EuraStudy
Samenvattingen/Frans/Schrijfvaardigheid
Samenvattingen · FransNL · HAVO

Schrijfvaardigheid

Schrijfvaardigheid leert je in correct en passend Frans een brief of e-mail opstellen, formeel of informeel, afgestemd op de ontvanger. Wees eerlijk over de plaats in het examen: het centraal examen Frans toetst uitsluitend leesvaardigheid, dus schrijven oefen je voor het schoolexamen. Toch loont die oefening dubbel — wie de vaste formules, het juiste register en een gestructureerd schrijfproces beheerst, schrijft niet alleen foutloos, maar herkent diezelfde conventies ook sneller terug in de leesteksten van het CE.

4 Onderdelen·~21 min leestijd·3 Vaardigheden·Niveau Basis 1 · Standaard 3

T·0888 / 13
Examenprofiel
Een formele en een informele brief of e-mail in het Frans schrijven met de juiste conventies: aanhef, opbouw, slotgroet en lay-out.Het register en de toon afstemmen op de ontvanger — tutoyeren met „tu" of vousvoyeren met „vous", en de mate van beleefdheid.Het schrijfproces toepassen: eerst plannen welke inhoudspunten erin moeten, dan een kladversie schrijven en die ten slotte gericht nakijken.
Operatoren:schrijfstel oppas aanverbeter

basisniveau

Voor het schoolexamen: zorg dat je een korte formele én informele brief of e-mail kunt schrijven met de vaste aanhef, opbouw en slotgroet, dat je de juiste aanspreekvorm („tu" of „vous") kiest en dat je je tekst nakijkt op de meest voorkomende fouten.

verhoogd niveau

Wie doorstroomt, schrijft in vervolgopleiding en werk geregeld formele Franse correspondentie; een vaste greep op register, beleefdheidsvormen en een nette opbouw blijft daar onmisbaar.

Diepte

Leesdiepte: Verdieping

Tekst

Tekstgrootte: Standaard

Inhoud · 4 onderdelen▾
  1. Schrijfvaardigheid
    • 01Formele en informele teksten○
    • 02Conventies van brief en e-mail◐
    • 03Register, toon en beleefdheid◐
    • 04Het schrijfproces: plannen en nakijken◐
§ 01

Formele en informele teksten#

●○○BasisLPexamenblad-nl

Formele en informele brief

Formele en informele briefTabel met 3 kolommen en 4 rijen, Gegevens: Onderdeel · Informeel · Formeel; Aanspreekvorm · tu · vous; Aanhef · Salut Marie, · Madame, Monsieur,; Slot · Bisous ! · Cordialement,; Toon · spreektaal · beleefd, afstandelijkONDERDEELINFORMEELFORMEELAanspreekvormtuvousAanhefSalut Marie,Madame, Monsieur,SlotBisous !Cordialement,Toonspreektaalbeleefd, afstandelijk
Afb. 1Eén keuze — informeel of formeel — bepaalt tegelijk de aanspreekvorm, de aanhef, het slot en de toon.

Kernpunten

Een tekst schrijven begint met één beslissing die alle andere stuurt: schrijf ik formeel of informeel? Het Frans maakt dat onderscheid scherper dan je gewend bent, en het bepaalt letterlijk elk woord dat volgt. Een informele tekst schrijf je aan iemand die je goed kent en met wie je op gelijke voet staat — een vriend, een broer of zus, een leeftijdsgenoot uit je uitwisselingsklas. Een formele tekst schrijf je aan iemand die je niet of nauwelijks kent en aan wie je respect of afstand verschuldigd bent: een instantie, een bedrijf, een hotel, een onbekende volwassene. De tabel onderaan deze sectie zet de twee registers naast elkaar op de vier punten waar ze het duidelijkst uiteenlopen — de aanspreekvorm, de aanhef, het slot en de toon — zodat je in één oogopslag ziet wat er met je keuze meeverandert.
Hoe weet je welk register de opdracht van je vraagt? Lees de situatieschets altijd eerst goed: aan wíe schrijf je, en waaróm? Schrijf je een vriendin om te vertellen over je vakantie, dan is dat informeel — je kent haar, de toon mag ontspannen zijn. Reageer je daarentegen op een vacature, vraag je informatie aan een camping of dien je een klacht in bij een winkel, dan is dat formeel — je kent de ontvanger niet en je hebt iets van hem nodig. Bij twijfel kies je in het Frans liever te formeel dan te informeel: een onbekende met „tu" aanspreken voelt in Frankrijk al snel onbeleefd, terwijl een nette „vous" nooit verkeerd valt. Het is dus de aard van de ontvanger, niet je eigen gevoel, die het register beslist.
Het hart van dat onderscheid is de aanspreekvorm. Het Frans heeft twee woorden voor „jij/u", net als het Nederlandse „je" en „u", maar het gebruikt ze stipter. „Tu" gebruik je voor vrienden, familie en leeftijdsgenoten — iedereen die je zou tutoyeren. „Vous" gebruik je formeel, tegen onbekenden en mensen aan wie je afstand verschuldigd bent (en, los daarvan, altijd wanneer je meer dan één persoon aanspreekt). Die keuze straalt door de hele zin: bij „tu" hoort het bezittelijk „ton/ta/tes" en de gebiedende wijs „écris-moi", bij „vous" hoort „votre/vos" en „écrivez-moi". Kies je halverwege je brief ineens de andere vorm, dan valt dat onmiddellijk op als een fout — de aanspreekvorm moet van de eerste tot de laatste zin consequent blijven.
De aanspreekvorm trekt vervolgens het hele register met zich mee, zoals de tabel laat zien. De aanhef verschuift van een losse „Salut Marie," naar een afstandelijk „Madame, Monsieur," — de vaste Franse aanhef wanneer je de naam van de ontvanger niet kent. Het slot verspringt van een hartelijk „Bisous !" naar een correct „Cordialement," of, nog formeler, een volledige beleefdheidsformule. De woordkeus volgt: waar je informeel gerust spreektaal en stopwoordjes als „super" of „sympa" gebruikt, kies je formeel volledige, verzorgde zinnen zonder afkortingen. En de toon kantelt van warm en persoonlijk naar beleefd en afstandelijk. Onthoud daarom: register is geen kwestie van losse woorden, maar van een samenhangend geheel — verander je de aanspreekvorm, dan verander je alles.
Een veelgemaakte denkfout is dat „formeel" hetzelfde zou zijn als „stijf" of „ouderwets". Dat is het niet: een formele Franse brief is juist helder, beleefd en efficiënt. Je hoeft geen ingewikkelde volzinnen te bouwen; je houdt je aan de vaste bouwstenen — de aanhef „Madame, Monsieur,", een duidelijke openingszin, een nette slotgroet — en vermijdt de informele losheid. Omgekeerd is een informele tekst niet „slordig": ook daar gelden conventies, alleen warmere. Het examen beloont wie het juiste register kiest én volhoudt, en bestraft wie de twee door elkaar haalt, bijvoorbeeld door een sollicitatie af te sluiten met „Bisous !".
Uitgewerkt voorbeeld

Het juiste register kiezen bij de ontvanger

Je schrijft aan de receptie van een hotel om een kamer te reserveren. Bepaal het register en geef de passende aanspreekvorm, aanhef en slotgroet.

  1. 01Stap 1 — Bekijk de ontvanger

    De ontvanger is de receptie van een hotel: een onbekende, een instantie van wie je iets nodig hebt. Dat is een formele situatie, geen informele.

  2. 02Stap 2 — Kies de aanspreekvorm

    Bij een formele, onbekende ontvanger hoort „vous", niet „tu". Alles wat volgt — de bezittelijke vormen, de werkwoordsuitgangen — richt zich naar „vous" („votre réservation", „pourriez-vous").

  3. 03Stap 3 — Kies de vaste formele bouwstenen

    Omdat je de naam van de medewerker niet kent, is de aanhef „Madame, Monsieur,". Een nette, gangbare slotgroet is „Cordialement,"; wil je formeler zijn, dan gebruik je een volledige beleefdheidsformule.

Resultaat: Het is een formele tekst: je spreekt de receptie aan met „vous", opent met „Madame, Monsieur," en sluit af met „Cordialement,". Een informele „Salut" of „Bisous !" zou hier volledig misstaan, omdat je een onbekende instantie schrijft.

Eindexamen-focus

  • Het schoolexamen schrijven verwacht dat je vóór de eerste zin het juiste register kiest op grond van de ontvanger: informeel („tu") voor vrienden en familie, formeel („vous") voor onbekenden en instanties.
  • Je moet dat register consequent volhouden: de aanspreekvorm, de aanhef, het slot, de woordkeus en de toon horen alle bij hetzelfde register en mogen niet door elkaar lopen.

Veelgemaakte fouten

  • Een onbekende of een instantie met „tu" aanspreken in plaats van met „vous" — in het Frans komt dat onbeleefd over; kies bij twijfel altijd het formele „vous".
  • De registers mengen: een formele brief openen met „Madame, Monsieur," maar afsluiten met een informeel „Bisous !" — aanhef én slot moeten bij hetzelfde register horen.

Actieve herhaling

Bepaal van elke ontvanger het register (formeel of informeel) en noteer de bijbehorende aanspreekvorm, aanhef en slotgroet: (a) je beste vriendin Camille; (b) de directeur van een taalschool waar je je wilt inschrijven; (c) een onbekende medewerker van een camping bij wie je een plek reserveert.

Actief ophalen

Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.

Bronnen: Examenprogramma Frans (HAVO) (CvTE / Examenblad)

§ 02

Conventies van brief en e-mail#

●●○StandaardLPexamenblad-nl

Nuttige formele formules

Nuttige formele formulesTabel met 2 kolommen en 5 rijen, Gegevens: Functie · Formele formule (FR); Reden van schrijven · Je vous écris pour …; Verwijzen · Suite à votre annonce …; Verzoek · Je vous serais reconnaissant(e) de …; Afsluiten · Dans l'attente de votre réponse, …; Slotgroet · Veuillez agréer mes salutations distinguées.FUNCTIEFORMELE FORMULE (FR)Reden van schrijvenJe vous écris pour …VerwijzenSuite à votre annonce …VerzoekJe vous seraisreconnaissant(e) de …AfsluitenDans l'attente de votreréponse, …SlotgroetVeuillez agréer messalutations distinguées.
Afb. 2Vaste formules als ankers: voor elk onderdeel van de formele brief bestaat een standaardzin die je uit het hoofd kunt leren.

Kernpunten

Een formele Franse brief of e-mail is geen vrije tekst maar een vast bouwwerk, en juist dat is goed nieuws: als je de bouwstenen kent, hoef je nooit met een leeg hoofd te beginnen. De opbouw is altijd dezelfde. Bovenaan staat de aanhef, gevolgd door een openingszin die meteen de reden van je schrijven noemt. Daarna komt de kern, waarin je je boodschap uitwerkt — je vraag, je klacht, je reactie. Je sluit af met een afrondende zin, een formele slotgroet en ten slotte je ondertekening met je voor- en achternaam. De tabel onderaan deze sectie verzamelt de formules die bij elk van die onderdelen horen, zodat je ze als vaste ankers kunt inzetten.
De aanhef is in een formele brief vrijwel altijd „Madame, Monsieur," — die gebruik je wanneer je niet weet of je een man of een vrouw schrijft, wat bij een instantie meestal het geval is. Ken je de naam wel, dan schrijf je „Madame Dupont," of „Monsieur Dupont,". Let op de Franse gewoonte: na de aanhef komt een komma, en het eerste woord van de openingszin krijgt een hoofdletter. Die openingszin noemt zonder omhaal de reden van je schrijven, met de vaste formule „Je vous écris pour …" (ik schrijf u om …) of, als je ergens op reageert, „Suite à votre annonce …" (naar aanleiding van uw advertentie …). Zo weet de lezer al na de eerste regel waaróm je schrijft.
In de kern werk je je boodschap puntsgewijs uit. Heb je een verzoek, dan kleed je dat beleefd in met „Je vous serais reconnaissant(e) de …" (ik zou u dankbaar zijn als u …) — een vaste formule die je vraag hoffelijk maakt. Naar het einde toe kondig je de afsluiting aan met „Dans l'attente de votre réponse, …" (in afwachting van uw antwoord, …), waarna de slotgroet volgt. Voor die slotgroet heb je twee niveaus: het gangbare „Cordialement," voor een gewone formele e-mail, en de plechtige volledige formule „Veuillez agréer mes salutations distinguées." voor een echt formele brief. Daaronder zet je ten slotte je volledige naam. Deze formules — verzameld in de tabel — leer je uit het hoofd, want ze keren in vrijwel elke formele brief terug.
Niet alleen de formules, ook de volgorde en de lay-out liggen vast, en het examen let erop. De onderdelen komen altijd in dezelfde volgorde: aanhef, openingszin, kern, afronding, slotgroet, ondertekening — nooit door elkaar. Visueel zet je de aanhef bovenaan op een eigen regel, laat je een witregel vóór de slotgroet, en zet je je naam onderaan. Schrijf je een echte brief in plaats van een e-mail, dan horen daar rechtsboven nog de plaats en de datum bij, in de Franse vorm „Paris, le 14 mai 2024" — let op het kleine woord „le" en de maand zonder hoofdletter. Een verzorgde lay-out maakt meteen een professionele indruk en helpt je bovendien om geen enkel onderdeel te vergeten.
Uitgewerkt voorbeeld

Een formele e-mail opstellen: reageren op een advertentie

Stel een korte formele e-mail in het Frans op waarin je reageert op een advertentie voor een zomerbaan als animator („animateur") op een camping in Frankrijk. Verwerk de aanhef, een openingszin met de reden, een korte kern met één beleefd verzoek, een afronding, de slotgroet en je ondertekening. Werk stap voor stap.

  1. 01Stap 1 — Aanhef

    Je kent de naam van de ontvanger niet, dus open je formeel met „Madame, Monsieur,". Daarna komt een komma en op de volgende regel begin je met een hoofdletter.

  2. 02Stap 2 — Openingszin met de reden

    Noem meteen waarom je schrijft, met een vaste formule die naar de advertentie verwijst: „Suite à votre annonce, je vous écris pour poser ma candidature au poste d'animateur." (Naar aanleiding van uw advertentie schrijf ik u om te solliciteren naar de functie van animator.)

  3. 03Stap 3 — Kern met één beleefd verzoek

    Werk je boodschap kort uit en stel je vraag hoffelijk met de vaste verzoekformule: „Je vous serais reconnaissant de me préciser les dates exactes du contrat." (Ik zou u dankbaar zijn als u mij de exacte data van het contract liet weten.)

  4. 04Stap 4 — Afronding en slotgroet

    Kondig de afsluiting aan en laat die overlopen in de slotgroet — in het Frans vormen ze samen één nette zin: „Dans l'attente de votre réponse, je vous prie d'agréer, Madame, Monsieur, mes salutations distinguées." Daaronder zet je je volledige naam.

Resultaat: De volledige formele e-mail luidt: „Madame, Monsieur, Suite à votre annonce, je vous écris pour poser ma candidature au poste d'animateur dans votre camping. Je suis disponible pendant tout l'été et j'ai déjà de l'expérience avec les enfants. Je vous serais reconnaissant de me préciser les dates exactes du contrat. Dans l'attente de votre réponse, je vous prie d'agréer, Madame, Monsieur, mes salutations distinguées. Lucas Jansen". De brief bevat alle vaste onderdelen in de juiste volgorde: de aanhef „Madame, Monsieur,", een openingszin met de reden, een korte kern met een beleefd verzoek, en een afronding die overloopt in de formele slotgroet, gevolgd door de ondertekening.

Eindexamen-focus

  • Het schoolexamen schrijven verwacht de complete, vaste opbouw van een formele brief: aanhef, openingszin met de reden, kern, afronding, slotgroet en ondertekening — in die volgorde.
  • Je moet de standaard formele formules paraat hebben en correct kunnen plaatsen, van de openingszin „Je vous écris pour …" tot de slotgroet „Veuillez agréer mes salutations distinguées.".

Veelgemaakte fouten

  • Onderdelen overslaan of in de verkeerde volgorde zetten — bijvoorbeeld meteen met je vraag beginnen zonder aanhef en openingszin, of de slotgroet vergeten.
  • Een informele slotgroet onder een formele brief zetten: „Bisous !" in plaats van „Cordialement," of „Veuillez agréer mes salutations distinguées." — de slotgroet moet bij het formele register passen.

Actieve herhaling

Je hebt op een Franse website een advertentie gezien voor een zomerbaan als animator op een camping. Stel een korte formele e-mail op waarin je reageert: noem de reden van je schrijven, stel één vraag over de baan, en sluit netjes af met de juiste slotgroet en je naam.

Actief ophalen

Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.

Bronnen: Examenprogramma Frans (HAVO) (CvTE / Examenblad)

§ 03

Register, toon en beleefdheid#

●●○StandaardLPexamenblad-nl

Kernpunten

In de eerste sectie koos je het register; hier verfijn je de toon waarmee je het uitvoert, en dat begint opnieuw bij „tu" en „vous". Het Frans dwingt je bij elke aangesproken persoon te kiezen: tutoyeer ik (tu) of vousvoyeer ik (vous)? „Tu" hoort bij nabijheid — vrienden, familie, klasgenoten, kinderen. „Vous" hoort bij afstand of respect — onbekenden, oudere mensen, een leraar die je niet kent, klanten, instanties — en is daarnaast altijd verplicht bij meer dan één persoon, hoe goed je hen ook kent. De kunst is dat die keuze niet eenmalig is maar de hele tekst kleurt: bij „vous" passen de bezittelijke vormen „votre/vos" en de werkwoordsuitgang op -ez („vous pouvez"), bij „tu" passen „ton/ta/tes" en de uitgang op -s („tu peux"). Wie halverwege wisselt, verraadt onzekerheid; houd de gekozen vorm consequent vol.
De beleefdheid van een Franse tekst zit vooral in de conditionnel, de „voorwaardelijke wijs", die een verzoek zachter en hoffelijker maakt. Vergelijk het directe „Je veux des renseignements" (ik wil informatie) met het beleefde „Je voudrais des renseignements" (ik zou graag informatie willen): dezelfde vraag, maar veel vriendelijker. Dat „voudrais" is de conditionnel van „vouloir". Zo werkt ook „pourriez-vous …?" (zou u kunnen …?) tegenover het botte „pouvez-vous …?", en „j'aimerais …" (ik zou graag …) tegenover „je veux …". In een formele brief kies je vrijwel altijd voor die conditionnel-vormen — „je voudrais", „pourriez-vous", „je vous serais reconnaissant(e)" — omdat ze respect en afstand uitdrukken. Het is een van de snelste manieren om je toon van „eisend" naar „beleefd" te tillen.
Naast de aanspreekvorm en de conditionnel bepaalt je woordkeus de toon. Spreektaal die in een appje aan een vriend prima is, hoort niet in een formele brief. Het informele „ouais" wordt het nette „oui"; „un boulot" (een baantje) wordt „un emploi" of „un poste"; „sympa" en „super" maken plaats voor „agréable" of „intéressant". Ook vermijd je in formele teksten losse uitroepen en afkortingen, en schrijf je volledige zinnen. Let bovendien op „on" tegenover „nous": in spreektaal zeggen Fransen „on va" voor „we gaan", maar in verzorgd schrijftaal kies je het nette „nous allons". De vuistregel is eenvoudig: alles wat naar losse spreektaal neigt, vervang je in een formele tekst door de verzorgde variant.
Ten slotte stem je de toon af op zowel de ontvanger als de situatie, want die twee samen bepalen hoeveel afstand gepast is. Schrijf je een klacht, dan blijf je ondanks je ergernis beleefd en zakelijk — boosheid in spreektaal ondermijnt je zaak, terwijl een beheerste formele toon juist sterk overkomt. Schrijf je een uitnodiging aan een vriend, dan zou diezelfde afstandelijke toon kil en vreemd aanvoelen. Vraag jezelf bij elke tekst dus twee dingen: wie is de ontvanger (ken ik hem, sta ik onder of boven hem?), en wat is de situatie (een hartelijk bericht, een zakelijk verzoek, een klacht)? Het antwoord bepaalt of je „tu" of „vous" kiest, hoeveel conditionnel-beleefdheid je inzet en hoe verzorgd je woordkeus moet zijn. Toon is daarmee geen sausje achteraf, maar een keuze die je vanaf de eerste zin maakt en volhoudt.
Uitgewerkt voorbeeld

Een directe zin beleefd en formeel maken

Maak de zin „Je veux des renseignements sur vos cours de français." beleefder en formeler, geschikt voor een brief aan een taalschool die je niet kent. Werk stap voor stap.

  1. 01Stap 1 — Beoordeel de toon

    De zin is grammaticaal goed, maar de toon is te direct: „Je veux" (ik wil) klinkt eisend, en dat past niet in een formele brief aan een onbekende instantie.

  2. 02Stap 2 — Vervang door de conditionnel

    Het werkwoord „vouloir" zet je in de conditionnel om het verzoek te verzachten: „je veux" wordt „je voudrais" (ik zou graag willen). Daarmee wordt de vraag hoffelijk in plaats van eisend.

  3. 03Stap 3 — Controleer aanspreekvorm en woordkeus

    Het bezittelijk „vos" in „vos cours" hoort bij de formele „vous"-vorm en is dus al correct. De woordkeus („des renseignements", „vos cours de français") is netjes en hoeft niet te veranderen.

Resultaat: De beleefde, formele versie is „Je voudrais des renseignements sur vos cours de français.". De enige nodige wijziging is de conditionnel: „je veux" wordt „je voudrais", waardoor het verzoek hoffelijk wordt; de „vous"-vorm („vos") was al passend bij een onbekende ontvanger.

Eindexamen-focus

  • Het schoolexamen verwacht dat je consequent tutoyeert („tu") of vousvoyeert („vous") al naar gelang de ontvanger, en die keuze door de hele tekst volhoudt.
  • Je moet beleefdheid kunnen uitdrukken met de conditionnel („je voudrais …", „pourriez-vous …?") en formeel woordgebruik kiezen in plaats van spreektaal.

Veelgemaakte fouten

  • De directe tegenwoordige tijd gebruiken waar beleefdheid nodig is: „Je veux …" of „Pouvez-vous …?" in plaats van het hoffelijke „Je voudrais …" en „Pourriez-vous …?".
  • Spreektaal in een formele tekst laten staan — „ouais", „sympa", „un boulot" of „on" voor „we" — terwijl de situatie verzorgd schrijftaal vraagt („oui", „agréable", „un poste", „nous").

Actieve herhaling

Maak de volgende zinnen beleefder en formeler voor een brief aan een onbekende: (a) „Je veux une chambre pour deux nuits."; (b) „Pouvez-vous m'envoyer le programme ?"; (c) „C'est un boulot sympa.".

Actief ophalen

Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.

Bronnen: Examenprogramma Frans (HAVO) (CvTE / Examenblad)

§ 04

Het schrijfproces: plannen en nakijken#

●●○StandaardLPexamenblad-nl

Kernpunten

Een goede tekst begint niet bij de eerste zin maar bij een plan, en bij schrijfvaardigheid is dat plan grotendeels al voor je gemaakt: de opdracht schrijft voor welke inhoudspunten je tekst MOET bevatten. Lees die opdracht daarom eerst nauwkeurig en streep elk verplicht punt aan. Moet je in een e-mail aan een camping bijvoorbeeld (1) een plek reserveren, (2) naar de prijs vragen en (3) doorgeven wanneer je aankomt, dan zijn dat drie punten die állemaal terug moeten komen. Maak er een lijstje van en vink elk punt af zodra je het verwerkt hebt. Dit is de goedkoopste puntenwinst die er bestaat: een vergeten inhoudspunt kost je gegarandeerd punten, hoe mooi je Frans verder ook is.
Met je afgevinkte lijstje schrijf je vervolgens een kladversie. Probeer in die eerste versie niet meteen perfect te zijn — concentreer je op de inhoud en de opbouw: staat alles erin, in een logische volgorde, met de juiste aanhef en slotgroet? Schrijf in korte, heldere zinnen en gebruik de vaste formules die je kent uit de vorige secties. Loop je vast op een woord, kies dan een eenvoudiger Franse omschrijving in plaats van een gewaagde gok; een ingewikkelde zin die je niet zeker weet, levert vaker fouten op dan punten. De kladversie is je ruwe bouwwerk; pas in de volgende stap maak je het netjes af.
Dan volgt de belangrijkste en meest verwaarloosde stap: gericht nakijken. „Gericht" betekent dat je niet één keer vaag overleest, maar je tekst meerdere keren doorloopt met telkens één foutsoort in je hoofd. Controleer eerst de accord, de overeenkomst: komt elk bijvoeglijk naamwoord overeen met zijn zelfstandig naamwoord in geslacht en getal („une grande maison", „des petits villages")? Controleer daarna de werkwoorden: kloppen de tijd en de uitgang bij het onderwerp („nous allons", niet „nous allez")? Controleer als derde de lidwoorden en het geslacht van de woorden („le" of „la", „un" of „une", „du" of „de la"). Door per ronde op één ding te letten, zie je fouten die je bij gewoon overlezen mist.
Sluit af met een ronde voor spelling en — typisch Frans — de accenttekens, want een ontbrekend of verkeerd accent geldt als een fout. Let op de drie accenten op de e: „é" (été), „è" (mère) en „ê" (être), en op de cédille onder de c („français", „ça"). Vergeet ook de kleine woordjes niet die in spreektaal wegvallen maar in schrift moeten staan. Het loont om al die controles te bundelen in één vaste nakijk-checklist die je elke keer afloopt: (1) staan alle inhoudspunten erin? (2) klopt de aanspreekvorm overal („tu" óf „vous")? (3) zijn de accord van de bijvoeglijke naamwoorden en de werkwoordsuitgangen correct? (4) kloppen de lidwoorden en het geslacht? (5) staan alle accenten en is de spelling verzorgd? Wie deze vijf punten standaard naloopt, raapt de punten op die anderen door haast laten liggen.
Uitgewerkt voorbeeld

Plannen en nakijken in de praktijk

Je schrijft een e-mail aan een Franse vriend met drie verplichte inhoudspunten: (1) vertellen dat je in de zomer komt, (2) vragen of je mag logeren, (3) voorstellen samen iets te doen. Maak eerst het inhoudslijstje, en kijk daarna de zin „Je vais passer deux semaine en France et je voudrais te voir." gericht na. Werk stap voor stap.

  1. 01Stap 1 — Maak het inhoudslijstje

    Streep de drie verplichte punten uit de opdracht aan: (1) ik kom in de zomer, (2) mag ik logeren?, (3) zullen we samen iets doen? Dit zijn de drie punten die in de e-mail terug moeten komen; je vinkt ze af terwijl je schrijft.

  2. 02Stap 2 — Controleer de accord en het getal

    In „deux semaine" klopt het getal niet: na „deux" (twee) hoort het meervoud, dus „deux semaines" met een -s. Dit is een accordfout in het zelfstandig naamwoord.

  3. 03Stap 3 — Controleer aanspreekvorm en werkwoorden

    De zin is aan een vriend gericht, dus „tu" is het juiste register; „te voir" (jou zien) en het beleefde „je voudrais" passen daarbij. De werkwoordsvormen „je vais passer" en „je voudrais" zijn correct vervoegd.

  4. 04Stap 4 — Controleer accenten en spelling

    „France" en „voudrais" zijn correct gespeld; er ontbreken geen accenten. Na de correctie van het meervoud is de zin in orde.

Resultaat: Het inhoudslijstje telt drie af te vinken punten: (1) komst in de zomer, (2) vraag om te logeren, (3) voorstel om samen iets te doen. De nagekeken zin luidt „Je vais passer deux semaines en France et je voudrais te voir." — de enige fout was de accord van het getal: „deux semaine" moet „deux semaines" zijn (meervoud na „deux"). De aanspreekvorm „tu", de werkwoordstijden en de accenten waren al correct.

Eindexamen-focus

  • Het schoolexamen beoordeelt of je álle voorgeschreven inhoudspunten van de opdracht verwerkt; plan daarom vooraf en vink elk punt af.
  • Je tekst wordt ook op correctheid beoordeeld: gericht nakijken op accord, werkwoordstijden, lidwoorden en accenten levert directe puntenwinst op.

Veelgemaakte fouten

  • Een voorgeschreven inhoudspunt overslaan omdat je niet vooraf hebt gepland — dat kost gegarandeerd punten, ongeacht de kwaliteit van je Frans.
  • De tekst niet of slechts vluchtig nakijken, waardoor vermijdbare fouten blijven staan: een ontbrekend accent („francais" in plaats van „français") of een fout in de accord („une maison blanc" in plaats van „une maison blanche").

Actieve herhaling

Je krijgt de opdracht een e-mail te schrijven aan een Franse vriend waarin je (1) vertelt dat je in de zomer naar Frankrijk komt, (2) vraagt of je mag logeren en (3) voorstelt om samen iets te doen. Maak eerst het inhoudslijstje en loop daarna de nakijk-checklist langs deze voorbeeldzin: „Je vais passer deux semaine en France et je voudrais te voir.".

Actief ophalen

Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.

Bronnen: Examenprogramma Frans (HAVO) (CvTE / Examenblad)

Inhoud

Sectie -- / 04

    • 01Formele en informele teksten○
    • 02Conventies van brief en e-mail◐
    • 03Register, toon en beleefdheid◐
    • 04Het schrijfproces: plannen en nakijken◐

0/4 Gelezen

Van samenvatting naar oefening

Schrijfvaardigheid

Verstevig dit onderwerp met vragen uit de vragenbank.

~21
min
3
Vaardigheden
Oefenen

Referenties en bronnen

Bronnen

CvTE / Examenblad

  • Examenprogramma Frans (HAVO)

Vorig onderwerp

Grammatica

Volgend onderwerp

Kijk- en luistervaardigheid

EuraStudy·Samenvattingen T·08·MMXXVI

Ga verder met het volgende onderwerp — je leerpad blijft bewaard.