Schrijfvaardigheid is domein D van het examenprogramma Frans: het vermogen om een gestructureerde, doel- en publiekgerichte Franse tekst te schrijven — de formele en informele brief of e-mail, het verslag (le compte rendu) en de betogende tekst (le texte argumentatif). Belangrijk voor de examenscope: schrijfvaardigheid wordt op het VWO getoetst in het schoolexamen (SE), inclusief het verslag, en maakt géén deel uit van het centraal examen, dat bij Frans uitsluitend leesvaardigheid toetst. Dit onderwerp behandelt het schrijfproces, de tekstsoorten met hun conventies, en het register en de taalverzorging.
4 Onderdelen~20 min leestijd4 VaardighedenNiveau Basis 1 · Standaard 2 · Verdieping 1
basisniveau
Schrijfvaardigheid hoort bij het schoolexamen (domein D): elke VWO-leerling schrijft de gevraagde tekstsoorten met de juiste opbouw, aanhef en slotformule en verzorgt daarbij de taal.
verhoogd niveau
Wie hoger reikt, schrijft niet alleen correct maar ook genuanceerd: gevarieerde mots de liaison, een consequent register en een heldere argumentatieopbouw (thèse, arguments, conclusion) tillen een tekst naar een hoger niveau.
Leesdiepte: Verdieping
Tekstgrootte: Standaard
Afb. 1 — Het schrijfproces als cyclus
Je krijgt de opdracht: „Schrijf een formele brief aan de directeur van een taalschool in Lyon waarin je informeert naar een zomercursus, je niveau toelicht en om een brochure vraagt.” Ontleed de opdracht vóór je begint te schrijven.
Het doel is informeren en verzoeken; de lezer is een directeur die je niet kent — dus formeel Frans met vouvoiement en de aanhef „Madame, Monsieur,”.
Het is een lettre formelle: vaste aanhef, een korte inleiding met de aanleiding, een kern met je verzoeken, en een formele slotformule („Veuillez agréer, Madame, Monsieur, mes salutations distinguées.”).
Drie punten moeten aan bod komen: (1) informeren naar de zomercursus, (2) je taalniveau toelichten, (3) om een brochure vragen. Elk ontbrekend punt kost inhoudspunten.
Resultaat: De brief wordt formeel (vouvoiement, „Madame, Monsieur,” … „Veuillez agréer …”), heeft een informerend-verzoekend doel en behandelt alle drie de verplichte punten. Pas na deze ontleding begin je te plannen en te formuleren.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Neem een zelfbedachte schrijfopdracht (bijvoorbeeld: reageer op een advertentie voor een vakantiebaan in Frankrijk). Doorloop hardop de vier fasen van Afb. 1: ontleed de opdracht (doel, lezer, tekstsoort, verplichte punten), maak een alineaplan, schrijf de tekst, en stel ten slotte je eigen foutenchecklist van vier punten op waarmee je reviseert.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma Frans VWO — domein D Schrijfvaardigheid (schoolexamen) (CvTE / Examenblad)
Afb. 2 — Opbouw van een formele Franse brief
Je schrijft een formele brief aan de personeelsdienst van een bedrijf; de naam van de ontvanger is niet bekend. Welke aanhef en slotformule gebruik je, en waarom?
De naam van de ontvanger is niet gegeven. De neutrale formele aanhef is dan „Madame, Monsieur,” — je dekt daarmee zowel een vrouwelijke als een mannelijke lezer af.
Bij een formele brief hoort een volledige beleefdheidsformule: „Veuillez agréer, Madame, Monsieur, mes salutations distinguées.” — let op dat je de aanhef in de slotformule herhaalt.
Gebruik in de hele brief „vous” en het conditionnel de politesse („Je vous serais reconnaissant(e) de bien vouloir…”); geen tutoiement, geen spreektaal.
Resultaat: Aanhef: „Madame, Monsieur,”. Slotformule: „Veuillez agréer, Madame, Monsieur, mes salutations distinguées.”. Regel: bij een onbekende ontvanger een neutrale formele aanhef en een volledige slotformule waarin je de aanhef herhaalt, met vouvoiement in de hele brief.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Schrijf twee openingsalinea's over hetzelfde onderwerp (je wilt een zomerbaan): één als formele sollicitatiemail aan een bedrijf en één als informele mail aan een vriend die er al werkt. Markeer in beide de aanhef, minstens twee registerkenmerken (vouvoiement/tutoiement, toon, woordkeuze) en de passende afsluiting.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma Frans VWO — domein D Schrijfvaardigheid (schoolexamen) (CvTE / Examenblad)
Je schrijft een compte rendu van een artikel getiteld „Les jeunes et les réseaux sociaux” van Claire Dubois. Formuleer een objectieve openingszin en benoem wat je bewust weglaat.
Begin met het soort tekst, de titel en de auteur: „Dans son article « Les jeunes et les réseaux sociaux », Claire Dubois aborde le rapport des adolescents aux réseaux sociaux.”. Zo weet de lezer meteen waar je verslag over gaat.
Geef weer wat de auteur zegt, niet wat jij vindt: „L'auteure explique que…”, „Selon elle, …” — vermijd „à mon avis” en waardeoordelen als „heureusement”.
Houd alleen de hoofdgedachten over; concrete voorbeelden, cijfers en uitweidingen uit de bron laat je in een compte rendu weg.
Resultaat: Een geschikte openingszin is: „Dans son article « Les jeunes et les réseaux sociaux », Claire Dubois aborde le rapport des adolescents aux réseaux sociaux.”. Je geeft objectief en in eigen woorden de kern weer, in de derde persoon, en laat je eigen mening en de bijzaken bewust achterwege.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Kies een kort Frans artikel. Schrijf er eerst een compte rendu van in vijf tot zes zinnen (objectief, in eigen woorden, met een identificerende openingszin). Formuleer daarna één stelling over hetzelfde onderwerp en schrijf één alinea van een texte argumentatif met een argument, een voorbeeld en een weerlegd tegenargument, verbonden met mots de liaison.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma Frans VWO — domein D Schrijfvaardigheid (schoolexamen) (CvTE / Examenblad)
Verbeter de zin en verklaar de fout: „Hier, je vais au cinéma et le film était vraiment bien.”.
„Hier” (gisteren) is een afgesloten tijdstip en „aller” is hier een afgeronde handeling, dus hoort daar de passé composé: „je suis allé(e) au cinéma”, niet de tegenwoordige tijd „je vais”.
„le film était vraiment bien” beschrijft een toestand of oordeel als achtergrond; daarvoor is de imparfait („était”) juist correct.
Passé composé voor een afgeronde handeling met een bepaald tijdstip (hier); imparfait voor beschrijving, achtergrond of gewoonte in het verleden.
Resultaat: Correct: „Hier, je suis allé(e) au cinéma et le film était vraiment bien.”. De afgeronde handeling („aller”, met „hier”) vraagt de passé composé, terwijl de beschrijving van de film („était”) terecht in de imparfait staat — precies het onderscheid dat de taalverzorging bij Frans toetst.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Neem een eigen (of gegeven) formele Franse brief en herschrijf drie te informele zinnen naar formeel register (vouvoiement, beleefde formuleringen, passende aanhef en slotformule). Controleer de tekst daarna gericht op passé composé versus imparfait en op de accord van bijvoeglijke naamwoorden en voltooide deelwoorden.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma Frans VWO — domein D Schrijfvaardigheid (schoolexamen) (CvTE / Examenblad)
Referenties en bronnen