Bij het lezen op het CE Frans helpt het te weten met wat voor tekst je te maken hebt. Dit onderwerp brengt de tekstsoorten in kaart naar hun schrijfdoel (informeren, betogen, beschouwen, verhalen), bespreekt de journalistieke genres (article, éditorial, interview, reportage, fait divers) en de literaire en persoonlijke teksten, en behandelt de examenthema's die telkens terugkeren. Het is CE-leesvaardigheidsstof (domein A): leesvaardigheid is het enige centrale-examendomein bij Frans. De vraagvormen zelf komen in een apart onderwerp aan bod.
4 Onderdelen~20 min leestijd4 VaardighedenNiveau Basis 1 · Standaard 2 · Verdieping 1
basisniveau
Je herkent de tekstsoort en het schrijfdoel van een examentekst en weet welke thema's het CE Frans telkens aanbiedt.
verhoogd niveau
Wie verder reikt, gebruikt kennis van genre, register en frankofone cultuur actief om ook moeilijke, impliciete teksten te ontsluiten.
Leesdiepte: Verdieping
Tekstgrootte: Standaard
Afb. 1 — Tekstsoorten naar schrijfdoel
Een tekst draagt de kop „Pourquoi il faut en finir avec la voiture en ville” en staat op de opiniepagina. Wat is het schrijfdoel, en hoe pak je de tekst aan?
„Il faut en finir avec …” (er moet een eind komen aan …) is een stellige mening, geen neutrale constatering: de kop verraadt een standpunt.
De plaatsing op de opiniepagina bevestigt dat dit een betogende tekst is — waarschijnlijk een éditorial of tribune.
Lees analytisch: zoek de thèse (de auto moet de stad uit), de arguments (milieu, veiligheid, ruimte) en de manier waarop de auteur overtuigt.
Resultaat: Het schrijfdoel is betogen: de stellige kop en de opiniepagina wijzen op een éditorial of tribune. De juiste aanpak is analytisch lezen — standpunt, argumenten en overtuigingsmiddelen zoeken — niet louter feiten verzamelen.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Verzamel vier korte Franse teksten (bijvoorbeeld een nieuwsbericht, een éditorial, een essayfragment en een romanfragment). Bepaal per tekst het schrijfdoel met Afb. 1 en noteer welk signaal (kop, bron, toon, opbouw) je op het spoor bracht.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma Frans VWO — domein A Leesvaardigheid (CvTE / Examenblad)
Een tekst staat in de rubriek „Débats & Opinions”, is ondertekend door een gasthoogleraar en betoogt dat de universiteit gratis moet blijven. Welk genre is dit, en wat betekent dat voor je lezing?
De rubriek „Débats & Opinions” en de ondertekening door een gastauteur (geen redacteur) wijzen op een opiniestuk van buitenaf: een tribune.
De tekst verdedigt een stelling (de universiteit moet gratis blijven): het doel is overtuigen, niet informeren.
Lees kritisch en analytisch: zoek de thèse en de arguments, en besef dat de weergegeven feiten in dienst staan van het standpunt.
Resultaat: Het is een tribune (gastopiniestuk), herkenbaar aan de rubriek en de ondertekening. Je leest hem als een betoog: op zoek naar standpunt en argumenten, met het besef dat de tekst gekleurd is.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Zoek op een Franse nieuwssite één voorbeeld van een article, een reportage en een éditorial. Benoem per tekst het genre, het schrijfdoel en het paratekstsignaal (rubriek, kop, ondertekening) waaraan je het herkende.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma Frans VWO — domein A Leesvaardigheid (CvTE / Examenblad)
Een fragment begint: „Je n'ai jamais compris pourquoi ma mère gardait ce vieux manteau. À l'époque, je croyais qu'elle était simplement sentimentale.” Welk vertelperspectief is dit, en waarom is dat belangrijk?
„Je n'ai jamais compris”, „je croyais” — de tekst wordt verteld door een ik: dit is een ik-verteller (narrateur à la première personne).
Alles wat we zien, zien we door de ogen van deze verteller; „à l'époque, je croyais” suggereert bovendien dat hij het toen verkeerd zag — zijn blik is beperkt en kan onbetrouwbaar zijn.
De formulering wijst erop dat de verteller nu, achteraf, iets beter begrijpt over zijn moeder — de spanning tussen toen en nu draagt de betekenis.
Resultaat: Een ik-verteller die terugblikt. Dat is belangrijk omdat de weergave subjectief en mogelijk onbetrouwbaar is: „à l'époque, je croyais” verraadt dat zijn toenmalige oordeel („simplement sentimentale”) onvolledig was — daar zit de impliciete betekenis.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Neem een kort Frans romanfragment en een persoonlijke brief. Bepaal per tekst het vertelperspectief of het register (formeel/informeel), en schrijf in één zin op welke emotie of houding impliciet meespeelt — met de tekstplaats die je die aanwijzing gaf.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma Frans VWO — domein A Leesvaardigheid (CvTE / Examenblad)
Afb. 2 — Veelvoorkomende examenthema's
Een examentekst opent met de woorden „empreinte carbone”, „énergies renouvelables” en „gaspillage”. Bij welk themaveld hoort de tekst, en hoe helpt dat je?
„Empreinte carbone” (koolstofvoetafdruk), „énergies renouvelables” (hernieuwbare energie) en „gaspillage” (verspilling) horen alle bij één woordveld.
Dat woordveld is dat van het milieu en de duurzaamheid (Afb. 2), een van de vaste examenthema's.
Nu je het thema kent, verwacht je verwante woorden (polluer, recycler, la transition écologique) en waarschijnlijk een betogende of informatieve strekking — dat versnelt en verdiept je begrip.
Resultaat: Het thema is milieu en duurzaamheid. Door het woordveld te herkennen, activeer je verwante woordenschat en de juiste verwachting over doel en toon — precies de winst van thema-kennis bij het lezen.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Kies twee van de vier themavelden uit Afb. 2 en stel per veld een woordveldlijst van tien Franse kernwoorden op (met Nederlandse betekenis). Zoek daarna een korte Franse tekst bij één van de thema's en streep de woorden aan die op je lijst blijken te staan.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma Frans VWO — domein A Leesvaardigheid (CvTE / Examenblad)
Referenties en bronnen
CvTE / Examenblad