Domein A is het gereedschap dat onder elke natuurkundeopgave ligt: rekenen met grootheden, eenheden en significante cijfers, het ontbinden en samenstellen van vectoren, het aflezen van helling en oppervlakte in grafieken en het bouwen van modellen. Deze vaardigheden worden in het centraal examen niet los getoetst, maar verweven met alle andere subdomeinen — een fout in eenheden of in een vectorontbinding kost daar net zo goed punten.
4 Onderdelen~15 min leestijd4 VaardighedenNiveau Basis 1 · Standaard 2 · Verdieping 1
basisniveau
Alle profielen (nt en ng) beheersen de vaardigheden van domein A; ze worden in het CE verweven met elk onderwerp getoetst.
verhoogd niveau
Modelleren met differentievergelijkingen en het kwantitatief omgaan met meetonzekerheid krijgen in nt en in de profielverdieping meer nadruk.
Leesdiepte: Verdieping
Tekstgrootte: Standaard
SI-voorvoegsels als machten van tien
Afgeleide SI-eenheden
Elke afgeleide eenheid is terug te voeren op de zeven grondeenheden; invullen in SI geeft het antwoord in SI.
km/h naar m/s
1 km/h = 1000 m / 3600 s = 1/3,6 m/s.
Een auto rijdt met . De motor levert een nuttig vermogen van . Bereken de snelheid in m/s en druk het vermogen uit in SI-grondeenheden.
Deel door 3,6 om van km/h naar m/s te gaan.
18 kW is ; een watt is J/s = kg m^2 s^-3.
De gegevens hebben twee significante cijfers, dus de antwoorden ook.
Resultaat: en , beide met twee significante cijfers.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Een fietser legt af in . Bereken haar gemiddelde snelheid in m/s met het juiste aantal significante cijfers, en controleer of de orde van grootte redelijk is voor een fietser.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma natuurkunde vwo — domein A (vaardigheden) (CvTE / Examenblad)
Ontbinding van een kracht in componenten
Ontbinden in componenten
Projecteer de vector op de assen; de hoek wordt gemeten vanaf de as met de cosinus.
Samenstellen tot resultante
Grootte via Pythagoras, richting via de tangens van de componenten.
Op een punt werken twee krachten: langs de positieve -as en langs de positieve -as. Bereken de grootte en de richting van de resulterende kracht.
De krachten staan al langs de assen, dus en .
Gebruik de stelling van Pythagoras.
De hoek met de x-as volgt uit de tangens.
Resultaat: De resultante is onder een hoek van met de positieve -as.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Een kist wordt over een vlakke vloer getrokken met een touw dat een kracht van uitoefent onder een hoek van met de horizontaal. Bereken de horizontale trekkracht op de kist en de verticale component die het gewicht op de vloer vermindert.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma natuurkunde vwo — domein A (vaardigheden) (CvTE / Examenblad)
v,t-diagram: helling is versnelling, oppervlakte is afstand
Helling = versnelling
De richtingscoëfficiënt van de v,t-lijn is de versnelling.
Oppervlakte = verplaatsing
De oppervlakte tussen lijn en tijd-as is de afgelegde afstand.
Een fietser versnelt eenparig: de -lijn loopt recht van (bij ) naar (bij ). Bepaal de versnelling en de afgelegde afstand.
Deel de toename van de snelheid door de tijd.
Het gebied is een trapezium: gemiddelde hoogte maal breedte.
Resultaat: De versnelling is en de fietser legt af.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
In een -diagram neemt de snelheid van een auto rechtlijnig toe van tot in . Bepaal met de grafiek de versnelling (helling) en de afgelegde afstand (oppervlakte).
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma natuurkunde vwo — domein A (vaardigheden) (CvTE / Examenblad)
Valsnelheid met luchtweerstand nadert de grenssnelheid
Differentiemodel (numerieke integratie)
Werk snelheid en plaats stap voor stap bij; de versnelling volgt elke stap uit Newton.
Versnelling per stap
De resulterende kracht (en dus de versnelling) hangt van de actuele toestand af.
Een balletje valt vanuit rust; de versnelling is met . Bereken met de snelheid na de eerste en na de tweede tijdstap.
Bij is de luchtweerstand nog nul.
Gebruik .
Nu remt de luchtweerstand al mee.
Gebruik .
Resultaat: en ; de toename per stap wordt kleiner omdat de luchtweerstand groeit — de snelheid nadert de grenssnelheid .
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Een parachutist valt met beginwaarde . De versnelling is met , . Bereken met de snelheid na twee tijdstappen en leg uit waarom de snelheid naar een grenswaarde toe gaat.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma natuurkunde vwo — domein A (modelleren) (CvTE / Examenblad)
Referenties en bronnen
CvTE / Examenblad