EuraStudy
Samenvattingen/Engels/Oriëntatie op studie en beroep
Samenvattingen · EngelsNL · HAVO

Oriëntatie op studie en beroep

Oriëntatie op studie en beroep is het vaardigheidsdomein waarin je nadenkt over de rol die Engels speelt in je vervolgopleiding en je latere werk. Je verkent waarom Engels de internationale voertaal van studie en beroep is, hoe je zakelijke en vakgerichte Engelse teksten aanpakt, en hoe je je oriënteert op een opleiding en je taalniveau vastlegt in een Europees taalpaspoort. Belangrijk om eerlijk te zijn: dit domein hoort bij het schoolexamen en het handelingsdeel — het staat níét als toetsbaar onderdeel op het centraal examen, dat alleen leesvaardigheid toetst.

3 Onderdelen·~17 min leestijd·4 Vaardigheden·Niveau Basis 1 · Standaard 2

T·141414 / 14
Examenprofiel
Uitleggen waarom Engels de lingua franca van wetenschap, internet en internationaal werk is en wat een ERK-niveau op je cv of taalpaspoort betekent.Zakelijke en vakgerichte Engelse teksten lezen, vakjargon uit de context afleiden en het juiste register (formeel of informeel) herkennen.Je oriënteren op een vervolgopleiding waarin Engels een rol speelt en je ERK-niveaus vastleggen in een Europees taalpaspoort (Europass).Beseffen dat dit domein bij het schoolexamen en het handelingsdeel hoort en niet als toetsbaar onderdeel op het centraal examen voorkomt.
Operatoren:oriënteerleg uitverkenonderbouwberedeneer

basisniveau

Voor het schoolexamen en het handelingsdeel: laat zien dat je hebt nagedacht over de rol van Engels in jouw vervolgopleiding en beroep, en dat je een eenvoudige Engelse studie- of beroepstekst globaal kunt lezen.

verhoogd niveau

Wie naar het hoger onderwijs gaat, krijgt veel Engelstalige studieboeken en vaktermen; gebruik de leesstrategieën van het centraal examen ook hier en streef bewust naar een hoger ERK-niveau (richting B2).

Diepte

Leesdiepte: Verdieping

Tekst

Tekstgrootte: Standaard

Inhoud · 3 onderdelen▾
  1. Oriëntatie op studie en beroep
    • 01Engels in studie en beroep○
    • 02Zakelijk en vakgericht Engels◐
    • 03Vervolgopleiding en talenpaspoort◐
§ 01

Engels in studie en beroep#

●○○BasisLPexamenblad-nl

Waar je Engels tegenkomt

Waar je Engels tegenkomtTabel met 2 kolommen en 4 rijen, Gegevens: Domein · Rol van het Engels; Wetenschap · artikelen, onderzoek; Internet · software en video; Werk · e-mail en overleg; Studie · Engelse studieboeken, gemarkeerde cel: StudieDOMEINROL VAN HET ENGELSWetenschapartikelen, onderzoekInternetsoftware en videoWerke-mail en overlegStudieEngelse studieboeken
Afb. 1Engels is overal in studie en beroep; de studie is voor jou de eerste plek waar het meteen telt.

Kernpunten

Het is goed om meteen helder te hebben waar dit onderwerp thuishoort: oriëntatie op studie en beroep is een vaardigheidsdomein dat in het schoolexamen en het handelingsdeel aan bod komt, en níét als toetsbaar onderdeel op het centraal examen staat. Op het centraal examen Engels wordt alleen je leesvaardigheid getoetst; nadenken over je studie- en beroepskeuze hoort bij de schoolexamenonderdelen die je op school afrondt. Dat betekent niet dat het onbelangrijk is — integendeel. Juist omdat Engels na je examen een grote rol gaat spelen, vraagt je school je hier bewust bij stil te staan. In dit onderwerp verken je daarom waarom Engels ertoe doet in je vervolgopleiding en je werk, zonder dat je het hoeft te „leren voor een toets” zoals de leesvaardigheid van het centraal examen.
Engels is de lingua franca van onze tijd — de gemeenschappelijke taal waarin mensen met verschillende moedertalen elkaar verstaan. In de wetenschap verschijnt vrijwel elk belangrijk artikel in het Engels, zodat onderzoekers wereldwijd elkaars werk kunnen lezen. Op het internet is Engels veruit de meest gebruikte taal: handleidingen, fora, video's en software gaan voor een groot deel in het Engels. En in het internationale bedrijfsleven is Engels de standaardtaal voor vergaderingen, e-mails en contracten zodra er meer dan één land bij betrokken is. Wie Engels begrijpt, krijgt dus toegang tot een enorme hoeveelheid kennis, contacten en kansen die anders gesloten zouden blijven.
Die rol van het Engels begint al meteen na je examen, in je vervolgopleiding. Veel mbo-, hbo- en universitaire opleidingen werken met Engelstalige studieboeken en wetenschappelijke artikelen, ook als de lessen zelf in het Nederlands worden gegeven — de meest actuele vakliteratuur is nu eenmaal vaak Engels. Daarnaast zijn er steeds meer opleidingen die volledig in het Engels worden aangeboden, en zelfs hele studies waarin het Nederlands nauwelijks voorkomt. Wie vlot Engelse vakteksten kan lezen, heeft op zo'n opleiding een duidelijke voorsprong: je begrijpt de stof sneller, je hoeft minder op te zoeken en je raakt niet ontmoedigd door een dik Engels boek. De tabel hieronder zet de plekken waar je Engels tegenkomt nog eens op een rij.
Je beheersing van het Engels kun je ook concreet maken met een niveau uit het Europees Referentiekader, kortweg het ERK. Dat is een Europese schaal die taalvaardigheid indeelt in zes niveaus, van A1 (beginner) tot C2 (bijna moedertaalniveau); HAVO Engels mikt op ongeveer B1 tot B2. Het voordeel van zo'n niveau-aanduiding is dat ze in heel Europa hetzelfde betekent: als je op je cv of in een Europass-taalpaspoort zet dat je Engels op B2-niveau leest, weet een werkgever of opleiding in elk land precies wat ze van je mag verwachten. „Goed in Engels” is vaag; „B2 voor lezen” is concreet en vergelijkbaar. In de derde sectie van dit onderwerp werk je het ERK en het taalpaspoort verder uit.
Omdat dit een handelingsdeel is, ziet de „toetsing” er anders uit dan bij het centraal examen: je krijgt er meestal geen cijfer voor, maar je rondt het naar behoren af, bijvoorbeeld met een opdracht waarin je je oriënteert op een opleiding of nadenkt over de plek van Engels in jouw toekomst. De vaardigheden die je daarbij gebruikt, zijn echter precies dezelfde als die je voor het examen oefent: vlot lezen, hoofdzaken van bijzaken scheiden, woorden uit hun context afleiden. Zie dit onderwerp dus niet als een losse extra, maar als de toepassing van je leesvaardigheid op de echte wereld na je eindexamen. Wie goed leert lezen voor het centraal examen, plukt daar in studie en beroep nog jaren de vruchten van.
Uitgewerkt voorbeeld

Een korte reflectie op de rol van Engels schrijven

Je handelingsopdracht vraagt: „Beschrijf in een paar zinnen waar Engels in jouw gewenste vervolgopleiding een rol speelt.” Je wilt iets met techniek gaan doen, bijvoorbeeld werktuigbouwkunde aan het hbo. Hoe pak je zo'n reflectie aan?

  1. 01Stap 1 — Verken de opleiding

    Zoek op de site of in de studiegids van de opleiding op in welke taal de lesstof is. Bij veel technische hbo-opleidingen zijn de handboeken en software Engelstalig, ook al zijn de lessen in het Nederlands.

  2. 02Stap 2 — Maak het concreet

    Noem niet alleen „ik heb Engels nodig”, maar geef voorbeelden: Engelse studieboeken lezen, technische handleidingen begrijpen, en later misschien overleggen met buitenlandse collega's of leveranciers.

  3. 03Stap 3 — Koppel aan je eigen niveau

    Schat in welk ERK-niveau je nodig denkt te hebben (voor het lezen van vakteksten al gauw B1/B2) en bedenk wat dat betekent voor hoe je je Engels nu onderhoudt.

Resultaat: Een goede reflectie is concreet en persoonlijk: ze noemt de echte situaties waarin Engels in de opleiding terugkomt (studieboeken, handleidingen, internationaal contact) en koppelt die aan een ERK-niveau, in plaats van algemeen te zeggen dat Engels „handig” is.

Eindexamen-focus

  • In het schoolexamen en het handelingsdeel laat je zien dat je hebt nagedacht over de rol van Engels in jouw vervolgopleiding en beroep; dit domein wordt niet op het centraal examen getoetst.
  • Je kunt uitleggen waarom Engels de internationale voertaal van wetenschap, internet en werk is, en waarom je er ook ná je eindexamen profijt van houdt.

Veelgemaakte fouten

  • Denken dat je dit onderwerp moet „stampen voor het centraal examen”; oriëntatie op studie en beroep hoort bij het schoolexamen en het handelingsdeel, niet bij het centraal examen.
  • Denken dat Engels alleen telt als je een Engelstalige opleiding kiest; ook bij Nederlandstalige vervolgopleidingen werk je vaak met Engelse studieboeken en artikelen.

Actieve herhaling

Schrijf in een paar zinnen op welke vervolgopleiding jou nu aanspreekt en zoek uit in welke situaties je daar Engels nodig zou hebben — denk aan studieboeken, artikelen, stages of internationale klasgenoten.

Actief ophalen

Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.

Bronnen: Examenprogramma Engels (HAVO) (CvTE / Examenblad)

§ 02

Zakelijk en vakgericht Engels#

●●○StandaardLPexamenblad-nl

Register kiezen: informeel of formeel

Register per situatieTabel met 2 kolommen en 4 rijen, Gegevens: Situatie · Passend register; Vriend appen · informeel; Zakelijke e-mail · formeel; Vaktekst lezen · neutraal vakjargon; Sollicitatie · formeel, beleefd, gemarkeerde cel: formeelSITUATIEPASSEND REGISTERVriend appeninformeelZakelijke e-mailformeelVaktekst lezenneutraal vakjargonSollicitatieformeel, beleefd
Afb. 2Het publiek bepaalt de toon: een zakelijke e-mail vraagt een formeel register, een appje aan een vriend niet.

Kernpunten

Het Engels dat je in een vak of beroep nodig hebt, is vaak specifieker dan het algemene Engels uit de les. Vakmensen spreken over ‘English for specific purposes': het Engels van een bepaald vakgebied, met eigen woorden, vaste uitdrukkingen en teksttypen. Een verpleegkundige leest andere Engelse teksten dan een programmeur of een hotelmanager. Toch is de basis steeds dezelfde algemene taalvaardigheid; daar bovenop komt een laag vakwoorden en gewoonten die je gaandeweg, in je opleiding en op je werk, leert. Voor dit onderwerp hoef je geen volledig vakjargon te beheersen — je moet begrijpen dat zulk vakgericht Engels bestaat en hoe je het aanpakt.
Een van de meest voorkomende vormen van zakelijk Engels is de e-mail. Een zakelijke e-mail volgt vaste beleefdheidsconventies die sterk verschillen van een appje aan een vriend. Je opent formeel (‘Dear Mr Smith,' of, als je de naam niet kent, ‘Dear Sir or Madam,'), je houdt je toon beleefd en helder, en je sluit af met een vaste formule (‘Kind regards,' of ‘Yours sincerely,'). Afkortingen, emoji en spreektaal horen er niet thuis. Het doel is dat de lezer je boodschap snel en zonder ergernis begrijpt en dat jij professioneel overkomt. Wie een sollicitatie of een verzoek in slordig, te informeel Engels schrijft, maakt meteen een verkeerde indruk — nog vóór de inhoud gelezen is.
Naast schrijven is vooral lézen belangrijk: handleidingen, instructies, productinformatie en studieboeken zijn in veel beroepen Engelstalig. Zulke teksten zitten vol vakjargon — woorden die binnen een vakgebied een precieze betekenis hebben, zoals ‘invoice' (factuur) in de handel of ‘runtime' bij het programmeren. Je hoeft niet elk vakwoord vooraf te kennen: vaak leid je de betekenis af uit de context, uit een afbeelding of uit een woordenlijst (‘glossary') achter in het boek. De kunst is dezelfde als op het centraal examen: bepaal eerst de hoofdlijn, en zoek alleen die vakwoorden op die je echt nodig hebt om de tekst of de opdracht te begrijpen. Zo raak je niet verlamd door één onbekende term.
Op de werkvloer draait veel om het juiste register: de mate van formaliteit die bij een situatie past. Tegen een goede collega kun je informeel doen, maar in een mail aan een klant, een leidinggevende of een onbekende kies je een formele, beleefde toon. Het Engels heeft daar eigen middelen voor: ‘Could you possibly send me the report?' is beleefder en formeler dan het directe ‘Send me the report.' Het verkeerde register kan onbedoeld bot, kinderachtig of juist stijf overkomen. Daarom let je niet alleen op wát je zegt, maar ook op tegen wíe: het publiek bepaalt de toon. Dat besef — register kiezen op grond van je lezer — is misschien wel de belangrijkste vaardigheid in zakelijk Engels.
Het goede nieuws is dat je voor al die vakgerichte teksten geen nieuwe leesvaardigheid hoeft te leren: je hergebruikt precies de strategieën van het centraal examen. Globaal lezen om snel te zien waar een handleiding over gaat; gericht lezen (scannen) om één instructie of getal te vinden; signaalwoorden gebruiken om verbanden te zien; en onbekende woorden uit hun context afleiden in plaats van bij elk woord het woordenboek te pakken. De tabel hieronder laat zien hoe het passende register per situatie verschilt — van een informeel appje tot een formele sollicitatie. Wie deze leesgewoonten op school goed inslijpt, kan ze moeiteloos toepassen op de Engelse vakteksten die in zijn vervolgopleiding en beroep op hem afkomen.
Uitgewerkt voorbeeld

Een Engelse vacaturetekst lezen

Je leest een Engelse vacaturetekst met de zin: ‘We are looking for a motivated candidate with excellent communication skills who is fluent in English.' De opdracht is: voor wie is deze vacature bedoeld? Hoe lees je dit gericht?

  1. 01Stap 1 — Lees globaal

    Je hoeft de hele tekst niet woord voor woord te lezen. Eén keer snel doorlezen vertelt je dat het om een personeelsadvertentie (‘vacancy') gaat waarin een werkgever iemand zoekt.

  2. 02Stap 2 — Zoek de kernwoorden

    De vraag is voor wie de vacature bedoeld is. De sleutelwoorden staan in ‘a motivated candidate with excellent communication skills who is fluent in English' — dat beschrijft de gezochte persoon.

  3. 03Stap 3 — Leid de vakwoorden af

    ‘Candidate' is de sollicitant, ‘communication skills' zijn communicatieve vaardigheden en ‘fluent in English' betekent vloeiend Engels. Ook zonder woordenboek leid je dit af uit de context en uit verwante Nederlandse woorden.

Resultaat: De vacature is bedoeld voor een gemotiveerde sollicitant met goede communicatieve vaardigheden die vloeiend Engels spreekt. Je vond dat door globaal te lezen, de kernzin te scannen en de vakwoorden uit hun context af te leiden — precies dezelfde aanpak als op het centraal examen.

Eindexamen-focus

  • In het schoolexamen kun je gevraagd worden zakelijke of vakgerichte Engelse teksten te lezen of te schrijven; je laat dan zien dat je het juiste register kiest en vakwoorden uit de context kunt afleiden.
  • Je herkent het verschil tussen informeel en formeel Engels en kunt uitleggen waarom een zakelijke e-mail een andere toon vraagt dan een berichtje aan een vriend.

Veelgemaakte fouten

  • Een zakelijke e-mail of sollicitatie in te informeel Engels schrijven (afkortingen, spreektaal, emoji); dat komt onprofessioneel over, hoe goed je Engels verder ook is.
  • Denken dat je elk vakwoord moet kennen voordat je een vaktekst begrijpt; meestal leid je de betekenis af uit de context of een ‘glossary' en hoef je maar enkele termen op te zoeken.

Actieve herhaling

Zoek een korte Engelse vaktekst die bij jouw interesse past (bijvoorbeeld een handleiding, een vacaturetekst of een stukje uit een studieboek). Lees hem globaal, noteer de drie belangrijkste vakwoorden en leid hun betekenis af uit de context voordat je iets opzoekt.

Actief ophalen

Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.

Bronnen: Examenprogramma Engels (HAVO) (CvTE / Examenblad)

§ 03

Vervolgopleiding en talenpaspoort#

●●○StandaardLPexamenblad-nl

Het Europees Referentiekader (ERK)

Het ERK (A1–C2)Tabel met 2 kolommen en 4 rijen, Gegevens: Niveau · Wat je globaal kunt; A1/A2 · eenvoudige, vertrouwde taal; B1 · hoofdpunten, vertrouwde stof; B2 · complexe, abstracte teksten; C1/C2 · vloeiend en genuanceerd, gemarkeerde cel: B1NIVEAUWAT JE GLOBAAL KUNTA1/A2eenvoudige, vertrouwde taalB1hoofdpunten, vertrouwde stofB2complexe, abstracte tekstenC1/C2vloeiend en genuanceerd
Afb. 3Het ERK loopt van A1 tot C2; B1 is uitgelicht als globaal streefniveau voor HAVO Engels, met het lezen vaak richting B2.

Kernpunten

Oriënteren op een vervolgopleiding betekent dat je actief uitzoekt welke opleiding bij je past en wat ze van je vraagt — ook op het gebied van talen. Je kunt daarvoor open dagen bezoeken, meeloopdagen doen en de studiegids of website van een opleiding lezen. Let daarbij bewust op de taal: in welke taal zijn de lessen, de studieboeken en de tentamens? Veel mbo-, hbo- en wo-opleidingen vermelden expliciet een taaleis, bijvoorbeeld een bepaald Engels-niveau, zeker als (een deel van) de opleiding in het Engels wordt gegeven. Door dit vooraf uit te zoeken voorkom je verrassingen en weet je of je je Engels nog moet bijspijkeren.
Een belangrijke reden waarom Engels in het vervolgonderwijs zo zwaar weegt, is de internationalisering: opleidingen werken steeds meer over de grenzen heen samen. Veel hogescholen en universiteiten bieden Engelstalige opleidingen aan en hebben internationale studenten in de klas, zodat de voertaal vanzelf Engels wordt. Daarnaast kun je via uitwisselingsprogramma's — het bekendste is Erasmus+ — een tijd in het buitenland studeren, waar Engels meestal je gemeenschappelijke taal is. Wie goed Engels beheerst, kan dus letterlijk verder komen: een semester in het buitenland, een internationale stage of een studie die in heel Europa erkend wordt. Engels is daarmee niet alleen een vak, maar een sleutel die deuren opent.
Om taalniveaus eerlijk te kunnen vergelijken, gebruikt heel Europa dezelfde meetlat: het Europees Referentiekader voor de talen, kortweg het ERK (in het Engels ‘CEFR'). Het ERK deelt taalvaardigheid in zes niveaus in, oplopend van A1 en A2 (de beginner die eenvoudige, vertrouwde taal aankan), via B1 en B2 (de zelfstandige gebruiker), tot C1 en C2 (de vaardige gebruiker die vrijwel als een moedertaalspreker functioneert). De tabel hieronder zet die niveaus op een rij met bij elk in het kort wat je globaal kunt. Belangrijk voor jou: HAVO Engels mikt op ongeveer B1 tot B2 — daarom is B1 in de tabel uitgelicht. Op B1 begrijp je de hoofdpunten van duidelijke teksten over vertrouwde onderwerpen; richting B2 kun je ook complexere en abstractere teksten aan, precies het niveau van de examenteksten.
Je ERK-niveaus kun je vastleggen in een Europees taalpaspoort, een onderdeel van Europass — het gratis Europese systeem waarmee je je opleiding, vaardigheden en talen overzichtelijk presenteert. In het taalpaspoort vul je per taal en per vaardigheid (lezen, luisteren, spreken, schrijven) in op welk ERK-niveau je zit, vaak met een korte zelfbeoordeling. Zo ontstaat één helder overzicht dat een werkgever of opleiding in elk Europees land begrijpt. Goed om te weten: het taalpaspoort is in de eerste plaats een zelfgemaakt overzicht en geen officieel diploma; wel kun je er behaalde certificaten (zoals Cambridge English of IELTS) aan toevoegen om je niveau te onderbouwen. Het maakt je taalvaardigheid concreet en vergelijkbaar, precies wat een vaag „goed in Engels” mist.
Als je deze drie dingen combineert — je oriënteren op een opleiding, weten dat internationalisering Engels onmisbaar maakt, en je niveau vastleggen in een taalpaspoort — heb je een realistisch beeld van waar je staat en waar je naartoe werkt. Gebruik de tabel hieronder als hulpmiddel: schat eerlijk in op welk niveau je nu leest, en bedenk welk niveau je vervolgopleiding waarschijnlijk vraagt. Voor de meeste HAVO'ers is B1/B2 een passend en haalbaar doel, en juist het lezen dat je voor het centraal examen oefent, tilt je richting B2. Zo sluit dit handelingsdeel naadloos aan op de rest van je examenjaar: je leesvaardigheid is niet alleen goed voor een cijfer, maar voor je hele toekomst na de HAVO.
Uitgewerkt voorbeeld

Een beschrijving aan een ERK-niveau koppelen

Gebruik de tabel hieronder. Iemand zegt: „Ik kan een Engels krantenartikel over een vertrouwd onderwerp lezen en de hoofdpunten begrijpen, maar bij een ingewikkeld, abstract betoog haak ik af.” Welk ERK-niveau past hier het best?

  1. 01Stap 1 — Lees het kenmerk

    De persoon begrijpt de hoofdpunten van duidelijke teksten over vertrouwde onderwerpen, maar nog niet de complexe, abstracte stof. Dat is precies de omschrijving van het zelfstandige basisniveau.

  2. 02Stap 2 — Vergelijk met de tabel

    In de tabel hoort „hoofdpunten, vertrouwde stof” bij B1, terwijl „complexe, abstracte teksten” pas bij B2 staat. De persoon zit dus op B1 en is op weg naar B2.

  3. 03Stap 3 — Koppel aan HAVO

    B1 is het uitgelichte streefniveau voor HAVO Engels; wie de stap naar het begrijpen van complexere examenteksten maakt, schuift op richting B2.

Resultaat: Het best passende niveau is B1 (met B2 als volgende stap): de lezer begrijpt vertrouwde stof maar nog niet de complexe, abstracte teksten — herkenbaar aan de omschrijvingen in de tabel en aan het streefniveau van HAVO Engels.

Eindexamen-focus

  • In het schoolexamen en het handelingsdeel laat je zien dat je je kunt oriënteren op een vervolgopleiding en dat je je eigen Engels op een ERK-niveau (rond B1/B2 voor HAVO) kunt plaatsen.
  • Je weet wat het Europees taalpaspoort (Europass) is en waarvoor je het gebruikt: je ERK-niveaus per vaardigheid overzichtelijk en internationaal vergelijkbaar vastleggen.

Veelgemaakte fouten

  • ERK-niveaus verkeerd inschatten of denken dat je altijd het hoogste niveau (C2) nodig hebt; voor HAVO en de meeste vervolgopleidingen is B1/B2 het passende streefniveau.
  • Denken dat het taalpaspoort een officieel examencertificaat is; het is in de eerste plaats een zelfgemaakt overzicht, waaraan je eventueel behaalde certificaten kunt toevoegen.

Actieve herhaling

Maak met de tabel hieronder een mini-taalpaspoort voor jezelf: schat per vaardigheid (lezen, luisteren, spreken, schrijven) in op welk ERK-niveau je Engels zit, en onderbouw je inschatting voor het lezen met een voorbeeld van een tekst die je aankunt.

Actief ophalen

Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.

Bronnen: Examenprogramma Engels (HAVO) (CvTE / Examenblad)

Inhoud

Sectie -- / 03

    • 01Engels in studie en beroep○
    • 02Zakelijk en vakgericht Engels◐
    • 03Vervolgopleiding en talenpaspoort◐

0/3 Gelezen

Van samenvatting naar oefening

Oriëntatie op studie en beroep

Verstevig dit onderwerp met vragen uit de vragenbank.

~17
min
4
Vaardigheden
Oefenen

Referenties en bronnen

Bronnen

CvTE / Examenblad

  • Examenprogramma Engels (HAVO)

Vorig onderwerp

Literatuurgeschiedenis (English literary history)

EuraStudy·Samenvattingen T·14·MMXXVI

Laatste onderwerp van dit vak — terug naar het vakoverzicht.