Rond 1900 brak de vanzelfsprekendheid van de tonaliteit af en versplinterde de kunstmuziek in vele stromingen. Dit onderwerp behandelt het impressionisme (klankkleur, heletoonsladder, zwevende harmonie), het loslaten van de tonaliteit in het expressionisme en de twaalftoonstechniek, het neoclassicisme en de volksmuziek, en de naoorlogse ontwikkelingen (serialisme, elektronische muziek, aleatoriek en minimal music). Met representatieve componisten (Debussy, Schonberg, Stravinsky, Bartok, Cage, Reich) en het herkennen van twintigste-eeuwse kenmerken — CE-muziekgeschiedenis.
3 Onderdelen~10 min leestijd3 VaardighedenNiveau Basis 1 · Standaard 2
basisniveau
Voor iedereen: leer tonaal van atonaal onderscheiden en de minimal music (herhaling, vaste puls) herkennen; dat dekt veel twintigste-eeuwse vragen.
verhoogd niveau
Verdieping: de twaalftoonstechniek en nieuwe toonsystemen (heletoonsladder) uitleggen en stromingen aan hun klankkenmerken herkennen.
Leesdiepte: Verdieping
Tekstgrootte: Standaard
De heletoonsladder
In een fragment keert de muziek telkens terug naar een duidelijk rustpunt met een herkenbare V-I-cadens. In een tweede fragment ontbreekt elk centrum en klinkt alles gespannen zonder oplossing. Beoordeel beide.
Een duidelijk rustpunt en een V-I-cadens betekenen dat er een toonsoort en grondtoon zijn.
Terugkeer naar een grondtoon met cadens is tonaal.
Geen centrum, geen rustpunt, voortdurende spanning zonder oplossing.
Het ontbreken van elk toonaal centrum is atonaal, kenmerkend voor de twintigste eeuw.
Resultaat: Fragment 1 is tonaal (grondtoon, cadens), fragment 2 atonaal (geen centrum, geen oplossing). Het onderscheid tonaal-atonaal is de snelste toets om twintigste-eeuwse muziek te herkennen.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Beluister een impressionistisch en een atonaal fragment. Beschrijf per fragment of er nog een toonsoort of rustpunt hoorbaar is, en leg uit waarom de heletoonsladder een zwevend gevoel geeft.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Syllabus muziek vwo — impressionisme en atonaliteit (CvTE / Examenblad)
Tijdlijn van de twintigste eeuw
Waarom klinkt twaalftoonsmuziek atonaal, terwijl ze toch streng geordend is?
Alle twaalf tonen worden in een vaste volgorde (de reeks) gebruikt.
Geen toon keert terug voordat de andere elf zijn geklonken.
Doordat elke toon even vaak en verspreid voorkomt, kan geen enkele toon als grondtoon gaan overheersen.
Zonder een overheersende grondtoon ontbreekt elk toonaal centrum: de muziek klinkt atonaal.
Resultaat: Twaalftoonsmuziek is streng geordend (een vaste reeks van alle twaalf tonen) maar klinkt atonaal, omdat die ordening juist voorkomt dat een toon als grondtoon gaat domineren. Orde en atonaliteit gaan hier samen.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Leg in eigen woorden uit hoe de twaalftoonstechniek voorkomt dat een toon als grondtoon gaat overheersen. Beschrijf daarna hoe je neoclassicisme aan zijn klank zou herkennen.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Syllabus muziek vwo — twaalftoon en neoclassicisme (CvTE / Examenblad)
Twintigste-eeuwse stromingen
Een fragment bestaat uit een kort ritmisch-melodisch patroon dat zich vele malen herhaalt boven een gelijkmatige puls, terwijl er heel langzaam een tweede, iets verschoven laag bijkomt. Wat is dit?
Een kort patroon dat zich vele malen herhaalt is repetitief.
Een gelijkmatige, doorlopende puls draagt het geheel.
Het langzaam bijkomen van een verschoven laag is een geleidelijk proces (phasing).
Herhaling, vaste puls en geleidelijk proces zijn de kenmerken van minimal music.
Resultaat: Dit is minimal music: repetitieve patronen boven een vaste puls die geleidelijk veranderen (phasing). De hypnotische, heldere herhaling plaatst het onmiskenbaar in de late twintigste eeuw.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Beluister een fragment minimal music en beschrijf het proces: welk kort patroon herhaalt zich, en hoe verandert het geleidelijk? Noem een kenmerk waaraan je hoort dat het twintigste-eeuwse kunstmuziek is.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Syllabus muziek vwo — naoorlogse stromingen (CvTE / Examenblad)
Referenties en bronnen
CvTE / Examenblad