Loading
Loading
Dit onderwerp bundelt de kernbegrippen rond energie: arbeid als product van kracht en verplaatsing, de energiesoorten (kinetische, zwaarte- en veerenergie), de wet van behoud van energie, vermogen en rendement, en ten slotte warmte met de soortelijke warmte. Je leert de begrippen niet alleen berekenen maar ook redeneren met energieomzettingen. Dit is verplichte centraal-examenstof (CE) natuurkunde HAVO.
4Onderdelenca. 21min leestijd4VaardighedenNiveauBasis 1 · Standaard 3
basisniveau
Beheers de basisformules (, , , , ) en reken er foutloos mee met de juiste eenheden en significante cijfers.
verhoogd niveau
Pas energiebehoud toe in samengestelde situaties (met wrijving en warmte) en beredeneer vermogen, rendement en energieomzettingen in context.
Lesetiefe: Verdieping
Schriftgröße: Standard
Arbeid als oppervlak onder de F,s-grafiek
arbeid
De arbeid is de kracht in de richting van de verplaatsing maal de afgelegde weg; de eenheid is de joule ().
kinetische energie
De bewegingsenergie van een voorwerp met massa en snelheid ; ze groeit met het kwadraat van de snelheid.
zwaarte-energie (hoogte-energie)
De energie door de hoogte boven een nulniveau, met de valversnelling.
veerenergie
De energie opgeslagen in een veer met veerconstante die over is uitgerekt of ingedrukt.
Bereken de kinetische energie van een auto met en , en de zwaarte-energie van een last met op een hoogte .
Bewegingsenergie hoort bij de snelheid, hoogte-energie bij de hoogte.
Vul m = 1000 kg en v = 20 m/s in; kwadrateer eerst de snelheid.
Vul m = 50 kg, g = 9,81 N/kg en h = 3,0 m in; 50 · 9,81 · 3,0 = 1471,5 J, afgerond op twee significante cijfers.
Resultaat: Resultaat: de auto heeft een kinetische energie van en de last een zwaarte-energie van ongeveer .
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Een kracht van trekt een kar over een afstand van in de richting van de kracht. Bereken de verrichte arbeid. Bereken daarna de kinetische energie van een auto met massa en snelheid .
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma natuurkunde (HAVO) (CvTE / Examenblad)
Energieketen van een rollend karretje
behoud van mechanische energie (zonder wrijving)
Zonder wrijving of luchtweerstand is de som van kinetische energie en zwaarte-energie op elk moment gelijk.
eindsnelheid bij afdaling uit stilstand
Alle zwaarte-energie wordt kinetische energie; de massa valt weg, dus de eindsnelheid hangt alleen van en af.
Een karretje start uit stilstand op een hoogte en rolt wrijvingsloos naar beneden. Bereken de snelheid onderaan.
Zonder wrijving wordt alle zwaarte-energie omgezet in kinetische energie.
De massa m staat in beide leden en valt weg; los daarna v op.
Neem g = 9,81 m/s² en h = 1,8 m; 2 · 9,81 · 1,8 = 35,3.
Resultaat: Resultaat: de snelheid onderaan is ongeveer . Met wrijving zou een deel van de zwaarte-energie in warmte worden omgezet, zodat de snelheid onderaan kleiner uitvalt.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Een karretje start uit stilstand boven aan een wrijvingsloze baan op hoogte . Bereken met behoud van energie de snelheid waarmee het onderaan aankomt. Leg vervolgens uit wat er met dat antwoord gebeurt als er wél wrijving is.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma natuurkunde (HAVO) (CvTE / Examenblad)
Energiestroomdiagram (Sankey) met rendement 40 %
vermogen
Vermogen is de energie of arbeid per tijd; de eenheid is de watt ().
elektrisch vermogen
Voor een elektrisch apparaat is het vermogen de spanning (in volt) maal de stroomsterkte (in ampère).
rendement
Het deel van de toegevoerde energie dat nuttig wordt gebruikt; je mag ook met vermogens rekenen. Altijd .
Een lamp neemt op en geeft aan licht. Bereken het rendement en het vermogen dat als warmte verloren gaat.
Het toegevoerde vermogen is wat de lamp opneemt, het nuttige vermogen is het uitgestraalde licht.
Deel het nuttige door het toegevoerde vermogen en maak er procenten van.
Het verlies is het toegevoerde min het nuttige vermogen.
Resultaat: Resultaat: het rendement is en er gaat als warmte verloren. Van elke per seconde wordt maar licht; de rest verwarmt de omgeving.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Een spaarlamp neemt een vermogen van op en geeft daarvan als licht. Bereken het rendement van de lamp en het vermogen dat als warmte verloren gaat.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma natuurkunde (HAVO) (CvTE / Examenblad)
Opwarmkromme: temperatuur tegen tijd
warmte bij opwarmen of afkoelen
De warmte (in joule) om een massa (in kg) met op te warmen; is de soortelijke warmte in , op te zoeken in BINAS.
energiebehoud bij mengen
Zonder warmteverlies naar de omgeving is de warmte die het warme voorwerp afstaat gelijk aan de warmte die het koude voorwerp opneemt.
Bereken de warmte die nodig is om water van naar te verwarmen, met .
Neem het verschil tussen eind- en begintemperatuur; in Celsius en kelvin is dat verschil even groot.
Gebruik Q = c · m · ΔT met c = 4,18·10³ J/(kg·K), m = 2,0 kg en ΔT = 85 K.
4,18·10³ · 2,0 · 85 = 710600 J, afgerond op twee significante cijfers.
Resultaat: Resultaat: er is ongeveer (zo'n ) warmte nodig. Dat water zo veel energie vraagt, komt door zijn grote soortelijke warmte.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Bereken hoeveel warmte nodig is om water van naar te verwarmen. Gebruik .
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma natuurkunde (HAVO) (CvTE / Examenblad)
Referenties en bronnen
CvTE / Examenblad