Loading
Loading
Kijk- en luistervaardigheid is het vermogen om gesproken Spaans te begrijpen, vaak met steun van beeld, zoals in korte nieuws-, film- en geluidsfragmenten. Met de juiste aanpak — vooraf voorspellen, globaal of gericht luisteren, en wat je ziet met wat je hoort combineren — vat je de boodschap, ook al versta je niet elk woord. Eerlijk en belangrijk om te weten: dit is een schoolexamenonderdeel (SE), vaak de Cito Kijk- en Luistertoets, want het centraal examen Spaans op de havo toetst uitsluitend leesvaardigheid.
3Onderdelenca. 19min leestijd3VaardighedenNiveauBasis 1 · Standaard 2
basisniveau
Voor het schoolexamen: oefen de strategieën zo dat je bij elk fragment de hoofdlijn pakt of gericht één gegeven opvangt, en de meerkeuzevragen van de Cito Kijk- en Luistertoets betrouwbaar beantwoordt, ook als het Spaans snel gesproken wordt.
verhoogd niveau
Wie doorstroomt naar het hoger onderwijs of naar een Spaanstalig land reist, blijft kijk- en luistervaardigheid nodig hebben: bij films, nieuws en gesprekken bouw je begrip op uit beeld, toon en context, en went je aan de verschillende accenten van het Spaans.
Lesetiefe: Verdieping
Schriftgröße: Standard
Tekstsoorten in een kijk- en luistertoets
Je krijgt een fragment waarin een journalist op straat een voorbijganger vragen stelt over het openbaar vervoer. De meerkeuzevraag luidt: „Wat vindt de voorbijganger van de bussen?” Bepaal de tekstsoort en het vraagtype, en leg uit hoe dat je luisteren stuurt. Werk stap voor stap.
Een journalist die iemand vragen stelt en antwoorden krijgt, is een interview (una entrevista). Het draait dus niet om kale feiten zoals in een nieuwsbericht, maar om de mening en ervaring van de geïnterviewde voorbijganger.
De vraag „Wat vindt de voorbijganger van de bussen?” peilt een mening, geen los feit. Het is een vraag naar de strekking van wat de persoon zegt — een hoofdlijnvraag op het niveau van houding en oordeel, niet naar één getal of tijdstip.
Omdat het om een mening gaat, let je op waarderende woorden en op de toon: klinkt ‘bien’ of ‘genial’ (goed, geweldig) positief, of ‘fatal’ en ‘un desastre’ (vreselijk, een ramp) negatief? Ook het gezicht en de gebaren van de spreker verraden of het oordeel positief of negatief is.
Een optie kan een woord bevatten dat wel viel maar niet het oordeel weergeeft, bijvoorbeeld een buslijnnummer dat genoemd werd. Kies de optie die past bij de algehele houding van de spreker, niet bij een los herkend detail.
Resultaat: Het fragment is een interview en de vraag peilt een mening (hoofdlijn op houdingsniveau). Je luistert daarom naar waarderende woorden en let op toon en mimiek om te bepalen of het oordeel positief of negatief is, en je laat je niet afleiden door een los herkend detail in de antwoordopties.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Bepaal bij elk fragment welke tekstsoort het is en of de vraag naar de hoofdlijn of naar een detail vraagt: (1) een omroepster leest het journaal en je krijgt de vraag „Waar gaat het tweede nieuwsitem over?”; (2) twee vrienden maken een afspraak, met de vraag „Hoe laat zien ze elkaar?”; (3) een reportage over een fiesta met de vraag „Welke sfeer roept het fragment op?”.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma Spaans (HAVO) (CvTE / Examenblad)
Hoe luister ik?
Vóór een fragment lees je de vraag ‘¿Por qué llega tarde Marta?’ — „Waarom komt Marta te laat?”. Je ziet op het eerste beeld een druk metrostation. Hoe pak je dit fragment aan? Werk stap voor stap.
De vraag ‘¿Por qué …?’ (Waarom …?) vraagt naar een reden waarom Marta te laat komt. Je zoekt dus één concreet gegeven — een oorzaak — en niet de algemene hoofdlijn.
Het eerste beeld toont een metrostation. Je zet de bijbehorende woordenschat klaar: ‘metro’, ‘tren’ (trein), ‘retraso’ (vertraging) en ‘huelga’ (staking) — mogelijke oorzaken die het te-laat-komen verklaren.
Omdat je een reden zoekt, luister je gericht en spits je je oren bij het signaalwoord ‘porque’ (omdat). Hoor je ‘Llego tarde porque el metro tiene retraso’ (ik kom te laat omdat de metro vertraging heeft), dan heb je de reden te pakken.
Het drukke, stilstaande station op het beeld bevestigt de reden. Je kiest de optie die de vervoersvertraging weergeeft, en niet een optie met een ander, los herkend woord.
Resultaat: Je herkent een detailvraag (een reden), voorspelt met het beeld de juiste woordenschat, luistert gericht naar het signaalwoord ‘porque’ en bevestigt je antwoord met het beeld: Marta komt te laat door een vertraging van de metro.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Beredeneer bij elke vraag hoe je luistert: (1) „Waar gaat het gesprek over?” — globaal of gericht?; (2) „Hoeveel kost het kaartje?” — waarop spits je je oren?; (3) je ziet vóór het fragment een keuken en de vraag „Wat gaan ze koken?” — welke Spaanse woorden voorspel je?.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma Spaans (HAVO) (CvTE / Examenblad)
Spaans in Spanje en Latijns-Amerika
In een fragment hoor je een vrouw zeggen: ‘¿Ustedes ya tienen los pasajes?’. Ze spreekt de c en z uit als een ‘s’. De vraag is: „Wat wil de vrouw weten?” Hoe ga je om met het accent en bepaal je het antwoord? Werk stap voor stap.
De spreker zegt de c en z als een ‘s’ (seseo) en gebruikt ‘ustedes’. Dat verraadt een Latijns-Amerikaanse spreker. Dit is hetzelfde Spaans met een andere uitspraak — geen reden tot paniek, dus je luistert gewoon door.
‘Ustedes’ is in Latijns-Amerika de vorm voor ‘jullie’. De vrouw richt zich dus tot meer dan één persoon en vraagt hun iets — niet aan één enkele ‘jij’.
‘¿Ya tienen los pasajes?’ betekent ‘Hebben jullie de kaartjes al?’. Het sleutelwoord is ‘pasajes’ (vervoerskaartjes); ‘ya’ (al) maakt er een vraag van of iets al geregeld is.
De vrouw wil weten of haar reisgenoten de kaartjes al hebben. Je kiest de optie die dat weergeeft, en niet een optie met een los woord dat toevallig leek te vallen.
Resultaat: Je herkent aan de seseo en aan ‘ustedes’ een Latijns-Amerikaanse spreker, laat je daardoor niet afleiden, en begrijpt dat zij aan meer mensen vraagt of ze de kaartjes (‘los pasajes’) al hebben. Je antwoord baseer je op die hele boodschap.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Leg uit hoe je reageert in deze situaties: (1) je hoort ‘gra-sias’ in plaats van ‘gra-thias’ — wat zegt dit over de spreker en wat doe je?; (2) een spreker zegt ‘¿Ustedes quieren café?’ — wie spreekt zij aan?; (3) je verstaat één woord in een snelle zin niet — wat is je strategie?.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma Spaans (HAVO) (CvTE / Examenblad)
Referenties en bronnen
CvTE / Examenblad