EuraStudy
Samenvattingen/Engels/Woordenschat en woordbetekenis in context
Samenvattingen · EngelsNL · HAVO

Woordenschat en woordbetekenis in context

Op het centraal examen Engels kom je altijd woorden tegen die je niet kent; de kunst is om hun betekenis af te leiden uit de context en uit de bouw van het woord, in plaats van alles op te zoeken. In dit onderwerp leer je contextaanwijzingen gebruiken, woorden ontleden in voor- en achtervoegsels, vaste woordcombinaties en phrasal verbs als geheel herkennen, en je wapenen tegen false friends. Zo lees je sneller en nauwkeuriger en verlies je minder punten aan misverstane woorden.

4 Onderdelen·~21 min leestijd·4 Vaardigheden·Niveau Basis 1 · Standaard 2 · Verdieping 1

T·0444 / 14
Examenprofiel
De betekenis, lading en functie van een onbekend woord uit de context kunnen afleiden zonder woordenboek.Een afgeleid woord kunnen ontleden in stam, voor- en achtervoegsels om de betekenis en de woordsoort te bepalen.Vaste woordcombinaties (collocaties) en phrasal verbs als geheel herkennen en niet letterlijk vertalen.Veelvoorkomende false friends herkennen en de juiste betekenis kiezen in plaats van de gelijkende Nederlandse.
Operatoren:leid afleg uitbepaalverklaarnoem

basisniveau

Voor het centraal examen: oefen met het afleiden van onbekende woorden uit de context en uit hun woordbouw, zodat je het woordenboek alleen nog voor echt cruciale woorden nodig hebt.

verhoogd niveau

Wie naar het hoger onderwijs gaat, leest veel Engelstalige studieteksten; contextlezen, woordontleding en het herkennen van vaste combinaties en false friends blijven dan dagelijks van pas komen.

Diepte

Leesdiepte: Verdieping

Tekst

Tekstgrootte: Standaard

Inhoud · 4 onderdelen▾
  1. Woordenschat en woordbetekenis in context
    • 01Woordbetekenis afleiden uit context○
    • 02Woordvorming: voor- en achtervoegsels◐
    • 03Collocaties en phrasal verbs◐
    • 04False friends●
§ 01

Woordbetekenis afleiden uit context#

●○○BasisLPexamenblad-nl

Soorten contextaanwijzingen

ContextaanwijzingenTabel met 3 kolommen en 5 rijen, Gegevens: Aanwijzing · Signaalwoord · Verraadt; Definitie · is, means · de betekenis; Synoniem · and, like · gelijk woord; Tegenstelling · but, despite · het tegendeel; Voorbeeld · such as · de categorie; Oorzaak-gevolg · because, so · reden / gevolgAANWIJZINGSIGNAALWOORDVERRAADTDefinitieis, meansde betekenisSynoniemand, likegelijk woordTegenstellingbut, despitehet tegendeelVoorbeeldsuch asde categorieOorzaak-gevolgbecause, soreden / gevolg
Afb. 1Elke aanwijzing heeft eigen signaalwoorden; zoek die eerst, dan volgt de betekenis vaak vanzelf.

Kernpunten

Op het centraal examen kom je altijd woorden tegen die je niet kent — dat is geen ramp, maar de normale toestand. De examenteksten zijn voor volwassen moedertaalsprekers geschreven, dus een onbekend woord betekent niet dat je de vraag niet kunt maken. De sleutelvaardigheid heet contextlezen: je leidt de betekenis van een onbekend woord af uit de woorden eromheen. De context — de rest van de zin, de zin ervóór en de zin erná — bevat bijna altijd aanwijzingen die je naar de betekenis leiden. Wie die aanwijzingen leert herkennen, hoeft veel minder vaak naar het woordenboek te grijpen en wint zo kostbare tijd. In dit onderwerp leer je de vaste soorten contextaanwijzingen kennen en gebruiken.
De duidelijkste aanwijzing is een uitleg of definitie die pal naast het woord staat. Een schrijver die een moeilijk of vakkundig woord gebruikt, legt het vaak meteen uit — tussen komma's, na een gedachtestreepje, of met een woordje als ‘is’, ‘means’ of ‘or’. Neem de zin ‘A philatelist, someone who collects stamps, often spends years completing one album.’ Het deel tussen komma's, ‘someone who collects stamps’, is de kant-en-klare definitie van ‘philatelist’. Hetzelfde gebeurt bij ‘or’: in ‘the bird’s plumage, or feathers, was bright red’ vertelt ‘or feathers’ je wat ‘plumage’ betekent. Let dus altijd op zo'n inschuif: de schrijver heeft het werk al voor je gedaan.
Vaak staat de betekenis er niet letterlijk, maar wijst een signaalwoord je de richting. Twee richtingen zijn er. Bij een synoniem-aanwijzing staat in de buurt een woord dat ongeveer hetzelfde betekent, vaak ingeleid door ‘and’, ‘like’, ‘similarly’ of ‘as well as’. Bij een tegenstelling-aanwijzing staat juist het tegendeel, ingeleid door ‘but’, ‘however’, ‘although’, ‘despite’, ‘whereas’, ‘unlike’ of ‘on the other hand’. Die tweede is goud waard: als je het bekende woord kent, ken je via de tegenstelling ook het onbekende. In ‘Tom was usually punctual, but today he was tardy’ vertelt ‘but’ je dat ‘tardy’ het tegenovergestelde is van ‘punctual’ (op tijd) — dus ‘te laat’. Zoek dus eerst het signaalwoord; het verraadt of het onbekende woord gelijk is aan, of juist tegengesteld aan iets wat je wél kent.
Twee andere aanwijzingen zijn het voorbeeld en het oorzaak-gevolgverband. Een voorbeeld-aanwijzing somt na ‘such as’, ‘for instance’, ‘for example’, ‘including’ of ‘like’ concrete gevallen op die de soort of categorie van het onbekende woord verraden. In ‘Root vegetables such as carrots, beets and turnips store well in winter’ maken de voorbeelden duidelijk dat ‘root vegetables’ wortelgroenten zijn. Een oorzaak-gevolg-aanwijzing werkt met ‘because’, ‘since’ of ‘due to’ (oorzaak) en ‘so’, ‘therefore’ of ‘as a result’ (gevolg): uit de oorzaak of het gevolg leid je de betekenis af. In ‘Because the path was so slippery, she trod gingerly’ vertelt het gladde pad je dat ‘gingerly’ iets als ‘voorzichtig’ betekent. Het verband levert de betekenis.
Soms lukt het niet om de precíeze betekenis te vinden, en dan nog hoef je niet te blokkeren: bepaal in dat geval de lading en de functie van het woord. De lading is of een woord positief of negatief gekleurd is; de functie is of het een oorzaak, een gevolg, een tegenstelling of een voorbeeld aanduidt. Voor veel examenvragen is dat al genoeg. Neem ‘Despite the gloomy forecast, sales soared.’ Ook zonder ‘soared’ te kennen, dwingt ‘despite’ een tegenstelling af met het negatieve ‘gloomy’, dus moet ‘soared’ positief zijn: de verkoop steeg. Je hebt het woord niet opgezocht en toch de vraag beantwoord. Let bij de lading vooral op waardewoorden in de buurt — woorden die duidelijk goed- of afkeuren — want die kleuren de hele zin.
Tot slot: combineer de aanwijzingen en laat je niet door één woord ophouden. Lees altijd de hele zin uit, en als die niet genoeg houvast geeft, ook de zin ervóór en erná — een aanwijzing staat lang niet altijd in dezelfde zin. Vorm op grond van de aanwijzingen een hypothese over de betekenis en controleer of die in de hele zin past; klopt het niet, dan heb je een aanwijzing verkeerd gelezen. Pas als de context én de woordbouw je in de steek laten, is het woordenboek aan de beurt — en alleen als het woord echt nodig is voor de vraag. De volgende stap, het ontleden van het woord zelf in voor- en achtervoegsels, geeft je daarbovenop een tweede manier om een onbekend woord te kraken. De tabel hieronder zet de soorten contextaanwijzingen op een rij.
Uitgewerkt voorbeeld

Een onbekend woord afleiden uit een tegenstelling

In een tekst staat: ‘Although the hotel looked drab from the street, inside it was bright, modern and full of colour.’ Je kent het woord ‘drab’ niet. Wat betekent het, en hoe weet je dat?

  1. 01Stap 1 — Zoek het signaalwoord

    De zin begint met ‘although’ (hoewel). Dat is een tegenstellingssignaal: wat vóór de komma staat, gaat in tegen wat erná komt.

  2. 02Stap 2 — Bepaal het bekende deel

    Na de komma staat ‘bright, modern and full of colour’ — duidelijk positief en kleurrijk. Door ‘although’ moet ‘drab’ daar het tegendeel van zijn.

  3. 03Stap 3 — Leid de betekenis en de lading af

    Het tegendeel van helder en kleurrijk is saai, kleurloos, grauw. ‘Drab’ is dus negatief geladen en betekent zoiets als ‘saai/grauw’ — precies genoeg om de vraag te beantwoorden.

Resultaat: ‘Drab’ betekent ‘saai, kleurloos, grauw’. Het tegenstellingssignaal ‘although’ zet het woord tegenover het positieve ‘bright … full of colour’, zodat je de betekenis én de negatieve lading afleidt zonder woordenboek.

Eindexamen-focus

  • Het examen verwacht dat je de betekenis — of op zijn minst de lading en functie — van een onbekend woord uit de context afleidt; je hoeft niet elk woord te kennen.
  • Veel open- en meerkeuzevragen draaien om een signaalwoord (‘despite’, ‘however’, ‘such as’, ‘because’) dat het verband en daarmee de betekenis verraadt.

Veelgemaakte fouten

  • Bij elk onbekend woord meteen het woordenboek pakken; dat kost zoveel tijd dat je het examen niet afkrijgt, terwijl de context het woord vaak gratis verklaart.
  • Het signaalwoord negeren en de verkeerde lading kiezen — bijvoorbeeld een tegenstelling met ‘but’ of ‘despite’ lezen als een bevestiging, waardoor je het woord precies omgekeerd opvat.

Actieve herhaling

Lees een Engelse examentekst en onderstreep vijf woorden die je niet kent. Schrijf bij elk welke contextaanwijzing (definitie, synoniem, tegenstelling, voorbeeld of oorzaak-gevolg) je gebruikt en wat je daaruit afleidt over de betekenis of de lading. Controleer pas daarna een paar met het woordenboek.

Actief ophalen

Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.

Bronnen: Examenprogramma Engels (HAVO) (CvTE / Examenblad)

§ 02

Woordvorming: voor- en achtervoegsels#

●●○StandaardLPexamenblad-nl

Veelvoorkomende voor- en achtervoegsels

Voor- en achtervoegselsTabel met 3 kolommen en 7 rijen, Gegevens: Affix · Betekenis · Voorbeeld; un- · niet / on- · unhappy; dis- · ont- / niet · disagree; re- · opnieuw · rebuild; -less · zonder · careless; -ful · vol van · helpful; -tion · -tie (zn.) · education; -able · kunnen ... · readableAFFIXBETEKENISVOORBEELDun-niet / on-unhappydis-ont- / nietdisagreere-opnieuwrebuild-lesszondercareless-fulvol vanhelpful-tion-tie (zn.)education-ablekunnen ...readable
Afb. 2Voorvoegsels veranderen vooral de betekenis, achtervoegsels vooral de woordsoort.

Kernpunten

Veel Engelse woorden zijn niet ondeelbaar, maar opgebouwd uit kleinere delen: een woordstam plus voor- en achtervoegsels. Het woord ‘unhelpful’ bestaat bijvoorbeeld uit drie delen: ‘un-’ (voorvoegsel) + ‘help’ (stam) + ‘-ful’ (achtervoegsel). Wie die delen herkent, kan een woord ontcijferen dat hij nog nooit gezien heeft. Dat maakt woordvorming tot een tweede sleutel naast het contextlezen uit de vorige sectie: ook als de context weinig houvast biedt, kan de bouw van het woord zelf je de betekenis verraden. Een voorvoegsel (prefix) plak je vóór de stam, een achtervoegsel (suffix) erachter — en allebei doen ze iets voorspelbaars met het woord.
Voorvoegsels veranderen vooral de betekenis van een woord, niet de woordsoort. De belangrijkste groep maakt een woord ontkennend of geeft het tegenovergestelde: ‘un-’ (‘unhappy’ = ongelukkig), ‘dis-’ (‘disagree’ = het oneens zijn), en ‘in-’, dat voor sommige letters verandert in ‘im-’, ‘il-’ of ‘ir-’ (‘incorrect’, ‘impossible’, ‘illegal’, ‘irregular’). Andere voorvoegsels geven een richting of een mate aan: ‘re-’ betekent ‘opnieuw’ (‘rebuild’ = herbouwen), ‘over-’ betekent ‘te veel’ (‘overcook’ = te gaar koken), ‘mis-’ betekent ‘verkeerd’ (‘misunderstand’ = verkeerd begrijpen) en ‘pre-’ betekent ‘vooraf’. Ken je de stam, dan draait of kleurt het voorvoegsel de betekenis: wie ‘avoidable’ (vermijdbaar) kent, leidt ‘unavoidable’ (onvermijdelijk) er moeiteloos uit af.
Achtervoegsels doen iets anders: ze veranderen vooral de woordsoort. Ze maken van een woord een zelfstandig naamwoord, een bijvoeglijk naamwoord, een bijwoord of een werkwoord. De achtervoegsels ‘-tion’, ‘-ment’ en ‘-ness’ maken zelfstandige naamwoorden (‘education’, ‘movement’, ‘happiness’); ‘-ful’, ‘-less’, ‘-able’ en ‘-ous’ maken bijvoeglijke naamwoorden (‘helpful’, ‘careless’, ‘readable’, ‘dangerous’); ‘-ly’ maakt meestal een bijwoord (‘quickly’ = snel); en ‘-ise’ of ‘-ify’ maken werkwoorden (‘modernise’, ‘simplify’). Door het achtervoegsel te herkennen weet je welke rol het woord in de zin speelt, ook als je de precieze betekenis nog niet kent — en juist die rol is vaak wat de vraag van je wil weten.
Een handig paar om de lading van een woord te bepalen zijn ‘-less’ (zonder) en ‘-ful’ (vol van): uit hetzelfde zelfstandig naamwoord maken ze tegengestelde bijvoeglijke naamwoorden. Zo staan ‘hopeful’ en ‘hopeless’, ‘careful’ en ‘careless’, en ‘harmful’ en ‘harmless’ lijnrecht tegenover elkaar. Op dezelfde manier draait een ontkennend voorvoegsel een bijvoeglijk naamwoord om: ‘happy’ wordt ‘unhappy’, ‘kind’ wordt ‘unkind’. Affixen zijn daarmee een snelle manier om te zien of een woord positief of negatief is — handig wanneer een examenvraag alleen naar de lading of de strekking vraagt en je het exacte woord niet hoeft te vertalen.
De werkwijze is steeds dezelfde: kom je een onbekend afgeleid woord tegen, pel dan de voor- en achtervoegsels eraf tot je de stam overhoudt, herken die stam en zet daarna de betekenissen van de affixen er weer omheen. Zo is ‘misinformation’ = ‘mis-’ (verkeerd) + ‘inform’ + ‘-ation’ (zelfstandig naamwoord) = verkeerde informatie. Wees wel voorzichtig met twee dingen. Ten eerste lijkt niet elk woord dat met ‘un-’ of ‘in-’ begint ook echt zo opgebouwd: ‘uncle’ (oom) en ‘income’ (inkomen) bevatten geen voorvoegsel. Ten tweede verandert de spelling soms aan de naad tussen de delen: ‘happy’ wordt ‘happiness’ en ‘able’ wordt ‘ability’. Gebruik je ontleding daarom als hypothese en toets die altijd aan de context. De tabel hieronder vat de belangrijkste voor- en achtervoegsels samen.
Uitgewerkt voorbeeld

Een onbekend woord ontleden in zijn delen

In een tekst staat het woord ‘unmistakable’ in de zin ‘Her accent was unmistakable.’ Je twijfelt over de betekenis. Hoe ontleed je het woord?

  1. 01Stap 1 — Pel het voorvoegsel af

    ‘un-’ aan het begin betekent ‘niet’: het woord is ontkennend. Wat overblijft, draait om ‘mistakable’.

  2. 02Stap 2 — Pel het achtervoegsel af en vind de stam

    ‘-able’ betekent ‘te … / kunnen worden …’ en maakt een bijvoeglijk naamwoord. De stam die overblijft is ‘mistake’ (vergissing, zich vergissen).

  3. 03Stap 3 — Zet de delen weer in elkaar

    ‘mistake’ + ‘-able’ = ‘waarin je je kunt vergissen’; ‘un-’ + ‘mistakable’ = ‘waarin je je NIET kunt vergissen’, oftewel onmiskenbaar, overduidelijk. Dat past bij een accent dat meteen herkenbaar is.

Resultaat: ‘Unmistakable’ betekent ‘onmiskenbaar, overduidelijk’. Door ‘un-’ (niet) en ‘-able’ (kunnen) van de stam ‘mistake’ af te pellen en weer samen te voegen, kraak je de betekenis zonder woordenboek.

Eindexamen-focus

  • Het examen verwacht dat je een onbekend afgeleid woord kunt ontleden in stam plus voor-/achtervoegsel en daaruit de betekenis of de woordsoort afleidt.
  • Voorvoegsels veranderen vooral de betekenis (vaak ontkennend: ‘un-’, ‘dis-’, ‘in-/im-’); achtervoegsels veranderen vooral de woordsoort (‘-tion’ zelfstandig naamwoord, ‘-ful’/‘-less’ bijvoeglijk, ‘-ly’ bijwoord).

Veelgemaakte fouten

  • Denken dat elk woord met ‘un-’ of ‘in-’ ontkennend is; ‘uncle’, ‘income’ en ‘invite’ bevatten helemaal geen voorvoegsel — toets je ontleding altijd aan de context.
  • De spellingverandering aan de naad over het hoofd zien, zoals ‘happy’ → ‘happiness’ of ‘able’ → ‘ability’, en daardoor de stam niet herkennen.

Actieve herhaling

Neem tien afgeleide woorden uit een examentekst (woorden met een voor- of achtervoegsel). Streep per woord het voor- en achtervoegsel weg, noteer de stam, en bepaal welke woordsoort het achtervoegsel maakt en wat het voorvoegsel met de betekenis doet. Gebruik de tabel hieronder als geheugensteun.

Actief ophalen

Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.

Bronnen: Examenprogramma Engels (HAVO) (CvTE / Examenblad)

§ 03

Collocaties en phrasal verbs#

●●○StandaardLPexamenblad-nl

Collocaties en phrasal verbs

Vaste combinatiesTabel met 3 kolommen en 6 rijen, Gegevens: Type · Voorbeeld · Betekenis; Collocatie · make a decision · een besluit nemen; Collocatie · do homework · huiswerk maken; Collocatie · heavy rain · hevige regen; Phrasal verb · give up · opgeven; Phrasal verb · look after · zorgen voor; Phrasal verb · put off · uitstellenTYPEVOORBEELDBETEKENISCollocatiemake a decisioneen besluit nemenCollocatiedo homeworkhuiswerk makenCollocatieheavy rainhevige regenPhrasal verbgive upopgevenPhrasal verblook afterzorgen voorPhrasal verbput offuitstellen
Afb. 3De betekenis volgt vaak niet uit de losse delen; leer de combinatie als geheel.

Kernpunten

Engelse woorden staan zelden op zichzelf; ze reizen in vaste combinaties. Een moedertaalspreker zegt ‘make a decision’ en niet ‘do a decision’, en ‘heavy rain’ en niet ‘strong rain’ — terwijl die laatste logisch gezien prima zou kunnen. Zulke gewoonte-combinaties heten collocaties: woorden die nu eenmaal bij elkaar horen. Voor het examen zijn ze belangrijk omdat de natuurlijke combinatie vaak de sleutel is tot de betekenis en tot het juiste antwoord, zeker bij gat- en invulvragen. Wie aanvoelt welke woorden samen horen, leest vloeiender en kiest trefzekerder.
De klassieke valstrik is het verschil tussen ‘make’ en ‘do’. ‘make’ gebruik je voor iets dat je maakt of voortbrengt — een resultaat: ‘make a decision’ (een besluit nemen), ‘make a mistake’, ‘make progress’, ‘make an effort’. ‘do’ gebruik je voor een activiteit of taak die je verricht: ‘do homework’ (huiswerk maken), ‘do the dishes’, ‘do business’, ‘do research’. Ook bijvoeglijke naamwoorden hebben vaste partners: het is ‘heavy rain’, ‘heavy traffic’ en ‘heavy smoker’, maar ‘strong coffee’, ‘strong wind’ en ‘strong argument’. Je kunt ze niet zomaar verwisselen; ‘strong rain’ is gewoon fout. Je leert collocaties daarom als één geheel, niet als losse woorden.
Een bijzondere en heel veel voorkomende combinatie is het phrasal verb: een werkwoord plus een klein woordje, het partikel (‘up’, ‘off’, ‘after’, ‘on’, ‘out’, ‘down’). De kern is dat de betekenis van het geheel vaak NIET de som van de delen is. ‘give up’ is niet ‘geven’ + ‘omhoog’, maar ‘opgeven’ of ‘stoppen’; ‘look after’ is niet ‘kijken’ + ‘achter’, maar ‘zorgen voor’; en ‘put off’ betekent ‘uitstellen’. Je kunt ze dus niet woord voor woord vertalen — je moet de combinatie als geheel herkennen. Juist hier loopt letterlijk lezen vast: wie ‘look after’ als ‘erachter kijken’ leest, krijgt een zin die nergens op slaat.
Hetzelfde werkwoord kan bovendien een totaal andere betekenis krijgen door het partikel dat erachter staat. Kijk naar ‘take’: ‘take off’ (opstijgen, of uittrekken), ‘take after’ (lijken op), ‘take up’ (beginnen met een hobby), ‘take in’ (begrijpen, of bedotten). Het partikel is dus beslissend — lees het als onderdeel van het werkwoord, niet als een los richtingwoord. Welke betekenis je nodig hebt, vertelt de context: ‘The plane took off’ gaat over opstijgen, ‘He took off his coat’ over uittrekken. Zo werken deze sectie en de vorige samen: je herkent het phrasal verb, en de context eromheen kiest de juiste betekenis.
De werkwijze is daarmee duidelijk. Wordt een kort, alledaags werkwoord (‘get’, ‘take’, ‘put’, ‘make’, ‘look’, ‘give’, ‘come’, ‘go’) gevolgd door een partikel, en levert een letterlijke lezing onzin op, vermoed dan een phrasal verb: lees het paar als één woord en laat de context de betekenis bepalen. Leg een eigen lijstje aan van de collocaties en phrasal verbs die je tegenkomt, want ze keren steeds terug. Pas op voor twee dingen: vertaal niet deel voor deel, en plak er niet klakkeloos een Nederlands-ogende vertaling op — ‘heavy rain’ is niet ‘zware regen’ maar ‘hevige, harde regen’. De tabel hieronder geeft een paar veelvoorkomende voorbeelden van beide soorten.
Uitgewerkt voorbeeld

Een phrasal verb uit de context begrijpen

In een tekst staat: ‘The meeting was put off until next week because the manager was ill.’ Een letterlijke vertaling van ‘put off’ levert niets op. Wat betekent het hier?

  1. 01Stap 1 — Herken het phrasal verb

    ‘put’ (zetten, leggen) wordt gevolgd door het partikel ‘off’. Samen vormen ze een phrasal verb; ‘off zetten’ is geen Nederlands, dus lees je ‘put off’ als één geheel.

  2. 02Stap 2 — Laat de context de betekenis kiezen

    De vergadering wordt ‘put off’ tot ‘next week’ (volgende week) omdat de manager ziek is. Iets om een reden naar later verschuiven, betekent uitstellen.

  3. 03Stap 3 — Controleer of het past

    „De vergadering werd uitgesteld tot volgende week omdat de manager ziek was” loopt logisch. De betekenis ‘uitstellen’ klopt; een letterlijke vertaling zou onzin zijn geweest.

Resultaat: ‘Put off’ betekent hier ‘uitstellen’. Je herkent het werkwoord plus partikel als één geheel en laat de context (tot volgende week, wegens ziekte) de juiste betekenis bepalen — woord voor woord vertalen werkt niet.

Eindexamen-focus

  • Het examen verwacht dat je vaste woordcombinaties (collocaties als ‘make a decision’, ‘heavy rain’) en phrasal verbs (‘give up’, ‘look after’, ‘put off’) als geheel herkent en niet woord voor woord vertaalt.
  • Bij gat- en meerkeuzevragen is vaak juist de natuurlijke collocatie of de juiste betekenis van een phrasal verb het goede antwoord.

Veelgemaakte fouten

  • Een phrasal verb letterlijk per woord vertalen — ‘look after’ als ‘achter iets kijken’ in plaats van ‘zorgen voor’ — waardoor de zin nergens op slaat.
  • Collocaties verwarren, vooral ‘make’ en ‘do’ (‘do a decision’ in plaats van ‘make a decision’), of een Nederlandse combinatie klakkeloos vertalen (‘strong rain’ voor ‘hevige regen’).

Actieve herhaling

Zoek in een examentekst vijf phrasal verbs en drie collocaties. Schrijf bij elk phrasal verb of een letterlijke vertaling werkt of niet, en geef de echte betekenis die in de context past; noteer bij elke collocatie het vaste partnerwoord (welk zelfstandig naamwoord hoort bij dat werkwoord of bijvoeglijk naamwoord?).

Actief ophalen

Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.

Bronnen: Examenprogramma Engels (HAVO) (CvTE / Examenblad)

§ 04

False friends#

●●●VerdiepingLPexamenblad-nl

Veelvoorkomende false friends

Veelvoorkomende false friendsTabel met 3 kolommen en 7 rijen, Gegevens: Engels · Lijkt op (NL) · Betekent echt; eventually · eventueel · uiteindelijk; actually · actueel · eigenlijk; brave · braaf · dapper; sympathetic · sympathiek · meelevend; control · controleren · beheersen; fabric · fabriek · stof / weefsel; sensible · sensibel · verstandigENGELSLIJKT OP (NL)BETEKENT ECHTeventuallyeventueeluiteindelijkactuallyactueeleigenlijkbravebraafdappersympatheticsympathiekmeelevendcontrolcontrolerenbeheersenfabricfabriekstof / weefselsensiblesensibelverstandig
Afb. 4Deze woorden lijken op een Nederlands woord maar betekenen iets anders — let op de context.

Kernpunten

Sommige Engelse woorden lijken sprekend op een Nederlands woord en verleiden je om dezelfde betekenis aan te nemen — terwijl ze iets anders betekenen. Zulke woorden heten false friends, valse vrienden. Ze zijn juist gevaarlijk omdat ze vertrouwd voelen: je grijpt niet naar het woordenboek, je ‘herkent’ het woord en vertaalt het verkeerd. Waar een onbekend woord je waarschuwt dat je moet opletten, doet een valse vriend dat niet — hij glipt ongemerkt in je vertaling en kan de betekenis van een hele zin laten kantelen. Daarom verdienen ze op het examen extra waakzaamheid.
Een handvol false friends keert telkens terug en is het waard om uit je hoofd te kennen. ‘eventually’ lijkt op ‘eventueel’, maar betekent ‘uiteindelijk’. ‘actually’ lijkt op ‘actueel’, maar betekent ‘eigenlijk’ of ‘in werkelijkheid’. ‘brave’ lijkt op ‘braaf’, maar betekent ‘dapper’. En ‘sympathetic’ lijkt op ‘sympathiek’, maar betekent ‘meelevend’ of ‘begripvol’. Stuk voor stuk draaien ze, als je ze op het oog vertaalt, de strekking van de zin om: ‘She was very brave’ gaat over moed, niet over braaf gedrag.
Er zijn er meer die je punten kunnen kosten. ‘control’ betekent niet (alleen) ‘controleren’, maar vooral ‘beheersen’ of ‘macht hebben over’; ‘fabric’ is geen ‘fabriek’ (dat is ‘factory’) maar ‘stof’ of ‘weefsel’; en ‘sensible’ is niet ‘sensibel’ (gevoelig — dat is ‘sensitive’) maar ‘verstandig’. Op het examen bijten deze woorden hard, omdat één valse vriend in een sleutelzin je het verkeerde meerkeuze-antwoord kan laten kiezen of een open antwoord kan laten ontsporen. Sterker nog: de afleiders bij een meerkeuzevraag zijn soms juist op de valse, gelijkende betekenis gebouwd — wie de valstrik niet ziet, loopt er recht in.
Je verdedigt je ertegen door wantrouwig te worden bij een woord dat ‘te Nederlands’ oogt, en de context te laten beslissen. Past de vertrouwd ogende betekenis vreemd of tegenstrijdig in de zin, dan is dat hét signaal dat je met een valse vriend te maken hebt. Neem ‘I was actually quite tired.’ ‘Actueel’ slaat nergens op, maar „eigenlijk was ik behoorlijk moe” loopt prima. Gebruik dus dezelfde contexttoets als in de eerste sectie: de betekenis die in de zin past, wint het van de betekenis die alleen maar vertrouwd lijkt. Door de bekendste valse vrienden te leren, gaat er bovendien vanzelf een alarmbelletje rinkelen zodra je er een tegenkomt.
De werkwijze is daarmee tweeledig. Houd, net als bij phrasal verbs en collocaties, een eigen lijstje bij van de false friends die je tegenkomt, want het is een beperkte, terugkerende groep. En zie je in een zin die voor een vraag belangrijk is een woord dat verdacht veel op een Nederlands woord lijkt, pauzeer dan even en vraag je af: is dit een valse vriend? Controleer je vermoeden aan de context en, als het echt moet, aan het woordenboek. Zo zijn false friends de keerzijde van het contextlezen: het gevaar zit hier niet in een onbekend woord, maar in een woord dat je ten onrechte denkt te kennen. De tabel hieronder zet de bekendste valse vrienden op een rij.
Uitgewerkt voorbeeld

Een false friend ontmaskeren met de context

In een tekst staat: ‘The plan looked risky, but eventually it worked out well.’ Een leerling vertaalt ‘eventually’ met ‘eventueel’. Waarom is dat fout, en wat staat er echt?

  1. 01Stap 1 — Herken de gelijkenis

    ‘eventually’ lijkt sprekend op het Nederlandse ‘eventueel’ (misschien, zo nodig). Juist die gelijkenis maakt het een false friend en lokt de verkeerde vertaling uit.

  2. 02Stap 2 — Toets aan de context

    De zin zegt: het plan leek riskant, ‘but eventually it worked out well’. „Maar eventueel werkte het goed uit” loopt niet; er is een tegenstelling (‘but’) tussen ‘riskant’ en een goede afloop. Dat vraagt om ‘maar uiteindelijk’.

  3. 03Stap 3 — Kies de échte betekenis

    ‘eventually’ betekent ‘uiteindelijk, ten slotte’. Met die betekenis loopt de zin logisch: het leek riskant, maar uiteindelijk pakte het goed uit. De context overrulet de gelijkenis.

Resultaat: ‘Eventually’ betekent ‘uiteindelijk’, niet ‘eventueel’. De gelijkenis met het Nederlands is de val; de context (de tegenstelling met ‘risky’) ontmaskert de false friend en geeft de juiste betekenis.

Eindexamen-focus

  • Het examen verwacht dat je veelvoorkomende false friends herkent en niet vertaalt naar het Nederlandse woord waar ze op lijken (‘eventually’ = ‘uiteindelijk’, niet ‘eventueel’).
  • Afleiders bij meerkeuzevragen zijn soms juist op de valse, gelijkende betekenis gebouwd; wie de false friend niet herkent, trapt erin.

Veelgemaakte fouten

  • Een false friend vertalen naar het gelijkende Nederlandse woord — ‘actually’ als ‘actueel’, ‘brave’ als ‘braaf’, ‘sensible’ als ‘sensibel’ — waardoor de zin een verkeerde betekenis krijgt.
  • De gelijkende betekenis vasthouden ook als die niet in de zin past; juist die wrijving met de context is het teken dat je met een valse vriend te maken hebt.

Actieve herhaling

Maak van de tabel hieronder een eigen overhoring: dek de derde kolom af en geef bij elk Engels woord de échte betekenis (niet het Nederlandse woord waar het op lijkt). Zoek daarna in een examentekst twee woorden op die op een Nederlands woord lijken en controleer met de context of het false friends zijn.

Actief ophalen

Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.

Bronnen: Examenprogramma Engels (HAVO) (CvTE / Examenblad)

Inhoud

Sectie -- / 04

    • 01Woordbetekenis afleiden uit context○
    • 02Woordvorming: voor- en achtervoegsels◐
    • 03Collocaties en phrasal verbs◐
    • 04False friends●

0/4 Gelezen

Van samenvatting naar oefening

Woordenschat en woordbetekenis in context

Verstevig dit onderwerp met vragen uit de vragenbank.

~21
min
4
Vaardigheden
Oefenen

Referenties en bronnen

Bronnen

CvTE / Examenblad

  • Examenprogramma Engels (HAVO)

Vorig onderwerp

Examenvraagvormen (open, meerkeuze, citeer, gat)

Volgend onderwerp

Tekststructuur, alinea's en signaalwoorden

EuraStudy·Samenvattingen T·04·MMXXVI

Ga verder met het volgende onderwerp — je leerpad blijft bewaard.