Loading
Loading
Dit onderwerp behandelt het veilig en zorgvuldig werken in het scheikundelab: de GHS-etikettering en persoonlijke bescherming, meten en rekenen met significante cijfers en meetfouten, de standaard practicumtechnieken (een oplossing maken, verdunnen, titreren, scheiden) en het opzetten en rapporteren van onderzoek. Dit is grotendeels een practicum- en schoolexamenvaardigheid (SE); de reken- en meetvaardigheden (significante cijfers, verbanden uit grafieken) ondersteunen ook het centraal examen.
4Onderdelenca. 22min leestijd4VaardighedenNiveauBasis 1 · Standaard 3
basisniveau
Herken de GHS-pictogrammen, kies het juiste meetinstrument en reken met het juiste aantal significante cijfers.
verhoogd niveau
Onderbouw een titratie- of onderzoeksopzet, beoordeel meetfouten (systematisch vs. toevallig) en de betrouwbaarheid, en verwerk een meetreeks in een grafiek met trendlijn.
Lesetiefe: Verdieping
Schriftgröße: Standard
GHS-gevaarsymbolen
Op de fles geconcentreerd zoutzuur () staan de pictogrammen „bijtend” en „schadelijk”, met H314 en P280. Leg uit wat deze informatie betekent en welke voorzorgen je neemt.
„Bijtend” (corrosief) betekent dat de stof huid, ogen en materiaal aantast; „schadelijk/irriterend” waarschuwt voor irritatie, onder andere door de damp.
H314 betekent: veroorzaakt ernstige brandwonden en oogletsel. Dit bevestigt dat huid- en oogcontact ernstig zijn.
P280 betekent: draag beschermende handschoenen en oog- of gelaatsbescherming.
Draag een veiligheidsbril, handschoenen en een labjas, werk in de zuurkast vanwege de damp, giet zuur bij water (niet andersom) en vang het restant op als chemisch afval.
Resultaat: Het etiket vertelt via het pictogram en de H- en P-zinnen wat het gevaar is en hoe je veilig werkt. Bij bijtend zoutzuur zijn oog- en huidbescherming en de zuurkast essentieel, en het restant gaat gescheiden bij het chemisch afval.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Op een fles staat het pictogram „ontvlambaar” samen met „schadelijk”. (a) Wat betekenen deze twee pictogrammen? (b) Noem twee voorzorgsmaatregelen bij het werken met deze stof. (c) Leg uit hoe je het restant na de proef afvoert.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma scheikunde (HAVO) — veilig werken en practicum (CvTE / Examenblad)
Meetinstrumenten en hun nauwkeurigheid
dichtheid
De dichtheid is de massa gedeeld door het volume; het aantal significante cijfers van het antwoord volgt uit de minst nauwkeurige van m en V.
Je weegt een vloeistof af: massa (3 significante cijfers) in een volume (2 significante cijfers). Bereken de dichtheid met het juiste aantal significante cijfers.
Deel de massa door het volume zonder tussentijds af te ronden.
Bij delen telt de minst nauwkeurige meetwaarde: V heeft 2 significante cijfers, dus het antwoord krijgt er ook 2.
Rond 2,48 af op 2 significante cijfers.
Resultaat: De dichtheid is (2 significante cijfers). Het antwoord kan niet nauwkeuriger zijn dan de minst nauwkeurige meting, hier het volume.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Bij een titratie lees je op de buret af en op de balans weeg je stof. (a) Geef van beide het aantal significante cijfers. (b) Je deelt de massa door het volume; met hoeveel significante cijfers geef je het antwoord? (c) Leg uit of een steeds verkeerd geijkte balans een systematische of een toevallige fout geeft.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma scheikunde (HAVO) — vaardigheden en meten (CvTE / Examenblad)
De stappen van een titratie
concentratie
De concentratie is het aantal mol opgeloste stof per liter oplossing; reken het volume in liter om je mol/L te krijgen.
aantal mol
Het aantal mol volgt uit de massa gedeeld door de molaire massa M (BINAS).
verdunnen
Bij verdunnen blijft het aantal mol gelijk, dus concentratie maal volume is vóór en na het verdunnen even groot.
Je titreert zoutzuur met natronloog van . Bij het omslagpunt is natronloog toegevoegd. De reactie is . Bereken de concentratie van het zoutzuur.
Reken het volume om naar liter (20,0 mL = 20,0·10⁻³ L) en gebruik n = c · V.
Uit de vergelijking reageert HCl met NaOH in de verhouding 1 : 1, dus n(HCl) = n(NaOH).
Deel het aantal mol HCl door het gepipetteerde volume (25,0 mL = 25,0·10⁻³ L).
Resultaat: De concentratie van het zoutzuur is (3 significante cijfers), verkregen via de molverhouding 1 : 1 en het afgelezen buretvolume.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Je maakt 250,0 mL natronloog met concentratie 0,200 mol/L uit vaste (). (a) Bereken de benodigde massa NaOH. (b) Beschrijf in stappen hoe je deze oplossing nauwkeurig maakt en welk glaswerk je gebruikt.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma scheikunde (HAVO) — practicum en chemisch rekenen (CvTE / Examenblad)
IJklijn: absorptie tegen concentratie
recht evenredig verband
Een rechte lijn door de oorsprong: de afhankelijke grootheid y is recht evenredig met de onafhankelijke grootheid x, met a als richtingscoëfficiënt.
richtingscoëfficiënt (helling)
De helling van de trendlijn: de verandering in de verticale grootheid gedeeld door de verandering in de horizontale, afgelezen aan twee punten op de lijn.
Uit de ijklijn (absorptie E tegen concentratie c) lees je twee punten op de trendlijn af: (0,50 mmol/L; 0,10) en (2,50 mmol/L; 0,50). (a) Bereken de richtingscoëfficiënt. (b) Bepaal met de trendlijn de concentratie bij een gemeten absorptie E = 0,30.
Neem het verschil in E gedeeld door het verschil in c van de twee afgelezen punten.
De trendlijn loopt door de oorsprong, dus E = 0,20 · c (recht evenredig).
Los c op uit het verband door E door de richtingscoëfficiënt te delen.
Resultaat: De richtingscoëfficiënt is per mmol/L, en bij een absorptie hoort een concentratie . De trendlijn middelt de toevallige meetfouten uit, wat de bepaling betrouwbaarder maakt dan één los meetpunt.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Je onderzoekt of de absorptie van een oplossing recht evenredig is met de concentratie. (a) Benoem de onafhankelijke en de afhankelijke variabele en één constante variabele. (b) Je meet een reeks en zet die in een grafiek; beschrijf hoe je uit de grafiek concludeert of het verband recht evenredig is. (c) Noem twee manieren om de betrouwbaarheid van je onderzoek te vergroten.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma scheikunde (HAVO) — onderzoek en rapporteren (CvTE / Examenblad)
Referenties en bronnen
CvTE / Examenblad