Na de barok volgen twee contrasterende perioden. De klassieke periode (ca. 1750-1820) streeft naar helderheid, evenwicht en symmetrie, met de sonatevorm als formeel hart en Haydn, Mozart en Beethoven als Weense meesters. De romantiek (ca. 1820-1900) stelt daartegenover expressie, individualisme en gevoel, met programmamuziek, chromatiek, een groot orkest, het lied, het symfonisch gedicht en het muziekdrama. Dit onderwerp behandelt beide stijlen, hun genres en componisten, en het op gehoor herkennen en dateren — CE-muziekgeschiedenis.
3 Onderdelen~10 min leestijd3 VaardighedenNiveau Basis 1 · Standaard 2
basisniveau
Voor iedereen: klassiek klinkt helder, evenwichtig en homofoon; romantiek klinkt expressief, chromatisch en groter. Dat onderscheid dekt de meeste dateervragen.
verhoogd niveau
Verdieping: de sonatevorm herkennen en de romantische middelen (rubato, programmamuziek, chromatiek, leidmotief) toelichten.
Leesdiepte: Verdieping
Tekstgrootte: Standaard
De sonatevorm
In het eerste deel van een klassieke symfonie hoor je na een onrustig, moduleren middendeel plotseling het openingsthema in de begintoonsoort terugkeren. Welk moment in de sonatevorm is dit?
Het onrustige, modulerende deel waarin de thema's worden bewerkt, is de doorwerking.
Het openingsthema keert herkenbaar terug in de begintoonsoort.
De terugkeer van het eerste thema in de hoofdtoonsoort markeert het begin van de reprise.
Vanaf hier keert ook het tweede thema terug, nu in de tonica: de harmonische spanning wordt opgelost.
Resultaat: Dit is het begin van de reprise: het eerste thema keert terug in de hoofdtoonsoort na de doorwerking. In de reprise komt ook het tweede thema in de tonica, wat de spanning van de expositie oplost.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Beluister het eerste deel van een klassieke symfonie en probeer de drie delen van de sonatevorm te herkennen: waar keert het eerste thema terug (begin van de reprise)? Beschrijf de textuur (homofoon) en de frasering (periodiek).
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Syllabus muziek vwo — klassieke periode (CvTE / Examenblad)
Tijdlijn klassiek en romantiek
Een orkestwerk draagt de titel Een nacht op de kale berg, gebruikt een groot orkest met veel koper en slagwerk, sterke dynamische golven en een chromatische, dreigende harmonie. Wat zeggen deze kenmerken?
Een beschrijvende titel duidt op programmamuziek: de muziek beeldt een tafereel uit.
Een groot orkest met veel koper en slagwerk is romantisch (het klassieke orkest was kleiner).
Sterke dynamische golven en chromatische, dreigende harmonie passen bij de romantische expressie.
Programma, groot orkest, chromatiek en dynamische contrasten wijzen alle op de romantiek.
Resultaat: Het werk is romantisch: programmamuziek voor groot orkest met chromatiek en sterke dynamische contrasten. De titel plus de muzikale kenmerken samen maken de datering betrouwbaar.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Beluister een romantisch orkestwerk en wijs drie romantische kenmerken aan (bijvoorbeeld rubato, een groot orkest, chromatiek, sterke dynamische contrasten). Zoek uit of het programmamuziek is (heeft het een titel of verhaal?).
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Syllabus muziek vwo — romantiek (CvTE / Examenblad)
Kenmerken klassiek en romantiek
Fragment X: een klein orkest, heldere homofone textuur, symmetrische frasen, genuanceerde dynamiek, strakke vorm. Fragment Y: een groot orkest, chromatische harmonie, sterke rubato en dynamische golven, een beschrijvende titel. Wijs elk toe.
Klein orkest, helder en homofoon, symmetrische frasen: klassieke kenmerken.
Helderheid, evenwicht en genuanceerde dynamiek wijzen op de klassieke periode.
Groot orkest, chromatiek, rubato, dynamische golven en een programmatische titel.
Deze expressieve, chromatische kenmerken met programma wijzen op de romantiek.
Resultaat: X is klassiek (helder, evenwichtig, klein orkest), Y is romantisch (groot orkest, chromatiek, rubato, programma). Door de kenmerken per parameter te vergelijken, dateer je beide betrouwbaar.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Beluister twee orkestfragmenten en vul voor beide een mini-kenmerkentabel in (orkestomvang, dynamiek, harmonie, tempo, vorm). Wijs elk aan de klassieke periode of de romantiek toe en onderbouw.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Syllabus muziek vwo — dateren klassiek/romantiek (CvTE / Examenblad)
Referenties en bronnen
CvTE / Examenblad