EuraStudy
Samenvattingen/Scheikunde/Reactiekinetiek en activeringsenergie
Samenvattingen · ScheikundeNL · VWO

Reactiekinetiek en activeringsenergie

Hoe snel een reactie verloopt en waarvan die snelheid afhangt: van concentratie, temperatuur, verdelingsgraad en katalysator. Met de botsingstheorie en het reactieprofiel verklaar je de rol van de activeringsenergie, met de Maxwell-Boltzmann-verdeling de sterke temperatuurafhankelijkheid, en je ziet hoe een katalysator via een alternatief reactiepad de snelheid verhoogt zonder zelf te worden verbruikt.

4 Onderdelen·~11 min leestijd·4 Vaardigheden·Niveau Basis 1 · Standaard 2 · Verdieping 1

T·0888 / 16
Examenprofiel
Reactiesnelheid definiëren, meten en de invloed van factoren verklaren met de botsingstheorieDe activeringsenergie in een reactieprofiel aanwijzen en interpreterenDe temperatuurafhankelijkheid verklaren met de Maxwell-Boltzmann-verdelingDe werking van een katalysator (verlaging van de activeringsenergie) beschrijven
Operatoren:bepaalberekenleg uitverklaarberedeneer

basisniveau

Voor het CE bepaal je snelheden uit concentratie-tijd-grafieken en verklaar je de snelheidsfactoren.

verhoogd niveau

In de profielverdieping redeneer je met de Maxwell-Boltzmann-verdeling over de temperatuurafhankelijkheid en de effectieve botsing.

Diepte

Leesdiepte: Verdieping

Tekst

Tekstgrootte: Standaard

Inhoud · 4 onderdelen▾
  1. Reactiekinetiek en activeringsenergie
    • 01Reactiesnelheid en beïnvloedende factoren○
    • 02Botsingstheorie en activeringsenergie◐
    • 03Temperatuur en de Maxwell-Boltzmann-verdeling●
    • 04Katalyse◐
§ 01

Reactiesnelheid en beïnvloedende factoren#

●○○BasisLPreactiesnelheidLPconcentratieLPverdelingsgraad

Concentratie-tijd-grafiek

Concentratie tegen tijdSchaubild von [A], y-Achsenabschnitt bei y = 100, fallend, im Bereich x von 0 bis 20510152020406080100t = 5momentanesnelheid[A][A] (mmol/L)tijd (min)
Afb. 1Afb. 1 — Concentratie van een reactant tegen de tijd; de raaklijn op t = 5 min geeft de momentane snelheid, de kromme buigt af doordat de concentratie daalt.

Kernpunten

De reactiesnelheid is de verandering van de concentratie van een reactant of product per tijdseenheid, bijvoorbeeld in mol·L⁻¹·s⁻¹. Je bepaalt haar uit een concentratie-tijd-grafiek (afbeelding 1): de gemiddelde snelheid over een interval is de helling van de koorde (het quotiënt Δconcentratie/Δtijd), de momentane snelheid op een tijdstip is de helling van de raaklijn. De snelheid is aan het begin het grootst en neemt af naarmate de reactanten opraken — de grafiek buigt af.
De concentratie van de reactanten is een sterke snelheidsfactor: hoe hoger de concentratie, hoe meer deeltjes per volume en hoe vaker ze botsen, dus hoe sneller de reactie. Dit verklaart meteen waarom een reactie vanzelf vertraagt: naarmate de reactanten worden verbruikt, daalt hun concentratie en daarmee de botsingsfrequentie. De afnemende helling van de concentratie-tijd-grafiek is hiervan het directe beeld.
Bij een reactie waarbij een vaste stof betrokken is, telt de verdelingsgraad (het contactoppervlak). Een fijn poeder reageert veel sneller dan één brok van dezelfde stof, omdat er veel meer oppervlak beschikbaar is waar de botsingen kunnen plaatsvinden. Ditzelfde principe verklaart waarom meel- of houtstof in een fabriek explosief kan verbranden terwijl een houtblok rustig smeult: het enorme oppervlak van fijn verdeeld materiaal versnelt de reactie dramatisch.
Verder verhogen een hogere temperatuur en een katalysator de snelheid (beide behandeld in de volgende paragrafen). Al deze factoren laten zich samenvatten met één idee: alles wat het aantal effectieve botsingen per seconde vergroot, versnelt de reactie. Concentratie en verdelingsgraad vergroten het aantal botsingen; temperatuur en katalysator vergroten bovendien de kans dat een botsing effectief is. Dat idee — de botsingstheorie — werken we hierna uit.
s=∣Δ[stof]Δt∣s = \left| \dfrac{\Delta [\mathrm{stof}]}{\Delta t} \right|s=​ΔtΔ[stof]​​

Reactiesnelheid

De absolute concentratieverandering per tijdseenheid; als koorde voor de gemiddelde, als raaklijn voor de momentane snelheid.

Uitgewerkt voorbeeld

Gemiddelde reactiesnelheid

De concentratie van een reactant daalt van 100 mmol/L naar 40 mmol/L in 4,0 minuten. Bereken de gemiddelde reactiesnelheid.

  1. 01Concentratieverandering

    Δ[A] = 40 − 100 = −60 mmol/L; de afname is 60 mmol/L.

  2. 02Snelheid berekenen

    s = |Δ[A]|/Δt = 60 / 4,0.

    s=604,0=15 mmol L−1 min−1s = \dfrac{60}{4{,}0} = 15\ \mathrm{mmol\,L^{-1}\,min^{-1}}s=4,060​=15 mmolL−1min−1
  3. 03Interpreteren

    Dit is de gemiddelde snelheid over dit interval; de momentane snelheid aan het begin is groter (steilere raaklijn).

Resultaat: De gemiddelde reactiesnelheid is 15 mmol·L⁻¹·min⁻¹ over de eerste 4 minuten.

Eindexamen-focus

  • Examendoel: uit een concentratie-tijd-grafiek de gemiddelde en de momentane reactiesnelheid bepalen (koorde respectievelijk raaklijn).
  • Examendoel: de invloed van concentratie en verdelingsgraad op de snelheid verklaren met de botsingsfrequentie.

Veelgemaakte fouten

  • De momentane snelheid uit een koorde in plaats van een raaklijn bepalen (of andersom).
  • Vergeten dat de snelheid afneemt doordat de concentratie van de reactanten daalt naarmate de reactie vordert.

Actieve herhaling

Uit een grafiek daalt de concentratie van een reactant van 100 naar 40 mmol/L in de eerste 4 minuten. Bereken de gemiddelde reactiesnelheid in mmol·L⁻¹·min⁻¹.

Actief ophalen

Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.

Bronnen: Examenprogramma scheikunde VWO — reactiesnelheid (College voor Toetsen en Examens (CvTE))

§ 02

Botsingstheorie en activeringsenergie#

●●○StandaardLPbotsingstheorieLPactiveringsenergieLPreactieprofiel

Reactieprofiel met activeringsenergie

Activeringsenergieenergiediagram, 2 toestanden, activeringsenergie Eₐ = 70, reactie-enthalpie ΔH = 30EaΔHreactantenovergangstoestandproductenenergie (kJ/mol)reactiecoordinaat
Afb. 2Afb. 2 — Reactieprofiel van een endotherme reactie; de gemarkeerde top is de overgangstoestand, de piekhoogte boven de reactanten is de activeringsenergie.

Kernpunten

De botsingstheorie verklaart waarom en hoe snel reacties verlopen: deeltjes kunnen alleen reageren als ze met elkaar botsen, maar niet elke botsing leidt tot reactie. Een botsing is pas effectief als aan twee voorwaarden is voldaan: de deeltjes moeten voldoende energie hebben én de juiste onderlinge oriëntatie. Botsingen met te weinig energie of een verkeerde stand ketsen af zonder reactie. De reactiesnelheid is daarom evenredig met het aantal effectieve botsingen per seconde.
De minimale energie die een botsing moet hebben om tot reactie te leiden, heet de activeringsenergie (E_a). Je kunt haar zien als een energiedrempel of -berg die overwonnen moet worden voordat de oude bindingen breken en de nieuwe zich vormen. In het reactieprofiel (afbeelding 2) is de activeringsenergie de hoogte van de piek boven de reactanten; de top zelf is de overgangstoestand, een instabiele tussenvorm waarin oude bindingen half gebroken en nieuwe half gevormd zijn.
De activeringsenergie verklaart waarom een reactie die energetisch gunstig is (exotherm) toch niet vanzelf op gang komt: een mengsel van benzine en lucht is stabiel tot een vonk genoeg energie levert om de eerste moleculen over de drempel te tillen. Zij komt daarna vrij en start de volgende moleculen — de reactie loopt door. De hoogte van E_a bepaalt dus de snelheid, terwijl ΔH (het verschil tussen begin- en eindniveau) het energie-effect bepaalt; deze twee zijn onafhankelijk.
Een hoge activeringsenergie betekent dat slechts weinig botsingen genoeg energie hebben, dus een langzame reactie; een lage E_a betekent een snelle reactie. Dit inzicht is de sleutel tot de temperatuurafhankelijkheid (volgende paragraaf) en tot katalyse: alles wat de fractie botsingen boven de drempel vergroot — meer energie per botsing of een lagere drempel — versnelt de reactie. De overgangstoestand is daarbij het knelpunt dat de snelheid bepaalt.
Uitgewerkt voorbeeld

Stabiliteit en de energiedrempel

Verklaar met de botsingstheorie waarom een waterstof-zuurstofmengsel bij kamertemperatuur niet reageert, maar na een vonk explodeert.

  1. 01Drempel bij kamertemperatuur

    Bij kamertemperatuur hebben vrijwel geen botsingen de vereiste activeringsenergie; er vinden dus nauwelijks effectieve botsingen plaats.

  2. 02Effect van de vonk

    De vonk levert plaatselijk veel energie, zodat daar botsingen boven de drempel komen en de eerste moleculen reageren.

  3. 03Kettingeffect

    De reactie is sterk exotherm; de vrijkomende warmte tilt de omringende moleculen over de drempel, waardoor de reactie zich razendsnel voortplant.

Resultaat: Zonder vonk halen de botsingen de activeringsenergie niet; de vonk plus de vrijkomende reactiewarmte overwint de drempel en veroorzaakt de explosieve reactie.

Eindexamen-focus

  • Examendoel: de twee voorwaarden voor een effectieve botsing (voldoende energie én juiste oriëntatie) benoemen en toepassen.
  • Examendoel: de activeringsenergie en de reactie-enthalpie in een reactieprofiel onderscheiden en aflezen.

Veelgemaakte fouten

  • Aannemen dat elke botsing tot reactie leidt; alleen effectieve botsingen (energie + oriëntatie) tellen.
  • De activeringsenergie gelijkstellen aan de reactie-enthalpie; E_a is de berg, ΔH het verschil tussen begin en eind.

Actieve herhaling

Leg met de botsingstheorie uit waarom een mengsel van waterstof en zuurstof bij kamertemperatuur stabiel is, maar na een vonk explosief reageert.

Actief ophalen

Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.

Bronnen: Examenprogramma scheikunde VWO — botsingstheorie en activeringsenergie (College voor Toetsen en Examens (CvTE))

§ 03

Temperatuur en de Maxwell-Boltzmann-verdeling#

●●●VerdiepingLPtemperatuurafhankelijkheidLPMaxwell-Boltzmann

Maxwell-Boltzmann-verdeling bij twee temperaturen

Maxwell-Boltzmann-verdelingSchaubild von lage T, Nullstellen bei x = 0, Hochpunkt bei (1.291, 1.226), y-Achsenabschnitt bei y = 0, im Bereich x von 0 bis 6, Schaubild von hoge T, Nullstellen bei x = 0, Hochpunkt bei (2.132, 1.839), y-Achsenabschnitt bei y = 0, im Bereich x von 0 bis 61234560.20.40.60.81Ealage Thoge Taantal deeltjesenergie van de deeltjes
Afb. 3Afb. 3 — Maxwell-Boltzmann-verdeling bij lage en hoge temperatuur; rechts van de drempel (E_a) heeft de warme verdeling een veel grotere oppervlakte (fractie effectieve deeltjes).

Kernpunten

Temperatuur heeft een verrassend sterk effect op de reactiesnelheid: als vuistregel verdubbelt of verdrievoudigt de snelheid bij een temperatuurstijging van 10 °C. Dat effect is veel groter dan je zou verwachten van de bescheiden toename van de botsingsfrequentie. De verklaring ligt niet in het aantal botsingen, maar in de fractie botsingen die genoeg energie heeft — en die fractie groeit snel met de temperatuur.
De snelheden (en dus energieën) van de deeltjes in een gas of oplossing zijn niet allemaal gelijk maar verdeeld volgens de Maxwell-Boltzmann-verdeling (afbeelding 3): een scheve klok waarbij weinig deeltjes heel traag of heel snel zijn en de meeste een gemiddelde energie hebben. De oppervlakte onder de curve rechts van de activeringsenergie-drempel geeft de fractie deeltjes die genoeg energie heeft om effectief te botsen.
Verhoog je de temperatuur, dan verschuift de hele verdeling naar hogere energie en wordt ze breder en lager (de totale oppervlakte blijft gelijk, want het aantal deeltjes verandert niet). Cruciaal is wat er rechts van de drempel gebeurt: die oppervlakte — de fractie deeltjes boven E_a — neemt sterk toe. Precies daarom stijgt de reactiesnelheid zo fors bij een kleine temperatuurstijging: exponentieel veel meer deeltjes komen over de energiedrempel.
Deze redenering verbindt de macroscopische waarneming (sneller bij hogere temperatuur) met het microscopische beeld (meer deeltjes boven de drempel). Ze verklaart ook waarom voedsel in de koelkast langer houdbaar is (lagere temperatuur, minder deeltjes boven de afbraakdrempel) en waarom een reactie in een ijsbad stilvalt. Bij een examenvraag over temperatuur is de kern altijd: niet vooral méér botsingen, maar vooral een grotere fractie effectieve botsingen.
Uitgewerkt voorbeeld

Waarom 10 °C zoveel uitmaakt

Verklaar waarom een temperatuurstijging van 10 °C de reactiesnelheid ongeveer verdubbelt.

  1. 01Effect op botsingsfrequentie

    De gemiddelde deeltjessnelheid stijgt slechts licht, dus het aantal botsingen per seconde neemt maar met enkele procenten toe — te weinig voor een verdubbeling.

  2. 02Effect op de energieverdeling

    De Maxwell-Boltzmann-verdeling verschuift naar rechts; de fractie deeltjes met energie boven E_a neemt sterk (exponentieel) toe.

  3. 03Netto-effect

    Veel meer botsingen zijn nu effectief; dit dominante effect verklaart de ruwweg verdubbelde snelheid.

Resultaat: De snelheidstoename komt vooral doordat de fractie deeltjes boven de activeringsenergie sterk stijgt, niet doordat er veel meer botsingen zijn.

Eindexamen-focus

  • Examendoel: de sterke temperatuurafhankelijkheid verklaren met de toename van de fractie deeltjes boven de activeringsenergie (niet slechts meer botsingen).
  • Examendoel: in een Maxwell-Boltzmann-diagram de fractie effectieve deeltjes aanwijzen en het effect van een temperatuurstijging beschrijven.

Veelgemaakte fouten

  • De temperatuurstijging alleen toeschrijven aan een hogere botsingsfrequentie; het dominante effect is de grotere fractie deeltjes boven E_a.
  • Denken dat de oppervlakte onder de verdeling groter wordt bij hogere temperatuur; die blijft gelijk, alleen de verdeling verschuift naar rechts.

Actieve herhaling

Leg met de Maxwell-Boltzmann-verdeling uit waarom een temperatuurstijging van 10 °C de reactiesnelheid ongeveer verdubbelt, terwijl de botsingsfrequentie maar enkele procenten toeneemt.

Actief ophalen

Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.

Bronnen: Examenprogramma scheikunde VWO — temperatuur en reactiesnelheid (College voor Toetsen en Examens (CvTE))

§ 04

Katalyse#

●●○StandaardLPkatalysatorLPhomogeenLPheterogeenLPenzym

Reactieprofiel met en zonder katalysator

Katalyseenergiediagram, 2 toestanden, activeringsenergie Eₐ = 70, reactie-enthalpie ΔH = 25zonder katalysatormet katalysatorEareactantenzonder kat.productenenergie (kJ/mol)reactiecoordinaat
Afb. 4Afb. 4 — De katalysator (gestreept) verlaagt de activeringsenergie via een alternatief pad; begin- en eindniveau (en dus ΔH) blijven gelijk.

Kernpunten

Een katalysator versnelt een reactie zonder zelf te worden verbruikt: hij komt na afloop onveranderd terug. Hij werkt door een alternatief reactiepad met een lagere activeringsenergie mogelijk te maken (afbeelding 4). Doordat de energieberg lager wordt, komt bij dezelfde temperatuur een veel grotere fractie botsingen boven de drempel, en verloopt de reactie sneller. Belangrijk: de katalysator verandert de activeringsenergie, niet de reactie-enthalpie ΔH — begin- en eindniveau blijven gelijk, dus de energieopbrengst verandert niet.
Omdat de katalysator zowel de heen- als de terugreactie versnelt (beide via hetzelfde lagere pad), verschuift hij bij een evenwichtsreactie de ligging van het evenwicht niet; hij zorgt er alleen voor dat het evenwicht zich sneller instelt. Dit is een veelvoorkomend examenonderscheid: een katalysator beïnvloedt de snelheid, niet de opbrengst of de evenwichtsligging.
Katalysatoren worden ingedeeld naar hun fase ten opzichte van de reactanten. Een homogene katalysator verkeert in dezelfde fase (bijvoorbeeld opgelost in dezelfde oplossing). Een heterogene katalysator verkeert in een andere fase, meestal een vaste stof waar gasvormige of opgeloste reactanten aan het oppervlak adsorberen, reageren en weer loslaten — zoals het edelmetaal in de katalysator van een auto. De verdeling in fase bepaalt hoe de katalysator in een proces wordt gebruikt en teruggewonnen.
In de levende natuur zijn enzymen de katalysatoren: eiwitten die met een uiterst specifiek actief centrum een biochemische reactie enorm versnellen bij lichaamstemperatuur. Ze verlagen de activeringsenergie op dezelfde manier, maar met een ongeëvenaarde selectiviteit. Katalyse is daarmee de brug tussen dit hoofdstuk en zowel de chemie van het leven (enzymen) als de industriële en groene chemie, waar katalysatoren processen efficiënter en duurzamer maken.
Uitgewerkt voorbeeld

Werking van een katalysator

Leg uit waarom een katalysator de reactiesnelheid verhoogt maar de reactie-enthalpie en de evenwichtsligging niet verandert.

  1. 01Effect op activeringsenergie

    De katalysator biedt een alternatief pad met een lagere activeringsenergie, zodat meer botsingen effectief zijn: de reactie verloopt sneller.

  2. 02Effect op ΔH

    Begin- en eindtoestand (reactanten en producten) veranderen niet; hun energieverschil ΔH blijft dus gelijk.

  3. 03Effect op evenwicht

    De katalysator versnelt heen- én terugreactie evenveel, dus het evenwicht stelt zich sneller in maar de ligging (en de opbrengst) verandert niet.

Resultaat: Een katalysator verlaagt alleen de activeringsenergie; hij verhoogt de snelheid maar laat ΔH en de evenwichtsligging ongemoeid.

Eindexamen-focus

  • Examendoel: de werking van een katalysator beschrijven als het verlagen van de activeringsenergie via een alternatief pad, zonder verandering van ΔH.
  • Examendoel: onderscheiden dat een katalysator de snelheid beïnvloedt maar niet de evenwichtsligging of de opbrengst.

Veelgemaakte fouten

  • Beweren dat een katalysator de reactie-enthalpie of de evenwichtsligging verandert; hij verandert alleen de activeringsenergie (snelheid).
  • Denken dat de katalysator wordt verbruikt; hij komt na afloop onveranderd terug.

Actieve herhaling

Teken in één energiediagram het reactieprofiel met en zonder katalysator en leg uit waarom de katalysator wel de snelheid maar niet de reactie-enthalpie verandert.

Actief ophalen

Haal de kernpunten op — onthul ze daarna.

Bronnen: Examenprogramma scheikunde VWO — katalyse (College voor Toetsen en Examens (CvTE))

Inhoud

Sectie -- / 04

    • 01Reactiesnelheid en beïnvloedende factoren○
    • 02Botsingstheorie en activeringsenergie◐
    • 03Temperatuur en de Maxwell-Boltzmann-verdeling●
    • 04Katalyse◐

0/4 Gelezen

Van samenvatting naar oefening

Reactiekinetiek en activeringsenergie

Verstevig dit onderwerp met vragen uit de vragenbank.

~11
min
4
Vaardigheden
Oefenen

Referenties en bronnen

Bronnen

College voor Toetsen en Examens (CvTE)

  • Examenprogramma scheikunde VWO — reactiesnelheid

Vorig onderwerp

Energieberekeningen en behoudswetten

Volgend onderwerp

Chemisch evenwicht en evenwichtsconstante

EuraStudy·Samenvattingen T·08·MMXXVI

Ga verder met het volgende onderwerp — je leerpad blijft bewaard.