Loading
Loading
Op het centraal examen Engels lees je teksten die je niet woord voor woord kunt verwerken: je moet kiezen hóé je leest. In dit onderwerp leer je de drie leesstrategieën — skimmen, scannen en intensief lezen — en oefen je het oriënteren en voorspellen vooraf, het vinden van de hoofdgedachte en de kernzin van een alinea, en het terugzoeken waarnaar verwijswoorden als ‘it’, ‘this’ en ‘such’ verwijzen. Zo lees je sneller, gerichter en met meer begrip.
4Onderdelenca. 25min leestijd4VaardighedenNiveauBasis 1 · Standaard 2 · Verdieping 1
basisniveau
Voor het centraal examen: kies bij elke vraag de passende leesstrategie en zoek het antwoord gericht in de juiste alinea.
verhoogd niveau
Wie doorstroomt naar het hoger onderwijs leest veel Engelstalige studieteksten; skimmen, scannen en het terugzoeken van verwijzingen blijven dan dagelijks gereedschap.
Lesetiefe: Verdieping
Schriftgröße: Standard
Drie leesstrategieën in één oogopslag
Bij een Engelse tekst over slaap staat de Nederlandse vraag: „Hoeveel uur slaap raden de onderzoekers volwassenen aan?” In alinea 2 staat: ‘The researchers recommend that adults sleep between seven and nine hours a night; teenagers, they add, need even more.’ Welke strategie gebruik je, en wat is het antwoord?
De vraag zoekt één concreet gegeven (een aantal uren) in een aangewezen alinea. Dat is een detailvraag: je hoeft de tekst niet globaal te begrijpen, je hoeft één feit te vinden. De passende strategie is dus scannen, niet skimmen of intensief lezen.
Je laat je oog over alinea 2 gaan en zoekt naar getallen of woorden die met tijd te maken hebben. Je oog „vangt” ‘between seven and nine hours a night’ — daar staat het antwoord. De rest van de zin, over ‘teenagers’, is voor deze vraag bijzaak.
De onderzoekers raden volwassenen aan tussen de zeven en negen uur per nacht te slapen. Let op: de vraag ging over volwassenen, dus je neemt het deel over tieners niet mee.
Resultaat: Antwoord: tussen de zeven en negen uur per nacht. Je herkende een detailvraag, koos scannen, vond het getal direct en liet het niet-gevraagde deel over tieners weg.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Pak een Engelse examentekst. Skim hem in maximaal één minuut en schrijf in één Nederlandse zin op waar hij over gaat. Scan daarna naar één concreet gegeven (bijvoorbeeld een jaartal of een naam) en noteer hoelang je erover deed. Bepaal ten slotte bij twee examenvragen welke strategie je zou inzetten en waarom.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma Engels (HAVO) (CvTE / Examenblad)
Je ziet alleen de buitenkant van een tekst: de titel ‘Four-day week: too good to be true?’ en drie tussenkopjes — ‘Happier workers’, ‘The productivity puzzle’ en ‘Not for every job’. Wat voorspel je over het onderwerp, het standpunt en de opbouw?
’Four-day week’ geeft het onderwerp: de vierdaagse werkweek. Het vraagteken in ‘too good to be true?’ verraadt dat de schrijver kritisch en afwegend is — hij belooft niet alleen voordelen, maar onderzoekt ook de keerzijde.
De drie kopjes vormen samen het betoog: eerst een voordeel (‘Happier workers’), dan een twijfelpunt (‘The productivity puzzle’ — levert het wel genoeg op?), dan een beperking (‘Not for every job’). De tekst beweegt dus van vóór naar kanttekeningen.
Verwachting: de tekst gaat over de vierdaagse werkweek, weegt voor- en nadelen af en eindigt genuanceerd — een voordeel voor het welzijn, maar vraagtekens bij de productiviteit en niet geschikt voor elk beroep. Met die landkaart weet je bij een vraag over nadelen meteen dat je bij kopje twee of drie moet zijn.
Resultaat: Voorspelling: onderwerp = de vierdaagse werkweek; standpunt = afwegend/kritisch (door het vraagteken); opbouw = voordeel → twijfel over productiviteit → beperking per beroep. De tussenkopjes leverden de hele structuur op nog voor je de tekst las.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Neem een Engelse examentekst en bedek alles behalve de titel, de cursieve intro, de tussenkopjes en de illustraties. Schrijf in twee Nederlandse zinnen op waar de tekst volgens jou over gaat en hoe hij is opgebouwd. Lees daarna de tekst en controleer hoeveel van je voorspelling klopte.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma Engels (HAVO) (CvTE / Examenblad)
Lees deze alinea: ‘Homework is often a waste of time. Studies show that pupils who do a lot of homework score no higher than those who do little. Worse, it eats into the hours children need for sport, family and sleep.’ Welke zin is de kernzin, en wat is de kerngedachte in één Nederlandse zin?
Vraag je af welke zin een standpunt poneert en welke zinnen dat onderbouwen. De eerste zin, ‘Homework is often a waste of time’, is een duidelijke bewering; de twee zinnen erna geven er bewijs voor (geen hogere cijfers; het kost tijd voor sport, gezin en slaap).
Zowel de zin over de onderzoeken als de zin over sport en slaap ondersteunt de eerste zin. Dat bevestigt dat de eerste zin de kernzin (topic sentence) is — hij staat hier, zoals vaak, vooraan.
Breng de alinea terug tot één zin met een bewering: huiswerk is vaak tijdverspilling, want het levert geen betere cijfers op en gaat ten koste van sport, gezin en slaap.
Resultaat: Kernzin: ‘Homework is often a waste of time.’ Kerngedachte: huiswerk is vaak tijdverspilling, omdat het geen hogere cijfers oplevert en ten koste gaat van sport, gezin en slaap. De eerste zin poneerde de bewering, de rest onderbouwde haar.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Lees een Engelse examentekst en schrijf naast elke alinea in maximaal drie Nederlandse woorden de kerngedachte. Formuleer daarna in één volledige Nederlandse zin — met een werkwoord als „betoogt dat” of „laat zien dat” — de hoofdgedachte van de hele tekst. Controleer of jouw zin de hele tekst dekt en niet slechts één alinea.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma Engels (HAVO) (CvTE / Examenblad)
Veelvoorkomende verwijswoorden
Beantwoord de open vraag „Waar verwijst they (regel 3) naar?” bij deze passage: ‘The city installed hundreds of new bins last year. They were meant to reduce litter in the parks. So far, the results have been disappointing.’ (regel 3 is de tweede zin).
’They’ is meervoud, dus je zoekt een meervoudig antecedent vlak vóór het woord. Een enkelvoudige kandidaat als ‘the city’ valt daarmee af — die zou ‘it’ krijgen, niet ‘they’.
In de zin ervóór staat één meervoud dat past: ‘hundreds of new bins’ (de nieuwe afvalbakken). Dat is de enige meervoudige kandidaat in de buurt.
Vervang ‘they’ door ‘the new bins’: ‘The new bins were meant to reduce litter in the parks.’ De zin klopt en is logisch — de afvalbakken moesten zwerfvuil tegengaan. Het antecedent is dus gevonden.
Geef het concrete antecedent: ‘they’ verwijst naar de honderden nieuwe afvalbakken die de stad het afgelopen jaar plaatste. Niet „naar de vorige zin”, maar het concrete ding.
Resultaat: ’They’ verwijst naar de (honderden) nieuwe afvalbakken. Je sloot ‘the city’ uit op grond van het meervoud, vond het meervoudige antecedent vlak ervóór en bevestigde het met de invultest.
Veelgemaakte fouten
Actieve herhaling
Zoek in een Engelse examentekst vijf verwijswoorden (it, this, these, such, the former / the latter). Schrijf bij elk in het Nederlands het antecedent op en controleer telkens met de invultest: vervang het verwijswoord door jouw antecedent en kijk of de zin nog klopt.
Actief ophalen
Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.
Bronnen: Examenprogramma Engels (HAVO) (CvTE / Examenblad)
Referenties en bronnen
CvTE / Examenblad