Loading
Loading
De sociale filosofie onderzoekt hoe mensen zouden moeten samenleven en wat een rechtvaardige samenleving is. In dit onderwerp behandel je centrale begrippen als vrijheid, gelijkheid en rechtvaardigheid, de contracttheorieen van Hobbes, Locke en Rousseau over de oorsprong en legitimiteit van de staat, en de rechtvaardigheidstheorie van John Rawls met zijn sluier van onwetendheid.
3Onderdelenca. 15min leestijd4VaardighedenNiveauBasis 1 · Standaard 1 · Verdieping 1
basisniveau
Beheers de kern: de begrippen vrijheid, gelijkheid en rechtvaardigheid en de grondgedachte van het sociaal contract.
verhoogd niveau
Vergelijk Hobbes, Locke en Rousseau en pas Rawls' sluier van onwetendheid toe op een verdelingsvraag.
Lesetiefe: Verdieping
Schriftgröße: Standard
Kernbegrippen van de sociale filosofie
De overheid legt een hoge belasting op de hoogste inkomens om armoede te bestrijden. Beredeneer welke waarden hier botsen en welke soort rechtvaardigheid speelt.
De hoge belasting beperkt de negatieve vrijheid van de rijken (met rust gelaten worden over hun bezit) ten gunste van meer positieve vrijheid (kansen) voor de armen.
Het gaat om materiele gelijkheid: de feitelijke verschillen in welvaart worden verkleind, niet alleen de gelijkheid voor de wet.
Dit is distributieve (verdelende) rechtvaardigheid: de vraag hoe welvaart eerlijk verdeeld moet worden. De casus toont de klassieke botsing tussen vrijheid en gelijkheid.
Resultaat: De maatregel verkleint de negatieve vrijheid van de rijken ten gunste van materiele gelijkheid en positieve vrijheid voor de armen; het is een kwestie van distributieve rechtvaardigheid. De casus illustreert de spanning tussen vrijheid en gelijkheid.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
De overheid overweegt de studiefinanciering te verhogen voor studenten uit arme gezinnen. Beredeneer met de begrippen negatieve/positieve vrijheid en formele/materiele gelijkheid welke waarden hier spelen en botsen.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma filosofie HAVO — Examenblad.nl (CvTE / Examenblad)
Drie sociaal-contractdenkers
Een regering schaft verkiezingen af en onderdrukt haar burgers. Beredeneer per contractdenker of er recht op verzet is.
Voor Hobbes staat veiligheid boven alles en heeft de soeverein bijna absolute macht; verzet dreigt de gevreesde chaos terug te brengen, dus Hobbes kent (behalve bij direct levensgevaar) geen recht op verzet toe.
Voor Locke bestaat de staat juist om de natuurlijke rechten te beschermen; schendt de overheid die rechten, dan verbreekt zij het contract en heeft het volk recht op verzet.
Voor Rousseau berust legitieme macht op de algemene wil van het volk; een regering die het volk onderdrukt handelt tegen die algemene wil en is niet langer legitiem, wat verzet rechtvaardigt.
Resultaat: Hobbes kent nauwelijks recht op verzet toe (veiligheid boven alles), terwijl Locke (schending van rechten) en Rousseau (tegen de algemene wil) verzet juist rechtvaardigen. De casus laat zien hoe het mensbeeld van elke denker zijn kijk op staatsmacht bepaalt.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Een overheid schendt stelselmatig de grondrechten van haar burgers. Beredeneer wat Hobbes, Locke en Rousseau zouden zeggen over de vraag of de burgers recht op verzet hebben.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma filosofie HAVO — Examenblad.nl (CvTE / Examenblad)
Rawls: van sluier naar beginselen
Een land overweegt gratis onderwijs voor iedereen, betaald uit belasting. Toets deze regel met Rawls' oorspronkelijke positie en het verschilbeginsel.
Vraag: zou je gratis onderwijs kiezen als je niet wist of je in een arm of rijk gezin geboren zou worden? Achter de sluier weet je dat je arm zou kunnen zijn, dus verzeker je je tegen kansloosheid.
Gratis onderwijs vergroot de kansen van de minst bedeelden het sterkst en laat de posities eerlijker openstaan; de bijbehorende ongelijkheid in belastingdruk komt zo ook de zwaksten ten goede.
Nozick zou tegenwerpen dat je de rijken niet mag dwingen mee te betalen: dat schendt hun eigendom en vrijheid. Rawls antwoordt dat de rechtvaardigheid van de basisstructuur zwaarder weegt dan een onbeperkt eigendomsrecht.
Resultaat: Achter de sluier zouden mensen gratis onderwijs kiezen, want het dient de kansen van de minst bedeelden (verschilbeginsel); Rawls acht het dus rechtvaardig. Nozick betwist dit vanuit het eigendomsrecht, wat laat zien dat je Rawls moet afwegen tegen de libertaire kritiek.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Beredeneer met Rawls' sluier van onwetendheid en het verschilbeginsel of een samenleving waarin artsen veel meer verdienen dan verzorgenden rechtvaardig kan zijn, en betrek de kritiek van Nozick.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma filosofie HAVO — Examenblad.nl (CvTE / Examenblad)
Referenties en bronnen
CvTE / Examenblad