Op het internationale toneel bestaan naast conflict ook uitgebreide samenwerking. Dit onderwerp behandelt de soorten en oorzaken van internationale conflicten (van territorium en grondstoffen tot identiteit en ideologie), de redenen waarom staten ondanks de anarchie tóch samenwerken (interdependentie en gemeenschappelijke belangen), de internationale organisaties waarin die samenwerking vorm krijgt (met het onderscheid tussen intergouvernementeel en supranationaal), en de manier waarop de wetenschappelijke benaderingswijzen conflict en samenwerking verschillend verklaren.
4 Onderdelen~13 min leestijd4 VaardighedenNiveau Standaard 3 · Verdieping 1
basisniveau
Voor iedereen: je moet oorzaken van conflict en redenen voor samenwerking kunnen benoemen en de belangrijkste internationale organisaties kennen.
verhoogd niveau
Verdieping: het onderscheid intergouvernementeel/supranationaal precies toepassen en conflict én samenwerking vanuit meerdere benaderingswijzen vergelijken.
Leesdiepte: Verdieping
Tekstgrootte: Standaard
Oorzaken van een internationaal conflict
In een regio met grote olievoorraden woont een etnische minderheid die zich onderdrukt voelt; een grensincident doet een gewapend conflict uitbreken waarbij ook buurlanden betrokken raken. Analyseer soort en oorzaken van dit conflict.
Het begint intrastatelijk (minderheid tegen staat) maar wordt door de betrokkenheid van buurlanden internationaal; het is gewelddadig.
Materieel: de olievoorraden (grondstoffen). Ideëel: de etnische tegenstelling en het gevoel van onderdrukking (identiteit). Deze werken samen.
Het grensincident is de aanleiding (de vonk); de dieperliggende oorzaken zijn de grondstoffenbelangen en de langlopende etnische spanning.
Resultaat: Een aanvankelijk intrastatelijk, gewelddadig conflict met internationale betrokkenheid; de oorzaken zijn grondstoffen én etnische identiteit, terwijl het grensincident slechts de aanleiding is.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Kies een internationaal conflict uit het nieuws. Benoem het soort (inter-/intrastatelijk), twee dieperliggende oorzaken en de aanleiding, en houd oorzaak en aanleiding uit elkaar.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma maatschappijwetenschappen vwo — internationale conflicten (CvTE / Examenblad)
Waarom staten samenwerken
Landen onderhandelen over een verdrag om de uitstoot van broeikasgassen te verminderen, maar elk land wil liefst dat vooral de anderen maatregelen nemen. Analyseer dit met interdependentie, collectief goed en freeriden.
Een stabiel klimaat is een mondiaal collectief goed: alle landen profiteren ervan, ongeacht wie de kosten draagt.
Voor elk land afzonderlijk is het aantrekkelijk om zelf weinig te doen en mee te liften op de inspanningen van anderen; doen alle landen dat, dan gebeurt er te weinig.
Bindende afspraken maken meeliften moeilijker en verdelen de lasten, zodat samenwerking voor iedereen lonend wordt ondanks de interdependentie.
Resultaat: Het klimaat is een mondiaal collectief goed waarbij freeriden dreigt; alleen bindende afspraken maken samenwerking lonend, omdat interdependentie alle landen bij een oplossing belang geeft.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Noem een mondiaal probleem dat landen alleen samen kunnen oplossen. Leg uit hoe interdependentie tot samenwerking aanzet en waarom het freeriderprobleem die samenwerking bemoeilijkt.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma maatschappijwetenschappen vwo — samenwerking en interdependentie (CvTE / Examenblad)
Enkele internationale organisaties
In organisatie X kan een besluit alleen worden genomen als alle lidstaten instemmen. In organisatie Y kunnen bindende regels worden aangenomen met een meerderheid, ook tegen de wil van een enkel land in. Typeer beide en beoordeel de gevolgen voor soevereiniteit.
Besluiten vereisen unanimiteit; elk land behoudt volledige zeggenschap. Dit is intergouvernementele samenwerking.
Bindende meerderheidsbesluiten binden ook tegenstemmers; landen hebben een deel van hun soevereiniteit overgedragen. Dit is supranationale samenwerking.
Y is slagvaardiger (geen blokkade door één land), maar staten leveren zeggenschap in; X respecteert soevereiniteit volledig maar is kwetsbaar voor blokkades.
Resultaat: X is intergouvernementeel (unanimiteit, volledige soevereiniteit, kwetsbaar voor blokkade); Y is supranationaal (bindende meerderheid, meer slagkracht, minder soevereiniteit).
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Kies een internationale organisatie en beschrijf haar voornaamste doel. Beoordeel of zij overwegend intergouvernementeel of supranationaal is en wat dat betekent voor de soevereiniteit van de leden.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma maatschappijwetenschappen vwo — internationale organisaties (CvTE / Examenblad)
Conflict en samenwerking door drie brillen
Twee landen sluiten na jaren van vijandschap een vredesakkoord en gaan intensief handelen. Analyseer dit vanuit de conflictbenadering én de samenwerkingsbenadering.
Het akkoord is een berekende zet: de machtsverhoudingen maakten voortzetting van het conflict te kostbaar, dus kiezen beide voorlopig voor vrede — die kan omslaan als de machtsbalans verschuift.
Door te gaan handelen worden de landen wederzijds afhankelijk; die interdependentie maakt een nieuw conflict onaantrekkelijk en verankert de vrede.
De conflictbenadering ziet de vrede als broos en machtsafhankelijk; de samenwerkingsbenadering ziet haar als duurzaam door groeiende afhankelijkheid.
Resultaat: Vanuit conflict is de vrede een tijdelijke, machtsgebonden keuze; vanuit samenwerking verankert de groeiende interdependentie haar juist — de brillen leiden tot een andere inschatting van de duurzaamheid.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Kies een actueel voorbeeld van internationale samenwerking. Belicht het vanuit de conflictbenadering en de samenwerkingsbenadering en beredeneer welke bril de situatie het best verklaart.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma maatschappijwetenschappen vwo — benaderingswijzen op conflict en samenwerking (CvTE / Examenblad)
Referenties en bronnen