans 'L'Age d'airain'), een levensgroot naakt uit 1877. Het beeld was zo levensecht, zo overtuigend van houding en spierspanning, dat critici Rodin ervan beschuldigden dat hij vals speelde: ze dachten dat hij een afgietsel naar een levend model had gemaakt in plaats van het beeld zelf te modelleren. Die beschuldiging was onterecht, maar ze zegt alles over Rodins vermogen om leven in klei en brons te leggen. Waar de academische beeldhouwkunst gladde, geïdealiseerde figuren maakte, boetseerde Rodin een lichaam dat lijkt te ademen en te bewegen. Modelleren betekent dat hij de vorm van binnenuit opbouwt in klei of was; dat model wordt daarna in brons gegoten of in marmer gehakt. Juist in dat boetseren, in het duwen en drukken van het materiaal, ligt de kracht van Rodins werk: het beeld draagt de sporen van de makende hand.
De vernieuwing van Rodin zit vooral in zijn manier van werken, en die kenmerken keren in vrijwel al zijn beelden terug (zie Afb. 2). Ten eerste modelleert hij expressief: houding, spierspanning en gebaar zijn geladen, zodat het beeld een innerlijke toestand uitdrukt. Ten tweede laat hij het oppervlak ruw en onregelmatig, met de indrukken van zijn vingers en gereedschap er zichtbaar in. Dat ruwe oppervlak is geen slordigheid maar een middel: het vangt het licht in talloze kleine vlakjes, zodat het beeld lijkt te trillen en te leven naarmate je eromheen loopt en het licht verandert. Waar het gladde academische beeld het licht egaal weerkaatst, speelt Rodins oppervlak met licht en schaduw. Voor handvaardigheid is dit een kernbegrip: bij ruimtelijk werk is de oppervlaktebehandeling een beeldaspect dat, net als bij Rodin, de werking van het licht op de massa bepaalt.

Kernwerken van Rodin en hun kenmerken

Kernwerken van RodinTabel met 2 kolommen en 6 rijen, Gegevens: Werk (jaar) · Kenmerk; De bronstijd (1877) · zo levensecht dat men afgieten naar een model vermoedde; De Denker (ontworpen ca. 1880, monumentaal 1904) · peinzende, gespannen figuur; De Hellepoort (vanaf 1880) · groot onvoltooid programma, bron van veel figuren; De Kus (ca. 1882) · innige omhelzing van een paar; De burgers van Calais (1884-1889) · groep op ooghoogte; Balzac (1898) · expressieve, samengevatte massa, gemarkeerde cel: De burgers van Calais (1884-1889)WERK (JAAR)KENMERKDe bronstijd (1877)zo levensecht dat menafgieten naar een modelvermoeddeDe Denker (ontworpen ca.1880, monumentaal 1904)peinzende, gespannen figuurDe Hellepoort (vanaf 1880)groot onvoltooid programma,bron van veel figurenDe Kus (ca. 1882)innige omhelzing van eenpaarDe burgers van Calais (1884-1889)groep op ooghoogteBalzac (1898)expressieve, samengevattemassa
Afb. 2Afb. 2 — Zes kernwerken van Rodin met hun kenmerken; De burgers van Calais (1884-1889) is uitgelicht als het beeld dat het monument vernieuwt.
Veel van Rodins beroemdste figuren komen voort uit een groot, onvoltooid project: 'De Hellepoort' ('La Porte de l'Enfer'), waaraan hij vanaf 1880 werkte en dat hij nooit voltooide. Het was bedoeld als een monumentale bronzen deur, bevolkt door talloze worstelende figuren, geïnspireerd op de hel uit de 'Goddelijke komedie' van Dante. Uit dit programma maakte Rodin zelfstandige beelden die beroemder werden dan de deur zelf. 'De Denker' ('Le Penseur'), ontworpen rond 1880, zat oorspronkelijk boven in de poort als een peinzende, over het lijden uitkijkende figuur; in 1904 vergrootte Rodin hem tot het monumentale beeld dat iedereen kent — een naakte man, samengebald, elleboog op de knie, verzonken in gedachten en tegelijk vol lichamelijke spanning. Ook 'De Kus' ('Le Baiser', omstreeks 1882), de innige omhelzing van een paar, ontstond in de sfeer van dit project.
Twee dingen maken Rodin tot de wegbereider van de moderne beeldhouwkunst. Het eerste is het fragment: Rodin durft een onvolledig lichaam — een torso zonder hoofd en armen, een enkele hand — als een volwaardig, af beeld te tonen. Het beeld hoeft niet langer een heel, herkenbaar verhaal te vertellen; een deel kan genoeg zijn om expressie te dragen. Het tweede is de emotie: bij Rodin is niet het gladde ideaal maar de menselijke emotie en psychologie het eigenlijke onderwerp. Zijn figuren twijfelen, lijden, verlangen en denken, en dat innerlijk is af te lezen aan houding en oppervlak. In 'Balzac' (1898) drijft hij dit op de spits: hij vat de schrijver samen tot een forse, in een mantel gehulde massa die meer een aanwezigheid dan een portret is — zo radicaal dat de opdrachtgever het beeld weigerde. Met deze houding, expressie boven gelijkenis, bereidt Rodin het monument voor dat in de volgende sectie centraal staat: 'De burgers van Calais'.
Uitgewerkt voorbeeld

De bronstijd en het verwijt van afgieten

Beschrijf twee kenmerken van Rodins werkwijze in 'De bronstijd' (1877) en verklaar waarom men dacht dat het naar een model was afgegoten.

  1. 01Benoem het modelleren

    Rodin bouwt de figuur van binnenuit op in klei; houding en spierspanning zijn zo overtuigend dat het lichaam lijkt te ademen.

  2. 02Benoem het oppervlak

    Het oppervlak draagt de sporen van de makende hand en vangt het licht, waardoor het beeld levend en echt oogt.

  3. 03Verklaar het verwijt

    Juist die levensechtheid deed critici in 1877 vermoeden dat Rodin een afgietsel naar een levend model had gemaakt in plaats van het beeld zelf te boetseren.

  4. 04Trek de conclusie

    De beschuldiging was onterecht, maar bevestigt Rodins vermogen om leven in het materiaal te leggen — het tegendeel van het gladde academische ideaal.

Resultaat: In 'De bronstijd' maken het expressieve modelleren en het levende oppervlak het beeld zo echt dat men ten onrechte afgieten vermoedde; juist dat bewijst Rodins vernieuwende beeldhouwkunst.

Eindexamen-focus

  • Rodins vernieuwing benoemen: expressief modelleren, het ruwe, lichtvangende oppervlak, het fragment en de nadruk op emotie.
  • De anekdote bij 'De bronstijd' (1877) uitleggen: het beeld was zo levensecht dat men ten onrechte afgieten naar een model vermoedde.

Veelgemaakte fouten

  • Het ruwe oppervlak van Rodin als onaf of slordig lezen, terwijl het juist een bewust middel is om het licht te vangen en het beeld te laten leven.
  • 'De Denker' en 'De Kus' losmaken van hun oorsprong; beide komen voort uit het onvoltooide project 'De Hellepoort'.

Actieve herhaling

Je krijgt een afbeelding van 'De bronstijd' (1877). Beschrijf twee kenmerken van Rodins manier van werken (modelleren en oppervlak) en leg uit waarom tijdgenoten dachten dat het beeld naar een model was afgegoten.

Actief ophalen

Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.

Bronnen: Examenprogramma beeldende vakken (handvaardigheid) havo — Rodin en de beeldhouwkunst (CvTE / Examenblad)

§ 03

Het monument en de openbare sculptuur#

●●○StandaardLPexamenblad-nl

Kernpunten

Een openbaar monument volgde in de negentiende eeuw een vast recept. Het toonde een held — een vorst, een veldheer, een beroemdheid — als een verheven, geïdealiseerde figuur, meestal alleen en triomfantelijk, hoog boven de kijker op een forse sokkel geplaatst. Die hoge sokkel is veelzeggend: hij tilt de held letterlijk en figuurlijk boven het gewone volk uit, als een voorbeeld om naar op te kijken. De houding is waardig en beheerst, de vorm glad en af, de boodschap eenduidig: bewonder deze grote man. Zo bevestigde het monument de bestaande orde en de heroïsche geschiedenis. Toen de stad Calais Rodin in 1884 opdracht gaf voor een gedenkteken, verwachtte men dan ook zo'n verheven beeld. Wat Rodin uiteindelijk maakte, brak radicaal met die verwachting en met de hele traditie van het openbare monument.
Het monument moest een gebeurtenis uit 1347 herdenken, uit de Honderdjarige Oorlog tussen Engeland en Frankrijk. De Engelse koning belegerde de stad Calais en eiste dat zes vooraanstaande burgers zich zouden overgeven om de rest van de stad te sparen. Volgens de overlevering boden zes notabelen — met Eustache de Saint-Pierre als de oudste — zich vrijwillig aan: blootsvoets, met een strop om de hals en de sleutels van de stad in de hand, liepen zij naar buiten, in de verwachting te worden terechtgesteld. Het is een verhaal van moed en zelfopoffering, maar ook van doodsangst en twijfel: zes gewone mannen die vrijwillig de dood tegemoet gaan voor hun stad. Rodin koos ervoor om niet de heldhaftige afloop te vieren, maar juist dat beladen moment van vertrek te tonen, met alle menselijke emotie die daarbij hoort.
Rodins keuzes maakten van het monument iets volstrekt nieuws (zie Afb. 3). In plaats van een enkele held koos hij een groep van zes gelijkwaardige figuren. In plaats van idealisering gaf hij ieder van hen een eigen, herkenbare emotie: de een lijkt vastberaden, de ander gebroken van angst, weer een ander in gepeins verzonken of vertwijfeld. En het belangrijkste: Rodin wilde de sokkel bijna helemaal weglaten en de zes mannen op (bijna) ooghoogte, op straatniveau, tussen het publiek plaatsen. Daardoor kijk je niet omhoog naar een verheven held, maar sta je als kijker temidden van de burgers, oog in oog met hun angst en waardigheid. De stad vond dat aanvankelijk maar niets — een monument hoorde immers verheven te zijn — maar juist deze keuzes maken het beeld zo indringend. Het node-schema vat de weg samen: van de opdracht van de stad, via Rodins keuzes, naar een nieuw type monument.

Van opdracht naar een nieuw type monument

De burgers van Calais als nieuw monumentGraaf, opdracht stad Calais (1884) → lage of geen sokkel, opdracht stad Calais (1884) → individuele emoties, opdracht stad Calais (1884) → figuren op ooghoogte, lage of geen sokkel → nieuw type monument, individuele emoties → nieuw type monument, figuren op ooghoogte → nieuw type monumentopdracht stadCalais (1884)lage of geensokkelindividueleemotiesfiguren opooghoogtenieuw typemonumentRodins keuzeRodins keuzeRodins keuzeleidt totleidt totleidt tot
Afb. 3Afb. 3 — Rodins keuzes bij De burgers van Calais — lage of geen sokkel, individuele emoties en figuren op ooghoogte — leiden samen tot een nieuw type monument.
Het resultaat is een nieuw type monument, en dat is precies wat je op het examen moet kunnen uitleggen. Doordat de sokkel wegvalt en de figuren op ooghoogte staan, verandert de betekenis: het monument viert niet langer de afstandelijke grootheid van een held, maar deelt de menselijke ervaring van angst, plicht en zelfopoffering met de kijker. De groep is bovendien niet bedoeld om vanaf een vast, frontaal punt te bekijken; je moet er als toeschouwer omheen lopen, want ieder van de zes vraagt om aandacht en de ruimte tussen de figuren doet mee. Zo wordt de openbare ruimte zelf onderdeel van het beeld. Deze breuk met het verheven, op een sokkel geplaatste standbeeld is een van Rodins belangrijkste bijdragen aan de beeldhouwkunst. In de laatste sectie zie je hoe deze vernieuwing — samen met het expressieve oppervlak en het fragment — de deur naar de moderne sculptuur opent.
Uitgewerkt voorbeeld

De burgers van Calais als nieuw monument

Leg uit hoe 'De burgers van Calais' (1884-1889) afwijkt van een traditioneel heldenmonument en wat dat doet met de kijker.

  1. 01Beschrijf het traditionele monument

    Een enkele, geïdealiseerde held, hoog op een sokkel, waardig en triomfantelijk, om naar op te kijken.

  2. 02Beschrijf Rodins keuzes

    Een groep van zes gelijkwaardige mannen, ieder met een eigen emotie (vastberaden, angstig, vertwijfeld), met een lage of vrijwel geen sokkel.

  3. 03Bepaal de positie van de kijker

    Doordat de figuren op ooghoogte en op straatniveau staan, sta je temidden van hen in plaats van op te kijken naar een verheven held.

  4. 04Verklaar de betekenis

    Het monument viert niet de afstandelijke grootheid maar deelt de menselijke ervaring van angst, plicht en zelfopoffering — een nieuw type monument.

Resultaat: Door de groep op ooghoogte zonder hoge sokkel te plaatsen en ieder een eigen emotie te geven, maakt Rodin van 'De burgers van Calais' een nieuw type monument dat de kijker deelgenoot maakt in plaats van te laten opkijken.

Eindexamen-focus

  • Uitleggen hoe Rodin met 'De burgers van Calais' (1884-1889) het monument vernieuwde: geen hoge sokkel, een groep op ooghoogte, individuele emoties.
  • De betekenis van de lage plaatsing benoemen: de kijker staat temidden van de figuren in plaats van op te kijken naar een verheven held.

Veelgemaakte fouten

  • Denken dat 'De burgers van Calais' een triomfantelijk heldenmonument is; Rodin toont juist het beladen, angstige moment van zelfopoffering.
  • De lage plaatsing (bijna geen sokkel, ooghoogte) als onbelangrijk detail zien, terwijl juist die keuze de betekenis van het monument verandert.

Actieve herhaling

Leg uit hoe 'De burgers van Calais' (1884-1889) afwijkt van een traditioneel heldenmonument. Betrek in je antwoord de sokkel, het aantal figuren en de emoties, en wat dat doet met de positie van de kijker.

Actief ophalen

Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.

Bronnen: Examenprogramma beeldende vakken (handvaardigheid) havo — het monument en de openbare sculptuur (CvTE / Examenblad)

§ 04

Naar de moderne beeldhouwkunst#

●●●VerdiepingLPexamenblad-nl

Kernpunten

Rodins betekenis reikt veel verder dan zijn eigen beelden: hij zet de deur open naar de moderne beeldhouwkunst van de twintigste eeuw. Om te begrijpen hoe, zet je zijn vernieuwingen nog eens op een rij. Ten eerste de autonomie van het beeld: bij Rodin hoeft een sculptuur niet langer een compleet, herkenbaar verhaal of een verheven opdracht te dienen — het beeld mag om zichzelf bestaan. Ten tweede het levende oppervlak: de sporen van het modelleren en het spel van licht en schaduw worden een zelfstandig beeldmiddel. Ten derde het fragment: een torso of een enkele hand kan een volwaardig kunstwerk zijn. En ten vierde de expressie: niet de uiterlijke gelijkenis, maar de innerlijke emotie en psychologie zijn het eigenlijke onderwerp. Samen betekenen deze vier dat het beeld niet meer gebonden is aan het gladde ideaal en het verheven monument van de academie.
Elk van die vernieuwingen wijst vooruit naar de moderne sculptuur, en het node-schema brengt die lijnen in beeld (zie Afb. 4). De autonomie van het beeld maakt de weg vrij voor de abstractie: als een sculptuur geen verhaal meer hoeft te vertellen, kan de vorm zelf het onderwerp worden. De aandacht voor het oppervlak en het modelleren richt de blik op het materiaal en op het maakproces zelf — een centraal thema van de moderne beeldhouwkunst, waarin steen, hout, brons en later industriële materialen hun eigen karakter mogen tonen. Het fragment leert de twintigste-eeuwse beeldhouwers dat het onvolledige, het opengelaten deel, expressief en volwaardig kan zijn. En de nadruk op expressie boven gelijkenis opent de deur voor beelden waarin het innerlijk, en niet de nabootsing, de vorm bepaalt. Zo is bijna elk kenmerk van Rodin een kiem van de moderne sculptuur.

Rodins vernieuwingen wijzen naar de moderne beeldhouwkunst

Van Rodin naar de moderne sculptuurGraaf, autonomie van het beeld → moderne beeldhouwkunst, levend oppervlak → moderne beeldhouwkunst, het fragment → moderne beeldhouwkunst, expressie, psychologie → moderne beeldhouwkunstautonomie vanhet beeldlevend oppervlakhet fragmentexpressie,psychologiemodernebeeldhouwkunstnaarabstractieaandacht voormateriaalhetonvolledige b…innerlijkbepaalt de vo…
Afb. 4Afb. 4 — Vier vernieuwingen van Rodin komen samen in de moderne beeldhouwkunst: de autonomie, het levende oppervlak, het fragment en de expressie.
Dat Rodin een brug vormt tussen twee tijdperken, zie je goed aan de generatie na hem. De jonge Constantin Brancusi werkte korte tijd in Rodins atelier, maar verliet het met de beroemd geworden woorden dat er niets groeit in de schaduw van de grote bomen: hij ging zijn eigen weg en bracht de vorm terug tot gladde, essentiële, bijna abstracte volumes — het tegendeel van Rodins ruwe oppervlak, maar wel voortbouwend op de autonomie die Rodin had bevochten. Zo werkt invloed in de kunst vaak: de volgende generatie neemt de vrijheid over en zet die naar haar eigen hand. Voor het examen hoef je die twintigste-eeuwse ontwikkeling niet in detail te kennen, maar je moet wel kunnen uitleggen dat Rodin, aan het einde van de negentiende eeuw, met zijn expressieve, van binnenuit vernieuwende beeldhouwkunst de overgang naar de moderne kunst inluidt — net zoals het post-impressionisme dat in de schilderkunst doet.
Op het centraal examen kunst beschouwen wordt vaak gevraagd een concreet beeld te analyseren, en daarvoor gebruik je de beeldanalyse in vier lagen. Eerst de voorstelling: wat is er te zien? Bij 'De burgers van Calais' (1884-1889) zijn dat zes mannen in lange gewaden, met stroppen om de hals en sleutels in de hand, ieder in een eigen houding. Dan de vormgeving: met welke beeldaspecten is het gemaakt? Denk aan de groep zonder hoge sokkel, de ruimte tussen de figuren, het expressieve, ruwe oppervlak en de individuele gebaren. Vervolgens de betekenis: wat drukt het uit? De menselijke ervaring van moed, angst en zelfopoffering, gedeeld met de kijker die tussen de figuren staat. En ten slotte de context: het herdenkt de zelfopoffering van 1347 en vernieuwt tegelijk, aan het einde van de negentiende eeuw, het openbare monument. In het uitgewerkte voorbeeld voer je deze analyse volledig uit.
Uitgewerkt voorbeeld

Beeldanalyse van De burgers van Calais

Voer een beeldanalyse in vier lagen uit van 'De burgers van Calais' (1884-1889): voorstelling, vormgeving, betekenis en context.

  1. 01Voorstelling

    Zes mannen in lange gewaden, blootsvoets, met stroppen om de hals en de sleutels van de stad in de hand, ieder in een eigen houding en gemoedstoestand.

  2. 02Vormgeving

    Een groep zonder hoge sokkel, op (bijna) ooghoogte; de ruimte tussen de figuren doet mee; het oppervlak is ruw en expressief en vangt het licht; de gebaren zijn individueel en geladen.

  3. 03Betekenis

    Het beeld deelt de menselijke ervaring van moed, doodsangst en zelfopoffering; doordat je tussen de figuren staat, word je deelgenoot in plaats van bewonderaar.

  4. 04Context

    Het herdenkt de zelfopoffering van zes burgers uit 1347 (Honderdjarige Oorlog) en vernieuwt aan het einde van de negentiende eeuw het openbare monument, als wegbereider van de moderne beeldhouwkunst.

Resultaat: In de voorstelling (zes ter dood bereide burgers), de vormgeving (groep op ooghoogte, ruw oppervlak), de betekenis (gedeelde zelfopoffering) en de context (1347, vernieuwing van het monument) toont 'De burgers van Calais' Rodins moderne beeldhouwkunst.

Eindexamen-focus

  • Uitleggen hoe Rodins vernieuwingen (autonomie, het levende oppervlak, het fragment, expressie) de deur naar de moderne beeldhouwkunst openen.
  • Een beeld van Rodin beeldanalytisch beschouwen in vier lagen: voorstelling, vormgeving, betekenis en context.

Veelgemaakte fouten

  • Alleen de voorstelling beschrijven (wat er te zien is) en de vormgeving, betekenis en context vergeten; een volledige beeldanalyse heeft alle vier de lagen nodig.
  • Rodin als eindpunt zien in plaats van als wegbereider; zijn vernieuwingen zijn juist de kiem van de moderne sculptuur.

Actieve herhaling

Voer een beeldanalyse in vier lagen (voorstelling, vormgeving, betekenis, context) uit van 'De burgers van Calais' (1884-1889) en leg uit welke vernieuwing van Rodin het duidelijkst naar de moderne beeldhouwkunst vooruitwijst.

Actief ophalen

Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.

Bronnen: Examenprogramma beeldende vakken (handvaardigheid) havo — naar de moderne beeldhouwkunst (CvTE / Examenblad)

Inhoud

Sectie -- / 04

    • 01De negentiende eeuw in vogelvlucht○
    • 02Rodin en de vernieuwing van de beeldhouwkunst◐
    • 03Het monument en de openbare sculptuur◐
    • 04Naar de moderne beeldhouwkunst●

0/4 Gelezen

Van samenvatting naar oefening

Kunstgeschiedenis: negentiende eeuw (romantiek, realisme, impressionisme)

Verstevig dit onderwerp met vragen uit de vragenbank.

~20
min
4
Vaardigheden
Oefenen

Referenties en bronnen

Bronnen

CvTE / Examenblad

  • Examenprogramma beeldende vakken (handvaardigheid) havo — de negentiende eeuw

Vorig onderwerp

Kunstgeschiedenis: renaissance en barok

Volgend onderwerp

Kunstgeschiedenis: moderne kunst en avant-garde (twintigste eeuw)

EuraStudy·Samenvattingen T·08·MMXXVI

Ga verder met het volgende onderwerp — je leerpad blijft bewaard.